PATTERSON | OVERHEID STAAT EXXON TEVEEL TOE, ZODAT ZE MEER KAN ONTVANGEN
David Patterson | voormalig minister van Natuurlijke Hulpbronnen Guyana
Kritische voorzorgsmaatregelen moeten nog worden uitgevoerd
Nu Guyana zich opmaakt om eind dit jaar de productie van een derde offshore-project in het Stabroekblok te starten, terwijl ook het vierde en vijfde project zijn goedgekeurd, meent de voormalige minister van Natuurlijke Hulpbronnen David Patterson dat er gevaarlijke kortere wegen worden bewandeld om zoveel mogelijk geld te krijgen van haar partner ExxonMobil.
Tijdens een recente persconferentie vertelde Patterson de media dat hoewel het land nog niet voldoende waarborgen heeft ingebouwd voor de productieactiviteiten, de regering doorgaat met meer projecten uit te geven in het Stabroekblok. Niet alleen dat, maar hij uitte ook zijn bezorgdheid over de overschrijding van de veilige exploitatiegrenzen van de twee Floating Production Storage and Offloading (FPSO) schepen, die momenteel olie produceren. Dit is een pijnlijke kwestie die door de staat nog moet worden aangepakt.
Ondertussen produceren beide schepen meer dan 20.000 vaten olie per dag boven hun veilige exploitatielimieten. Volgens Patterson “hebben wij het gevoel dat de regering en ook de exploitant veel te kort door de bocht gaan om zoveel mogelijk geld te krijgen”.
Hij zei dat het Environmental Protection Agency (EPA) de Environmental Impact Assessments (EIA’s) voor de twee operationele projecten niet heeft beoordeeld, terwijl de regering geen uitleg heeft gegeven over de wijzigingen die zijn aangebracht om de verhoogde productiecijfers mogelijk te maken.
Bovendien betoogde Patterson dat er maanden zijn verstreken sinds de exploitant een lekkage van één vat voor de kust van Guyana meldde; de regelgevende instantie moet het land echter nog informeren over de oorzaak van de lekkage en aangeven welke maatregelen sindsdien zijn genomen om lekkages in de toekomst te voorkomen.
In dit verband zei de voormalige minister: “Al onze voorzorgsmaatregelen zijn niet aanwezig, maar we zijn wel op weg het volgend project te sanctioneren. Ik heb gehoord dat de derde FPSO al Guyana is aangekomen en ergens dit jaar moet worden opgestart. Ik twijfel er niet aan dat ze, net als bij Liza One en Liza Two… ze het zullen toestaan dat er veel meer wordt opgepompt, dan wat er eigenlijk mag worden gewonnen, allemaal om de winst te maximaliseren ten koste van ons land.”
Hij verklaarde dat jaren na de start van de productieactiviteiten in het Stabroekblok, er nog steeds geen bewijs is van verzekering door een van de oliemaatschappijen.
Dit, zei hij, wordt in de hand gewerkt door het huidige regime. Hij zei dat de juridische uitdaging van particuliere burgers inzake verzekeringen prijzenswaardig is, omdat het erop lijkt dat “de oliesector in het land vrij spel heeft”. Patterson betoogde ook dat de EPA onlangs opnieuw geen bezwaar heeft gemaakt tegen een MER voor Schlumberger voor de exploitatie van een radioactieve installatie in Houston, East Bank Demerara, in een woonwijk, wat opnieuw de “willoze” en “laissez-faire” aanpak van de regering inzake aardolieaangelegenheden onderstreept.
Hij erkende dat deze sector ongetwijfeld kan bijdragen tot de financiële ontwikkeling van het land, maar dat dit op een verantwoorde manier moet gebeuren. Nu het vierde en vijfde project zijn goedgekeurd, uitte Patterson zijn bezorgdheid over het feit dat de aardoliecommissie nog niet is ingesteld.
Bovendien zei hij dat er problemen zijn met betrekking tot de transparantie van de sector, vooral wat betreft de productiestatistieken. Hij wees erop dat bijvoorbeeld de gegevens over het affakkelen meestal achterlopen. Patterson zei dat dit het vermoeden wekt dat de Guyanezen geen nauwkeurige informatie krijgen.
UNITEDNEWS | GUYANA
