VOORSTEL| IPP-KRACHTCENTRALE OP PARANAM MOET DREIGEND STROOMTEKORT VAN 254 MW OPVANGEN
Auteur: drs. Johan Tjang-A-Sjin.
Om het verwachte stroomtekort van 254 megawatt (MW) in de periode 2025–2029 op te vangen en aan de sterk stijgende industriële vraag te voldoen, is de bouw van een Independent Power Producer (IPP) op het Paranam Industrieel Complex voorgesteld.
Het initiatief, geformuleerd door drs. Johan Tjang-A-Sjin na deelname aan de Summit Duurzaam Suriname 3.0, biedt een concrete oplossing voor zowel de nationale stroomvoorziening als de uitbreidingsplannen van de mijnbouwsector.
Tijdens de recente launching van de nationale duurzaamheidssummit werd benadrukt dat Suriname zich moet voorbereiden op de komende olie- en gasinkomsten. Hoewel het traject zich richt op een lange termijnvisie (2030–2050), schiet de vertaling naar acute, concrete projecten volgens de initiatiefnemer vooralsnog tekort. Zo kampt het land op korte termijn met een energietekort van 254 MW, terwijl goudbedrijf ZiJin alleen al zijn stroombehoefte stapsgewijs ziet toenemen tot 128 MW tegen eind juni 2028.
Dual-fuel opwekking op Paranam
Het plan voorziet in de bouw van een dual-fuel elektriciteitscentrale (RICE-motoren) op Paranam. Deze centrale kan in eerste instantie draaien op zware stookolie (HFO) en naadloos overstappen op aardgas zodra een toekomstig Gas-to-Shore (GtS)-project wordt gerealiseerd.
De verdeling van de energieopwekking is als volgt gestructureerd:
Mijnbouwvoorziening: De stroombehoefte van ZiJin (128 MW) wordt voor 90 MW opgevangen vanuit Afobakka en voor 38 MW via transmissie vanaf Paranam, geregeld via afnameovereenkomsten (PPA’s) met de EBS.
Nationale netvoeding: De IPP levert haar totale productie van 254 MW direct af aan de EBS ter versterking van het landelijke net.
Financieringsmodel van 300 miljoen dollar
De totale investeringskosten voor de centrale worden geschat op 300 miljoen Amerikaanse dollar. Omdat ZiJin de grootste individuele afnemer wordt, wordt het bedrijf voorgedragen als de voornaamste sponsor van het project. In het voorgestelde financieringsmodel brengt ZiJin — eventueel samen met andere stakeholders — 30 procent eigen vermogen in (90 miljoen dollar). De overige 70 procent (210 miljoen dollar) moet worden aangetrokken via internationale ontwikkelingsbanken en commerciële instellingen, zoals de IDB, DFC, IsDB en de Export-Import Bank van China.
Sleutelrol voor toekomstig Gas-to-Shore
Naast het direct opheffen van de schaarste, legt de nieuwe centrale het fundament voor de nationale energietransitie. Samen met de bestaande thermische capaciteit van EBS en SPCS (circa 200 MW) ontstaat een totale capaciteit van 454 MW. Dit levert het benodigde afnamevolume op om een toekomstig Gas-to-Shore-project commercieel en operationeel levensvatbaar te maken. Beleidsmakers worden opgeroepen de haalbaarheid van dit model te toetsen of transparant te communiceren over alternatieve oplossingen voor het energietekort.
INGEZONDEN
