HOE KAN JE CORPORATE GOVERNANCE IMPLEMENTEREN IN SURINAME?
Foto : Congres van FinanceSuriname d.d. 15 oktober 2016 in Reeuwijk Foto: Waldo Koendjbiharie
Op het congres “Zakendoen met Suriname” van Stichting FinanceSuriname op 15 oktober 2016 in Reeuwijk heeft Prof. Dr. Peter Diekman RA een leerzame en professionele presentatie over “Corporate Governance” gehouden. Op 19 oktober heb ik (Dennis Lapar) de heer Peter Diekman gevraagd een artikel over dit onderwerp te schrijven. Ik ben zeer verheugd, dat de heer Peter Diekman onderstaand artikel geschreven heeft. De mensen, die niet op het congres aanwezig konden zijn, hebben nu de mogelijkheid kennis te nemen over het onderwerp “Corporate Governance”.
Corporate Governance
Dr. Peter Diekman RA
Corporate Governance gaat over het maken van afspraken ten aanzien van het besturen van organisaties. Het gaat over ‘goed besturen’ en ‘verantwoord besturen’ van organisaties. In beginsel omvat Corporate Governance zowel het besturen van overheidsorganisaties, non-profit organisaties als ook commerciële ondernemingen ofwel bedrijfsorganisaties. In het hiernavolgende zal de aandacht vooral zijn gericht op de organisatie van ondernemingen.
Ondernemingen bestaan al heel lang. Een onderneming is een samenwerkingsverband van mensen die tot doel hebben geld te verdienen door producten te maken, te verkopen of diensten te verlenen. De winstdoelstelling heeft vele jarenlang als belangrijkste doelstelling van de onderneming gegolden. Nog steeds is het zo dat een onderneming alleen goed kan blijven fungeren wanneer alle activiteiten uiteindelijk winstgevend zijn. Toch is er in de tweede helft van de vorige eeuw een maatschappelijke discussie op gang gekomen over de vraag of ‘winst’ de enige doelstelling zou moeten zijn of dat er wellicht ook andere, meer maatschappelijke doelen, door de onderneming zouden moeten worden nagestreefd. In de jaren 70 en 80 van de vorige eeuw is die discussie uiteindelijk uitgemond in het maken van afspraken over wat maatschappelijk gezien ‘goed ondernemingsbestuur’ is. Dergelijke maatschappelijke discussies hadden plaats in veel landen, waaronder ook in Nederland. De discussies mondden uit in het opstellen van Corporate Governance Codes. In Nederland heeft dat in eerste instantie geleid tot de zogenaamde 40 aanbevelingen van de Commissie Peters. Later zijn deze 40 aanbevelingen herzien en samengevat in de Code Tabaksblat, de eerste echte Corporate Governance code in Nederland. De code Tabaksblat is geëvalueerd door Prof. Jean Frijns, die de grondlegger is van de huidige Nederlandse Corporate Governance Code. Verwacht mag worden dat een nieuwe Nederlandse Corporate Governance Code het licht zal zien aan het einde van 2016 of begin 2017. De grondlegger hiervan is Prof. Jaap van Manen.
Zoals gezegd zijn er ook bekende codes in andere landen ontwikkeld. Een van de meest bekende codes, die overigens in veel landen in de wereld als voorbeeld is gebruikt is de Engelse Combined Code uit 2008. De bakermat van de Corporate Governance codes is toch wel de code die is gemaakt in Engeland door Sir Adrian Cadbury, ofwel de Cadbury code van 1992.
Goed ondernemingsbestuur is een breed begrip. Ondernemingen kunnen worden gezien als maatschappelijke entiteiten die een zekere maatschappelijke verantwoordelijkheid hebben. In de eerste plaats betreft dit een verantwoordelijkheid voor de werknemers in de onderneming. Het is een verantwoordelijkheid van de onderneming om te zorgen voor een goede en veilige werkplek, om eerlijke en gelijke kansen te bieden aan mensen zonder onderscheid te maken in ras, geloof, seksuele geaardheid, om voor de arbeid een passende beloning te betalen en om invulling te geven aan een zekere zorgplicht van de onderneming naar de werknemers. Bij grote ondernemingen en ook wanneer sprake is van risicovol werk zou bijvoorbeeld het in stand houden van een arbo- of bedrijfsgeneeskundige dienst tot de zorgplicht kunnen worden gerekend.
Ondernemingen hebben ook verantwoordelijkheden jegens de maatschappij in het algemeen. In alle gevallen wordt door ondernemingen in zekere zin een aanslag op het milieu gepleegd. In dit verband kan worden gedacht aan het vestigen van kantoren waarvoor grond en ruimte worden gebruikt. In andere gevallen spreekt de aanslag op het milieu wellicht meer tot de verbeelding, bijvoorbeeld wanneer sprake is van uitstoot van (gevaarlijke) stoffen, afvalwater, bodemverontreiniging of een (ernstige) mate van geluidsoverlast. De maatschappij accepteert tot op zekere hoogte deze aanslag op het milieu en de leefomgeving omdat het ‘ondernemen’ uiteindelijk winst oplevert, werkgelegenheid biedt en we er allemaal economisch beter van worden. Maar, dat accepteren kent grenzen. Dit was de kern van de discussie in laatste decennia van de vorige eeuw. Ondernemingen werden gewezen op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid en werden aangespoord om zich aan de Corporate Governance code te houden. In dit verband wordt gesproken van ‘Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen’ (MVO) of in internationaal verband: corporate social responsibility. Om aan MVO te doen moet de onderneming kosten maken en zal de winst enigszins worden gedrukt. Deze kosten moeten worden gezien als een prijs die de onderneming moet betalen om te mogen bestaan en om de samenleving in zekere zin te belasten wegens het ondernemen.
De discussie over MVO en Corporate Governance staat in Suriname nog in de kinderschoenen. Toch is het duidelijk zichtbaar dat het onderwerp ook in Suriname leeft. Enkele jaren geleden is de Centrale Bank van Suriname gekomen met een gedragscode voor banken. Kernpunt in deze gedragscode is de zorgplicht van de bank jegens de cliënten. De Surinaamse bankencode kan als een pendant worden gezien van de bankencode die in Nederland van toepassing is. De bankencode heeft wel een wettelijke verankering in de Wet toezicht bank- en kredietwezen, die de Centrale Bank het recht geeft een dergelijke code uit te vaardigen. Hierbij moet wel worden aangetekend dat de jurisdictie van de Centrale Bank ziet op banken en niet op andere (grote) ondernemingen. Enkele ondernemingen in Suriname hebben een eigen gedragscode ontwikkeld en hebben aldus zelf afspraken gemaakt die in lijn zijn met de afspraken die in Corporate Governance codes staan. Deze Surinaamse ondernemingen doen dat op vrijwillige basis. Suriname kent nog niet een wettelijke verankering van Corporate Governance.
Het zou goed zijn wanneer de maatschappelijke discussie over wat wordt verstaan onder MVO in Suriname wordt gevoerd. Dit zal een brede maatschappelijke discussie moeten zijn waaraan verschillende partijen deel zouden moeten nemen, waaronder:
– De politiek
– Werkgevers
– Werknemers
– Wetenschappers
Een belangrijke reden om deze discussie te voeren en om tot een Surinaamse Corporate Governance code te komen, verankerd in de wet, is dat het een belangrijk aspect is in de risicoanalyse die internationale ondernemingen maken wanneer zaken met Surinaamse partners worden gedaan. Het hebben van een deugdelijke wetgeving, Corporate Governance codes en een systeem van toezicht en handhaving heeft een sterk positief effect op de risicoperceptie van de internationale zakelijke gemeenschap jegens Suriname. Daarmee is het een voorwaarde om de potentiële Surinaamse rijkdom en de comparatieve voordelen van Suriname in het internationale economische verkeer om te zetten in reële welvaart.
Blaricum, 19 oktober 2016
UNITEDNEWS | DENNIS LAPAR