UTZETTING VAN 63 MENNONIETEN: WIE HIELD ZICH NIET AAN DE REGELS, EN WAT ZIT HIER ACHTER?
Auteur: Dr. Bert Schreuders PhD, DBA, CT/HRDC
Laten we het beestje bij de naam noemen. Op 31 oktober heeft de regering 63 mennonieten uit Bolivia het land uitgezet: mannen, vrouwen en kinderen, ‘s nachts opgehaald door politie en leger. Zij werden weggezet als illegalen en boskappers. Geen van beide beschuldigingen houdt stand. Wat wel standhoudt, is dit: de regering heeft haar eigen wet met voeten getreden, en ook de internationale verdragen over gezinsleven en de rechten van het kind die Suriname zelf heeft ondertekend. En zij heeft de rechter bewust ontlopen.
Zij kwamen omdat Suriname hen riep Deze gezinnen zijn niet het land binnengeslopen. Op 6 oktober 2022 schreef het ministerie van Buitenlandse Zaken (BIBIS) dat mennonitische gezinnen welkom waren om drie jaar in onze landbouw te werken. De Staat vroeg zelf om hun namen. Die kreeg zij per omgaande. Daarna deden zij precies wat de Staat van hen vroeg. Tussen februari en april 2024 dienden zij via het officiële aanvraagkantoor 284 aanvragen in voor een machtiging tot kort verblijf, en betaalden daarvoor ruim 16.000 euro. Van de 63 mensen die in Kraka werden vastgehouden, hebben er 54 een aanvraag met eigen registratienummer en betaalbewijs. Illegalen melden zich niet bij de Staat en betalen geen leges. Deze mensen wel.
En het antwoord van de Staat? Twee jaar lang helemaal niets. Twee jaar zwijgen, daarna een vliegtuig Waar ging het mis? Kijk naar de twee kanten van deze zaak. Aan de ene kant staan de gezinnen en Vreemdelingenzaken. Zij deden hun werk. Op 19 september 2025 brachten wij stapels dossiers, met alle originele documenten, naar de onderdirecteur van Vreemdelingenzaken. Daar werd alles beoordeeld. Vreemdelingenzaken vond alles in orde en stuurde het door naar het ministerie van Buitenlandse Zaken. Aan de andere kant staan Buitenlandse Zaken en de President. Daar bleef alles liggen. In elk gesprek dat wij daarna voerden, met ambtenaren van BIBIS en met de ministers Ramdin en Bouva, kregen wij hetzelfde antwoord: het ligt bij de President. De ambtenaren die de dossiers echt hebben bekeken, zagen geen probleem. Het probleem ontstond pas waar Buitenlandse Zaken en de President beginnen. Wat zit hier achter? Toen het erop aankwam, wist de regering niet eens wat haar eigen verhaal was. Op 28 oktober zei de minister van Justitie dat bij Vreemdelingenzaken geen aanvragen bekend waren. Dezelfde dag lekte uit dat de aanvragen zouden zijn afgewezen. Een aanvraag die niet bestaat, kan niet worden afgewezen.
En een aanvraag die is goedgekeurd en doorgestuurd, verdwijnt niet vanzelf in een la. Het wordt nog bonter. De Vreemdelingendienst heeft het verblijf van een deel van deze mensen dit jaar zelf verlengd, tot 17 en 22 oktober 2026. In sommige paspoorten staat zelfs “permitted to work”. U, de regering, verlengde hun verblijf en gaf toestemming om te werken. Een paar weken later noemde u dezelfde mensen illegalen. Wie is hier niet te vertrouwen? Boskap: een beschuldiging zonder één bewijsstuk “Suriname zet mennonieten-gezinnen uit na illegale boskap”, kopte de pers op 30 oktober. Laat het rapport maar zien. De kaart. Het proces-verbaal. Er is niets van dat alles op tafel gelegd. Voor grootschalige landbouw schrijft onze wet een milieustudie voor, waarna de Nationale Milieu Autoriteit beslist. Volgens Key News erkende het ministerie van Landbouw in september zelf dat die studie voorgaat op de cultuurplicht.
Met andere woorden: zolang de milieustudie loopt, hoeft de grond niet in cultuur te worden gebracht, en mag er ook niet zomaar worden ontgonnen. Toch trok de regering in oktober de grondtitel in van het land waar deze gezinnen zouden boeren, omdat er niet was geplant. En nu verwijt zij diezelfde gezinnen dat zij het bos zouden hebben gekapt.
Niet planten mag niet, en ontginnen mag ook niet. Wat zit hier achter? En zelfs als er ergens een milieuregel was overtreden: daarvoor bestaat een eigen procedure. Je zet geen gezinnen het land uit omdat je een milieuprobleem vermoedt. Ondertussen werd het publiek bewerkt met woorden als “illegalen” en “wilde occupanten”. Bij een van de berichten stond zelfs een foto van een heel andere groep, uit Belize. Zo wordt geen nieuws gemaakt, zo wordt een vijandbeeld gemaakt. Sinds 1 oktober moeten Bolivianen en Mexicanen een visum hebben voor Suriname. Waarom deze nieuwe regel alleen voor Bolivianen en Mexicanen, precies de landen waar de mennonieten vandaan komen? Tegelijk lopen hier grote aantallen vreemdelingen zonder papieren rond, en daar gebeurt niets mee. Juist de groep die zich meldde, registreerde en betaalde, werd ‘s nachts opgehaald. Dat heet met twee maten meten, en onze Grondwet verbiedt het.
Wet overtreden, rechter ontlopen Op het moment van de uitzetting lag er een verzoek bij de President om het besluit te herzien. De Vreemdelingenwet is daar glashelder over: zolang een herziening loopt, mag niemand worden uitgezet. De advocaat van de Staat wees zelf op die herzieningsweg. De regering wist het dus. Twee dagen later zou bovendien de rechter de zaak behandelen. Toch ging het vliegtuig. Zonder advocaat, zonder tolk. Drie moeders bleven met hun baby’s achter, gescheiden van hun mannen. Acht mensen die al ruim tien jaar in Bolivia wonen, dreigden naar Mexico te worden gestuurd. Iedereen kreeg een stempel en een inreisverbod van een jaar. Heeft u ook last van plaatsvervangende schaamte? Dat is geen handhaving. Eerst blijven de aanvragen jarenlang hangen bij Buitenlandse Zaken en de President. Dan volgt ineens een nachtelijke klopjacht op 63 vreedzame boeren, onder wie veel kinderen. Duizenden illegale goudzoekers mogen intussen ongestoord doorgaan met het vernietigen van ons bos en onze rivieren. Maar 63 mensen die zich netjes hadden gemeld, moeten binnen een week het land uit. Wat zit hier achter? Wie betaalt de rekening?
Suriname zegt al jaren dat het minder voedsel wil importeren en buitenlandse investeerders in de landbouw zoekt. Nu heeft het precies de mensen weggestuurd die dat konden: grootschalige landbouwers met kennis die hier ontbreekt. In Zuid-Amerika wordt meegekeken, en de les is simpel: wie op uitnodiging naar Suriname komt, zich meldt en betaalt, kan midden in de nacht worden opgehaald. Welke investeerder komt daarna nog? De gezinnen zelf verloren alles: huis en bedrijf in Bolivia verkocht, machines en spullen nog in Suriname, geen inkomen, en een naam die door het slijk is gehaald. Een regering die het meent met de landbouw, had deze mensen zelf uitgenodigd voor een gesprek.
De President zei zelf dat mennonieten in de kustvlakte welkom zijn. Dat gesprek is nooit gevoerd. Er kwam een vliegtuig. En die kustvlakte? Het eigen onderzoek van de overheid zegt iets anders. De AgroEcologische Zonering van 2017, gemaakt door het Planbureau samen met LVV, ROGB en het Braziliaanse Embrapa, laat zien dat ruim 60 procent van de jonge kustvlakte ongeschikt is voor alle onderzochte teelten. Van de grond die goed is voor maïs, ligt zo’n 85 procent juist landinwaarts, op de oude kustvlakte en de plateaus daarachter. United News zette dat op 19 oktober op een rij in “Landbouw alleen in de kustvlakte? Wat de bodem in Suriname zegt”. Waarom stuurt een regering grootschalige boeren dan naar grond die volgens haar eigen onderzoek grotendeels ongeschikt is? Zelfs in De Nationale Assemblée is de schaamte voelbaar. DNA-lid Jerrel Pawiroredjo zei deze week in To The Point dat hij zich “een beetje geschaamd” heeft toen hij vrouwen en kinderen zag uitzetten. Hij herinnerde eraan dat Suriname een land van immigranten is: op de inheemsen na zijn wij allemaal ooit van elders gekomen.
Zo gaat dit land nu om met immigranten die zich netjes melden. Vragen die de regering moet beantwoorden 1. Waar is het besluit op de 284 betaalde aanvragen? 2. Hoe kunt u mensen illegaal noemen wier verblijf u zelf hebt verlengd? 3. Waar is het bewijs van de boskap? 4. Waarom werd de herziening bij de President niet afgewacht, zoals de wet voorschrijft? 5. Waarom werd de rechter niet afgewacht, twee dagen voor de zitting? 6. Wie besliste dat moeders met baby’s van hun mannen werden gescheiden? Deze vragen kan de regering in de pers ontwijken. Voor de rechter niet. Dus nog één keer, en dan zonder omwegen: wat zit hier achter? Wordt vervolgd in de rechtbank.
INGEZONDEN
