DE SURINAME RIVIER VAARGEUL MAG NIET ONDIEP RAKEN ANDERS ZAL PLAN INTERNATIONALE DIEPZEEHAVEN PORTAAL VERLOREN GAAN

Suriname doet er goed aan de bauxiet industrie veilig te stellen en te behouden. Het is de garantie voor een groot industrieel apparaat, dat ook nadat er geen bauxiet meer gewonnen wordt, grote financiële voordelen heeft voor het land. De basis voor dat industrieel apparaat is het transformeren van de haven van Paramaribo tot een internationaal bestemming- en transito portaal, voor het internationaal zee verkeer.

Related image

Tussen de Orinoco– en de Amazone rivier blijkt de Suriname rivier de enige te zijn die geschikt gemaakt kan worden voor het internationaal zee verkeer, die de zogeheten Panama-schepen, die nu in aanbouw zijn, kan accommoderen. “We zijn in het onderhandelen maar al te vriendelijk geweest voor de Alcoa”, zegt directeur Derrick Ferrier(Zie foto boven*)  van het Surinaams economisch onderzoeksbureau Ceswo. Dit bureau heeft jarenlang een studie gemaakt over de aluinaarde industrie en hoe daaruit het beste profijt uit te halen voor Suriname.

Ferrier reageert op de uiteenzetting die voorzitter Dillip Sardjoe van het onderhandelingsteam van Suriname met de Alcoa, via radio ‘abc’ heeft gegeven over de toekomstige plannen met de Bauxietsector. Suriname had beter voor de dag moeten komen en veel meer en meer zekerheden moeten halen uit de onderhandelingen. “Het is aan de zijde van de Alcoa een veel te vrijblijvende aangelegenheid. Wat we van die multinational hadden moeten afdwingen is het presenteren van een werkplan, waarmee Suriname de wereld in kan gaan shoppen. Suriname moet zelf geen geld steken in de nieuwe haven en ook niet in een nieuwe aluinaarde fabriek of het rehabiliteren van de bestaande fabriek te Paranam. Anderzijds moet ook niet verwachten worden dat Alcoa dat zal doen.

Suriname zal met een deugdelijk werkplan de internationale markt moeten opgaan om belanghebbenden te zoeken voor de aluinaarde industrie. “Maar we gaan ze alleen kunnen overtuigen dat ze naar Suriname moeten komen als zij de zekerheid hebben dat Alcoa het management van de plant gaat verzorgen en ze gaat bijstaan op de internationale markt om de  aluinaarde te verkopen”, zegt Ferrier.

Het plan van Ceswo, omvat enkele factoren die even belangrijk en bepalend zijn om de moderne haven gestalte te geven en het concurrerend te houden. De eerste vereiste is dat de aluinaarde productie wordt behouden. Dit zal bepalend zijn voor het maritiem vermogen om de moderne schepen in en uit te laten varen en de moderne haven concurrerend te behouden.

Wanneer Suriname geen bulk, in dit geval is de enige mogelijkheid aluinaarde, verscheept, zal de vaargeul ondiep raken zoals nu al het geval is en zal het uiteindelijk doel voor een internationale diepzeehaven portaal verloren gaan.

Momenteel bestaat er vanuit China, die weer eens positieve economische groeicijfers heeft laten registeren, een enorme behoefte aan goederen die komen vanuit de oostkust van Zuid-Amerika. Die goederen moeten via het Suezkanaal naar Azië worden gebracht. De voorlopige schatting is dat voor de komende vijf jaar de behoefte ver boven de 75 miljoen ton zal oplopen. Afgaand op het laadvermogen van een Panama-schip van 60.000 ton zal dat zorgen voor een behoorlijke bedrijvigheid in de haven van Paramaribo van minstens drie schepen per dag, met in de toekomst het drievoudige daarvan.

Het belang van een ondiepe vaargeul met als garantie de verscheping van aluinaarde en daarbij meegenomen dat langs de kust van Suriname de ultieme route is voor het zee verkeer, levert het land meerdere voordelen op. Verwijzend naar nieuwe internationale wetgeving op de moderne scheepvaart waarbij het verboden is afval in zee te dumpen, zal er sowieso een moderne haven nodig zijn waar deze vrachtschepen een transito stop kunnen maken, water en goederen kunnen opslaan en inkopen, die naar andere richtingen verscheept moeten worden. “ Alleen de haven van Paramaribo biedt dat perspectief en daar kunnen we weer ander voordeel uit halen, door het opzetten van een behoorlijke goederen- en diensten apparaat”, zegt Ferrier. Er kan volgens hem zelf sprake zijn van en transito productie van goederen.

Suriname hoeft de rivier niet zelf te baggeren voor het garanderen van de vereiste diepte. Er zijn modellen genoeg om het door anderen te laten doen terwijl Suriname grote financieel voordeel uit weet te halen. “Daar hebben we keer op keer op gewezen”, zegt Ferrier. De maatschappij die de vaargeul wil baggeren en op diepte brengen, heeft wel de garantie nodig dat er volume is voor het belasten van de rivier. Ceswo heeft uitgerekend dat per jaar minstens 1.8 miljoen ton aluinaarde hiervoor nodig zal zijn. ”Dat zijn 30 schepen van 60.000 ton. Wanneer je dat 20 tot 30 jaar lang doet blijft de vaargeul op de gewenste diept. Wanneer bovendien schepen die niets met aluinaarde te maken hebben er gebruik van maken, zoals dat van de transito industrie, heeft Suriname, bij wijze van spreken na 30 jaar de bauxiet industrie niet meer nodig. “We hebben inmiddels dan een heel grote industrie apparaat opgebouwd”, zegt Ferrier. 

Een ander factor is dat de export van aluinaarde niet via de Corantijn, maar via de Suriname rivier moet plaatsvinden. De Corantijnrivier kan niet op de gewenste diepte worden gebracht voor moderne schepen en zal niet dienstbaar zijn aan de economie.

In dit geval zal een mogelijkheid bekeken moeten worden voor het transporteren van erts naar de haven van Paramaribo. Hiervoor is in het plan opgenomen dat, met het oog op ecologische voordelen gebruik moet worden gemaakt van monorails, die voorkomt dat het land fysiek gescheiden wordt.

Het Ceswo plan is bij de overheid niet onbekend. Ferrier heeft persoonlijk en op aanvraag het plan gepresenteerd aan zowel de regeringen tijdens het bewind van ex president Ronald Venetiaan en enkele weken terug ook aan de huidige regering. Hij hoopt dat alsnog hiermee gewerkt zal worden. “We moeten niet al te voorbarig zijn maar goed met Alcoa afstemmen waartoe zij zich verplichten en waartoe wij hun verplichten”, zegt Ferrier. De Alcoa zou te allen tijde het management van de aluminium plant op zich moeten nemen en zich ook verplichten te allen tijde overeenkomsten aan te gaan voor gezamenlijk optreden met andere aandeelhouders of partners op de markt. Een derde belangrijke factor is dat Alcoa zich verbind trainingen te verzorgen in alle geledingen van de operatie.

UNITEDNEWS|WILFRED LEEUWIN

 

Facebook Comments Box