Voor mij was die opmerking van Duhigg niks minder dan een enorme opluchting. Jarenlang was het bijhouden van mijn inbox een ware worsteling, want ik wilde voorkomen dat publicisten, bronnen of collega’s te lang zouden moeten wachten op mijn antwoord. Maar blijkbaar was het prima om ze even te laten wachten.

Totdat ik vorige week het  opinieartikel van Adam Grant in The New York Times las. Grant, organisatiepsycholoog en hoogleraar aan businessschool Wharton, stelt dat er een verband is tussen hoe je omgaat met je e-mail en hoe succesvol je bent in je werk. Uit een door hem aangehaald onderzoek onder Microsoft-medewerkers blijkt dat de minst effectieve managers degenen waren die het traagst waren met het beantwoorden van e-mails.

Daarnaast is het volgens Grant ook simpelweg onbeleefd om e-mails te negeren. Tegen mensen die zeggen dat hun inbox bestaat uit ‘andermans prioriteiten’ zegt hij dat jouw prioriteiten ook zouden moeten bestaan uit andere mensen en hun prioriteiten.

Ik heb Grant een aantal keer gemaild om te vragen of ik hem kon spreken over een verhaal waar ik mee bezig ben en hij antwoordde elke keer. Hij wees een interview af, maar kom me wel helpen aan de nodige nuttige informatie. In zijn stuk in The Times raadde Grant aan om mensen die je niet kan helpen, iets te antwoorden als “dit behoort niet tot mijn kennisveld”.