MET IMF HERSTELPLAN KOMT ALLEEN STABILISATIE OP LAGER WELVAARTSNIVEAU
Het ‘Herstel en stabilisatieprogramma dat Suriname met het Internationale Monetaire Fonds is overeengekomen, kent vooraf slechts een zekere uitkomst. Suriname zal zeker voor een paar jaar op een gestabiliseerde lager welvaartsniveau worden gehouden dan voor de crisis het geval is geweest. Tot die vaststelling komt Winston Ramautarsing, voorzitter van de Vereniging van Economisten (VES). Hij sprak donderdagavond tijdens een openbare lezing die werd gehouden door de vakbeweging, over het plan in het gebouw van de Surinaamse Partij van de Arbeid.
De centrale stelling van Ramautarsing is niet als gaan naar het IMF goed is of niet, maar wel als met het IMF, Suriname uit de crisis geholpen wordt. Het plan is volgens de VES-voorzitter niet een economische transformatieprogramma waarin sprake is van diversificatie van de economie en hoe de productie kan worden verhoogd. Dat wordt slechts met enkele woorden gezegd. Alleen een samenhangend programma met gekwantificeerde economische en sociale effecten, per sector, zou maken dat Suriname uit de crisis zou komen en de stap zou worden gezet naar groei en ontwikkeling.
De VES-voorman zegt dat de crisis niet is veroorzaakt door het IMF en die het ook niet zal oplossen. De USD 478 miljoen die het IMF aan Suriname leent is slechts om te stabiliseren en de sociale pijn te verzachten.
Het is een misvatting wanneer gedacht wordt dat de koers van de US-dollar doe nu boven de SRD 7 is omlaag wordt gebracht.
Integendeel, zegt Ramautarsing dat die nog verder omhoog zal gaan. De inflatie van nu 46 % zal ook al nog een lagere tijd in dubbele cijfers worden aangehouden.
Belangrijk is daarom dat het herstel en stabilisatieplan fundamenteel wordt geformuleerd en herschreven. De regering zal serieuze besprekingen moeten voeren met ondernemers en de vakbeweging. Alleen een gemotiveerd bedrijfsleven zal de economie terugbrengen op het pad van groei.
Hinken op alleen de mijnbouwsector
De overheid /regering blijft maar hinken op slechts de verdiensten uit de minerale verdiensten, in plaats van de ontwikkeling van duurzame sectoren te stimuleren. Het herstel en stabiliteitsplan dat door de regering is afgesproken met het Internationale Monetaire Fonds (IMF), praat nergens over uitgewerkte sector plannen voor diversificatie van de economie.
Ramautarsing verwijst in het plan waar gesproken wordt over de inkomsten van de nieuwe goudmaatschappij Surgold en de activiteiten van de Staatsolie raffinaderij. “De impact zal kleiner zijn en zeker de structurele problemen niet oplossen”, zegt Ramautarsing.
Wat nodig is, is een Publieke Sector Investeringsprogramma om private investeringen te stimuleren.
De inleider benadrukt dat het niet de eerste keer is dat Suriname in een soortgelijke crisis is beland. In 1985 tot 1995, diende de eerste crisis zich aan en was het resultaat een stabilisatie van de koers naar Sf 406,- voor de US-dollar. De tweede crisis was die van 1999 tot en met 2002. Toen werd de koers gestabiliseerd op Sf 2800, het schrappen van drie nullen in de munteenheid en de invoering van de SRD. “Echter is er nimmer sprake geweest van structurele veranderingen in de economie. Het ambtenaren apparaat is steeds gebruikt als sociaal vangnet, er is geen groei geweest van de lokale private sector, geen creatie van centrale werkgelegenheid buiten de overheid, terwijl anderzijds dat steeds is overgelaten aan multinationals als de Suralco en Billiton.
Kijkend naar de factoren die hebben geleid tot de crisis van nu, analyseert de VES-voorman voor de externe factoren dat de exportwaarde van goederen in 2009 tot en met 2012 met USD 1.3 miljard steeg en daalde met USD 1.1 miljard in 2013 tot en met 2015. Door de overgewaardeerde wisselkoers bleven de importen hoog. Voor de interne factoren tonen de cijfers aan een overheidsfinancieringstekort over 2013 tot 2015 van gemiddeld SRD 1,2 miljard ofwel 6 procent van het bruto binnenlands product. In 2015 was dat tekort zelfs SRD 1,7 miljard.
Ramautarsing weigert Hoefdraad in persoon te bespreken en hamert op de door de centrale bank zelf geproduceerde cijfers. Hij wijst er wel op dat de kerntaak van de centrale bank is, het beschermen van de interne en externe waarde van de nationale munt. In plaats van de overbesteding van de overheid af te remmen en haar toegang tot lokale financiering te beperken heeft de bank dit juist gefaciliteerd met als gevolg monetaire financiering. Op een volgende valuta-interventies in 2013 tot 2015 hebben de internationale reserves doen slinken van USS 1.008miljoen per begin 2012 tot US$ 370 miljoen medio 2015. De reële groei van het bbp daalde van 2,8 % in 2013 tot 0.1 % in 2015. Naar verwachting van het IMF zal in 2016 de groei – 2% (negatief 2 procent) zijn. De officiële inflatie was in 2015 25 % en de twaalf maandelijkse inflatie in mei van dat jaar tot april dit jaar is 47 %.

UNITEDNEWS/WILFRED LEEUWIN