GEOGRAFISCHE LANDINFORMATIE BELANGRIJK BIJ RAPPORTEREN OVER ONTWIKKELINGSDOELEN

Foto: Glis-directeur, Silvano Tjong-Ahin

Het is belangrijk dat bij de rapportage over hoe inhoud wordt gegeven aan het uitvoeren van de duurzame ontwikkelingsdoelen, lid landen van de Verenigde Naties, dus ook Suriname gedetailleerde landinformatie vermelden.  Het Management instituut,  Grond en Landsinformatiesysteem (MI-Glis) die verantwoordelijk is voor het verzamelen van deze informatie heeft dinsdagavond in de Guesthouse van de Anton de Kom universiteit hierover een lezing laten verzorgen. De bedoeling is om in de eerste plaats bewustwording te kweken bij instituten, overheidsdepartementen en andere organisaties die voor het Glis belangrijk zijn om tot de informatie te komen.

De lezing werd gehouden door  Christiaan Lemmen en Mathilde Molendijk van het  internationaal kadaster instituut in Nederland. Zij hebben vooral gewezen op het belang van het verkrijgen van de juiste informatie, samenwerking met het Glis en de uitdagingen die er zijn voor Suriname. Glis-directeur, Silvano Tjong-Ahin zegt dat het instituut nooit alleen in staat zal zijn om zonder bewustwording en samenwerking, te komen tot de juiste dataverzameling. Met de lezing is een proces van ketenbenadering en betere efficiëntie ingezet bij het Glis.

Een van de belangrijke data voor de rapportage is volgens Tjong –Ahin, een correcte en efficiënte weergave van hoe over het ontwikkelingsdoel, ‘armoede wordt gerapporteerd. “Wij van het Glis zijn verantwoordelijk voor de geografische dataverzameling en het maken van de juiste kaarten. Dat kan je niet doen als je geen goede samenwerking hebt met bijvoorbeeld het algemeen Bureau voor de Statistiek, die precies kan aangeven hoeveel mensen onder de armoede grens liggen, welke soort mensen, en belangrijker nog, waar en hoeveel het aantal mensen bedraagt die onder de armoede grens vallen gesitueerd zijn. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld ook bij de rapportage over de volksgezondheid. Daar moet het Glis samenwerking met in de eerste plaats het ministerie van Volksgezondheid en andere instituten die zich bezig houden met dit ontwikkelingsdoel. Zo kunnen we verder gaan met onderwijs, toegang tot faciliteiten en andere aspecten die zijn opgenomen in de ontwikkelingsdoelen”, zegt de Glis-directeur.

De discussie die volgde op de lezing, concentreerde zich vooral op de bewustwording van alle partijen binnen de ketenbenadering. Samenwerking is volgens de inleiders en het Glis niet een eerste vereiste maar wel wanneer alle betrokkenen een taal spreken, er een gemeenschappelijk doel is en daardoor de dataverzameling goed tot zijn recht komt. Suriname blijkt in tegenstelling tot veel landen een behoorlijke achterstand te hebben als het gaat om geografische dataverzameling volgens het model van het Internationaal kadaster instituut van de verenigde Naties. Tjon –Ahing zegt dat bij het Glis een infrastructuur moet worden opgezet die goed onderhouden wordt. Die infrastructuur moet voorzien zijn van gedetailleerde informatie die uiteindelijk ook toegankelijk is voor het publiek.

Het GLIS voert sedert het vorig jaar in samenwerking met ‘Kadaster International’ het project. ’Ketenverbetering land, data- en informatievoorziening Suriname” uit. Het uiteindelijk effect van deze moet uiteindelijk er in resulteren, dat de rechtszekerheid met betrekking tot de registratie van onroerende goederen wordt verbeterd en dat Suriname daarmee in een veel betere concurrentie positie zal komen te verkeren.

UNITEDNEWS/WILFRED LEEUWIN

Facebook Comments Box