OLIE-INKOMSTEN STROMEN WEG, SCHULDEN STIJGEN | WIE PROFITEERT VAN GUYANA’S OLIEBOOM?
Fotocompilatie: mediapublicist Glenn Lall, en de president en vicepresident van Guyana, respectievelijk Irfaan Ali en Bharrat Jagdeo.| Bron: Kaieteur News.
Terwijl Guyana zich in recordtempo ontwikkelt tot een van ’s werelds snelst groeiende olieproducenten, groeit tegelijk de twijfel over wie werkelijk profiteert van deze ongekende rijkdom.
Volgens mediapublicist Glenn Lall is ExxonMobil in de praktijk geen klassieke investeerder meer, maar een partij die Guyana’s eigen olie gebruikt om verdere projecten te financieren—met beperkte directe opbrengsten voor het land zelf.
De kern van de discussie ligt in de productieovereenkomst die Guyana met ExxonMobil heeft gesloten voor het oliegebied Stabroek Block. Volgens dit contract heeft Guyana recht op 50 procent van de winst. Die afspraak geldt echter pas nadat ExxonMobil zijn investeringskosten volledig heeft terugverdiend. Tot dat moment mag het bedrijf dagelijks tot 75 procent van de olie-inkomsten aanwenden voor zogeheten ‘cost recovery’.
Wat resteert—25 procent van de opbrengst—wordt vervolgens gelijk verdeeld. In de praktijk betekent dit dat Guyana voorlopig slechts 12,5 procent ontvangt, terwijl ExxonMobil de overige 87,5 procent incasseert, zowel voor kostenrecuperatie als winst.
Sinds de start van de olieproductie in december 2019, met het eerste ontwikkelingsproject Liza Phase 1, leek het slechts een kwestie van tijd voordat Guyana zou doorgroeien naar zijn volledige winstaandeel. Maar volgens Lall heeft zich sindsdien een terugkerend patroon ontwikkeld.
Telkens wanneer een project de fase nadert waarin de investeringskosten grotendeels zijn terugverdiend, kondigt ExxonMobil een nieuw ontwikkelingsproject aan. Na Liza Phase 1 volgde Liza Phase 2, waarna verdere uitbreidingen elkaar in rap tempo opvolgden. Nieuwe projecten brengen telkens nieuwe kosten met zich mee, die opnieuw via de olie-inkomsten worden terugverdiend.
Het gevolg: de periode waarin Guyana recht heeft op slechts 12,5 procent van de opbrengsten wordt steeds verlengd. Olie uit eerdere projecten wordt gebruikt om nieuwe projecten te financieren, waardoor de overgang naar het volledige winstaandeel van 50 procent structureel wordt uitgesteld.
De centrale vraag die hieruit voortvloeit, is volgens critici fundamenteel: wie financiert daadwerkelijk de voortdurende uitbreiding van Guyana’s olie-industrie?
Hoewel ExxonMobil de initiële investeringen heeft gedaan, wordt een aanzienlijk deel van de latere projectontwikkeling bekostigd uit de opbrengsten van Guyana’s eigen olieproductie. Daarmee ontstaat een constructie waarbij het land indirect zijn eigen ontwikkeling financiert, terwijl het grootste deel van de opbrengsten voorlopig bij de operator blijft.
Tegelijkertijd vertoont de macro-economische balans een opvallende ontwikkeling. Bij de start van de olieproductie in 2019 bedroeg de staatsschuld van Guyana circa 2,6 miljard dollar. Inmiddels—na een totale olieproductie met een geschatte waarde van meer dan 60 miljard dollar—is de schuld opgelopen tot ongeveer 10 miljard dollar.
Die stijging roept vragen op over de besteding van olie-inkomsten en het begrotingsbeleid. Ondanks de instroom van miljarden blijft de overheid lenen, met bijkomende rentelasten. Kleine financiële tegemoetkomingen aan burgers bieden volgens critici slechts beperkte verlichting van de stijgende kosten van levensonderhoud.
De situatie schetst een paradox: een land dat behoort tot de snelst groeiende economieën ter wereld, maar tegelijkertijd geconfronteerd wordt met een oplopende schuldenlast en vertraagde toegang tot zijn volledige olie-inkomsten.
De analyse van Lall legt daarmee een ongemakkelijke realiteit bloot. Terwijl miljarden aan olieopbrengsten het land verlaten in de vorm van kostenrecuperatie en winstdeling, blijft de vraag overeind wie uiteindelijk het meest profiteert van Guyana’s olieboom.
Zolang nieuwe projecten blijven volgen voordat eerdere investeringen volledig zijn terugverdiend, lijkt het moment waarop Guyana zijn volledige 50 procent aandeel ontvangt steeds verder naar de horizon te verschuiven.
De vraag die resteert is even simpel als indringend: als de rijkdom vertrekt en de schulden blijven, wie wint er dan werkelijk?
UNITEDNEWS|REGIO
