EPA: ECONOMISCHE VOORDEEL OF EUROPESE WURGGREEP VOOR SURINAME

Original Illustration: Robert G Fresson

Al in 2007 toen tussen de Europese Unie en haar voormalige kolonies in deze regio met succes hebben onderhandeld over een nieuw te sluiten economisch en handelsverdrag, bleek dat makkelijker gezegd dan gedaan.

Dat is niet alleen voor Cariforum maar voor alle voormalige Afrikaanse, Caribische en Pacifische (ACP) landen ( 77 in totaal ) het geval. Het tot wet verheffen ofwel ratificeren van een Economische Partnerschapsovereenkomst (EPA) is voor elk ACP-land, gokken met de eigen soevereiniteit, zonder antwoord te hebben gevonden op de vraag als deze samenwerking inderdaad economische voordelen zal opleveren of niets anders is dan een Europese wurggreep

Voorgeschiedenis.
Na de koloniale periode hebben de Europese voormalige koloniale machthebbers op verschillende manieren geprobeerd alsnog politieke en economische macht te hebben in de voormalige koloniën. Onder het mom van ontwikkelingshulp waaraan strikte voorwaarden, vooral politieke en handel, aan verbonden zijn, is in 2000 het Cotonou akkoord ontstaan. Dit akkoord kende twee voorlopers namelijk, het Lomé – en daarna het Yaounde akkoord. In alle drie akkoorden zijn de voorwaarden en regels van de E.U stelselmatig vastgelegd en toegenomen. De vrees voor de afhankelijke positie tegenover het sterke, beter ontwikkeld en rijke Europa, is altijd een doorn geweest in het oog van de voormalige kolonies, nu onafhankelijke republieken. In 2020 loopt het Cotonou-akkoord ten einde en is het de bedoeling dat elk van de 77 landen, individueel met Europa een nieuwe Economische Partnerschapsovereenkomst (EPA) tekent. Het vaststellen van een moment waarop een EPA, uiteindelijk wel geratificeerd moet worden is in de afgelopen 10 jaar twee keer uitgesteld. Tientallen EU/ACP-conferenties zijn gehouden om uitleg te geven over elkaars positie in de EPA-samenwerking, de vele economische uitdagingen, de verwachte moeilijkheden in de steeds concurrerende en vrije wereldmarkt, als ook en vooral tegengas van de ACP-landen op de superieure en bepalende rol die Europa in het partnerschap zichzelf heeft toebedeeld. Het grootste probleem met de EPA is de opgelegde preferentiële positie van de EU dat de ACP landen geen eindproducten, maar grondstoffen mogen exporteren naar de EU. Daarnaast is de markbeheersing door de EU, dusdanig dat de exporten vanuit de ACP-landen ten opzichte van de importen uit de Europese landen, in het niets verdwijnen, om niet te spreken van de afgesproken technische assistentie die Europa weigert volledig te geven aan de ACP-landen.

ACP-conferentie in Suriname
In aanloop op een van de vele ACP/EU-conferentie eind 2012 is in Paramaribo, een van de meest spraakmakende ACP-conferenties gehouden. Spraakmakend omdat ondanks een zware lobby vanuit Nederland, de conferentie niet in Suriname te laten plaatsvinden, Het ACP-EU secretariaat, mede onder druk van de Caribische en Afrikaanse landen dit toch goedkeurde. Naast de aanwezigheid van een top delegatie van de EU, zelf hebben meer dan 350 vertegenwoordigers uit de ACP-landen toen de toon gezet van hoe de relatie met Europa na 2020 er uit moet gaan zien. Het standpunt, samengevat op de eerste persconferentie van die meeting luidde dat,: het in een EPA moet gaan om een partnerschap waar beide partners een belang bij hebben. Er is onomwonden vastgesteld dat niet alleen de ACP-landen behoefte hebben aan fondsen en technologie, maar dat anderzijds Europa de ACP-landen nodig heeft voor hun grondstoffen. Als het om preferenties gaat vinden de ACP-staten dat Europa minder de nadruk moet leggen op de strenge regels van de Wereldhandelsorganisatie (WTO) en minder een grote mond moet opzetten door te stellen dat hij de fondsen op tafel legt. Om deze en andere redenen heeft president Desi Bouterse toen al aangekondigd dat Suriname de EPA niet zal ratificeren. Hoewel een politieke uitspraak, verwoorde Bouterse wel precies de gevoelens van de conferentiegangers met “ wij zijn graag baas in eigen huis.

Standpunten
Aan het begin van de begrotingsbehandeling voor het dienstjaar 2018, heeft NDP-fractieleider en permanente vertegenwoordiger van Suriname bij de ACP/EU geadviseerd dat Suriname, om dezelfde redenen als toen op de ACP-conferentie, de EPA met Europa niet ratificeert. Voorzitter en fractieleider, Chandrikapersad Santokhi van de VHP heeft namens zijn partij enkele dagen daarna het parlement het standpunt voorgehouden van zijn partij. Volgens de VHP biedt het ratificeren van de EPA, Suriname veel meer op dan het niet te ratificeren. De VHP zou, naar zeggen van Santokhi gesproken hebben met het bedrijfsleven en het maatschappelijk middenveld om tot het standpunt te komen. Volgens de VHP ligt het grote voordeel er in dat er een aanpassingsperiode is van 25 jaar voordat het akkoord volledig in werking treed. Daarnaast blijft de importliberalisatie van 85 % voor goederen en 75 % voor diensten bestaan. Dat biedt voldoende ruimte om de eigen productie te beschermen. Er moet een goede voorbereiding op gang worden gebracht voor het treffen van doelgerichte lange termijn maatregelen zoals het hervormen van de overheid en het versterken van het bedrijfsleven en het ondernemerschap. Bovendien voorziet de EPA in de mogelijkheid om in deze fase ontwikkelingsbijstand, van de EU in te roepen.

Niet ratificeren van het akkoord zal een verlies betekenen van de Europese markt met meer dan 450 miljoen consumenten.

Potentiele investeerders kunnen in Suriname niet terecht en uiteindelijk zal in de economie een neerwaartse trend worden ingezet. Dit zal sociaal maatschappelijke gevolgen hebben zoals een toename van de werkloosheid en de criminaliteit. Tot nu toe hebben de andere fracties binnen het parlement nog geen duidelijk standpunt ingenomen.       

Nationale consultaties
De regering heeft nu aangekondigd dat voor een uiteindelijke beslissing voor het wel of niet ratificeren van het verdrag er een nationaal EPA-congres gehouden moet worden. Daar zal niet alleen de politieke, maar ook het bedrijfsleven, het maatschappelijk middenveld, Niet gouvernementele organisaties, vakbonden en andere groepen een ja of nee moeten adviseren. Deze week wordt in Haïti een ACP-EU conferentie gehouden. Daar worden de nieuwe vertegenwoordigers van het Europees parlement en die van de ACP-landen bijeengebracht om elkaar te ontmoeten. Er zal gesproken worden over, het duurzaam ontwikkelen van natuurlijke hulpbronnen, Toerisme en economische groei.  Suriname is in Haïti vertegenwoordigd door de DNA-leden Andre Misiekaba en Jennifer Warsodikromo van de NDP. Het tekenen van een EPA en nu het ratificeren is ook voor sommige Europese landen en probleem door de vele onbeantwoorde vragen en onzekerheden.  

Suriname ’s  vaste vertegenwoordiger op het hoofdkwartier in Brussel advocaat Joyce Naar zegt dat ratificeren van een EPA een nationale en internationaalrechtelijke verplichting is. Ook de EPA kan pas inwerking treden als alle partijen, 28 EU lidstaten en 15 Cariforum landen de EPA hebben geratificeerd (art. 243 EPA). Intussen hebben 6 EU-lidstaten en 6 Cariforum landen (waaronder Suriname ) de EPA nog niet geratificeerd.

Bronnen : DNA /begrotingsbehandeling
                   ACP-conferentie 2012
                   Joyce Naar ( Suriname vertegenwoordiger in Brussel)

 

UNITEDNEWS|WILFRED LEEUWIN

Facebook Comments Box