SURINAAMSE KIPPENKWEKERS MOETEN HARDER AANPAKKEN
De bal ligt bij de private sector om te bewijzen dat zij in staat is om de lokale behoefte aan kip te kunnen dekken. Dinsdag heeft De Nationale Assemblee (DNA) een aanvang gemaakt met wetgeving die de importheffing op kip moet verhogen van 20% naar 40%.
Hiermee komen lokale producenten in een concurrerende positie, maar zoals de zaken er nu uit zien zijn die niet in staat om in te spelen op de vraag.
De Commissie van Rapporteurs (CvR), onder leiding van Jennifer Vreedzaam (NDP), heeft de regering daarover vragen gesteld. De CvR maakt zich zorgen om het consumentenbelang en de prijs van Surinaamse kip indien blijkt dat lokale producenten niet in staat zijn de behoefte in te vullen.
Importkip dekt momenteel 60% van de behoefte en de lokale productie 40%. Verhoging van de importheffing zou naar schatting direct de overhand moeten betekenen voor lokale pluimveehouders.
De CvR is er niet zeker van dat de Surinaamse ondernemers dit in staat zijn te realiseren en kijkt dan ook uit naar de antwoorden en eventuele garanties van de regering. “Heeft de regering nagedacht welke andere maatregelen getroffen moeten worden om de sector noemenswaardig te behouden voor de samenleving?”, stelt Jogi. Hij legde de nadruk op het component van kippenvoer en arbeid dat behoorlijk duur is.
Dit zal ongetwijfeld invloed hebben op de kostprijs waardoor, ondanks de importheffing, de vraag naar buitenlandse kip zal blijven bestaan. “De pluimveesector heeft zeker een behoefte aan doeners en een visie om de sector duurzaam te ontwikkelen en het bestaansrecht te behouden in de toekomst”, was de conclusie van Vreedzaam.
In 2017 zijn de importen wel gedaald, maar dit heeft niets te maken met productieverhoging door lokale kwekers en marktverlies van het importproduct. Volgens Vreedzaam ligt dit eerder aan problemen in de Braziliaanse kipsector. Er kwam een importstop vanwege de uitbraak van een ziekte.
UNITEDNEWS
