AIRSTRIPS VAN LEVENSBELANG VOOR COCAÏNE SMOKKELAARS

Foto bron: DWT

Door Armand Snijders

Een kleine twee maanden geleden werd in het Tibiti-gebied weer een drugsvliegtuigje ontdekt. Ook werd ruim duizend kilo cocaïne aangetroffen, die vermoedelijk zelfs door twee vliegtuigjes het land binnen was gebracht. Deze onderschepping is echter een druppel op een gloeiende plaat; iedere week droppen eenmotorige vliegtuigjes meerdere keren het kostbare spul ergens op een illegale airstrip in Suriname, volgens informante gaat het zelfs om twee vliegtuiges per dag.

Enkele kilometers achter het recreatieoord Carolinakreek was in 2000 voormalig militair R. met enkele inheemse arbeiders volgens eigen zeggen bezig met de aanleg van een nieuwe dierentuin. Dat riep vragen op, want waarom een dierentuin zo ver weg van de bewoonde wereld, terwijl in de stad Paramaribo Zoo nauwelijks niet eens het hoofd boven water kon houden?

Bovendien zou de beoogde dierentuin op een volstrekt afgelegen plek verrijzen en liepen er geen wegen naar toe. R. en zijn mannen moesten zich iedere dag uren vanaf Carolinakreek door het nagenoeg ontoegankelijke bos een weg zien te banen om de plek waar zij werkten, te bereiken. En pottenkijkers wenste hij niet: belangstellenden werd vriendelijk verzocht de plaats niet te bezoeken.

Wie even de moeite nam om de doopceel van R. te lichten, kwam er al snel achter dat zijn ‘dierentuin’ geen zuivere koffie was. De ex-legerman zou tot de militaire kliek behoren die zich nadrukkelijk met de cocaïnetransporten bezighield.

De inmiddels overleden pater Joop Vernooij had in 2000 – rond dezelfde tijd als de werkzaamheden nabij Carolinakreek – van R. een verzoek gekregen om zijn nieuwe huis op Kwatta in te zegenen. Hij was op het afgesproken tijdstip verbaasd over wat hij aantrof: “Toen ik daar aankwam dacht ik gelijk van dit is narco-architectuur!” Dus dat R. betrokken was bij drugstransporten en airstrips, verbaasde Vernooij desgevraagd ook niet. “Hij strooide met biljetten van 100 US dollar alsof het snoepjes waren. Typisch het gedrag van verwende mensen die geld verdienen met drugs”, zo zei Vernooij, die op 19 maart 2017 in het Nederlandse Nijmegen overleed.

Vernooijs bewering werd destijds bevestigd door de Surinaamse Narcoticabrigade, die verklaarde er van op de hoogte van te zijn dat R. een landingsstrip aan het aanleggen was voor toekomstige drugstransporten. Maar hij kreeg er lucht van dat de Narcoticabrigade getipt was en staakte abrupt zijn werkzaamheden bij Carolinakreek. Hij ging vervolgens vermoedelijk elders aan de slag.

Het vreemde is echter dat de Narcoticabrigade nooit onderzoek heeft gedaan naar de airstrip in wording of R. daar nimmer over gehoord heeft. Zelf zei hij daarover dat de autoriteiten hem niet durfden te ondervragen vanwege zijn contacten in de hoogste kringen. Bij de Narcoticabrigade bleef men stil toen daar om een reactie werd gevraagd.

Het verhaal van de airstrip bij Carolinakreek staat symbool van de hele aanpak van het probleem van de veelvuldige drugstransporten, die meestal vanaf Colombia, Brazilië en (in mindere mate) Venezuela plaatsvinden en op een airstrip in de Surinaamse jungle eindigen. De Surinaamse justitie weet vaak wel dankzij tips wel van die illegale tijdelijke vliegveldjes af, maar treedt er zeer zelden tegen op. “Daarvoor ontbreekt de mankracht, het geld en het materieel”, luidt de verklaring. Maar ook omdat militairen bij de handel betrokken zijn.

Volgens ingewijden speelt dat de drugsbonzen er heel wat geld voor over hebben om de locatie van de landingsbanen geheim te houden. Dus als er een vliegveldje in de buurt van een dorp wordt aangelegd, dan zorgt men er voor dat iedereen in dat dorp daarvan meeprofiteert door dat de bewoners bijvoorbeeld de baan mogen onderhouden. Of door de piloten eventueel onderdak te verlenen en de drugslading te helpen versjouwen. Daar krijgen ze fors voor betaald, vele malen meer dan ze in een jaar kunnen verdienen met een gewone baan, áls ze die al hebben.

Om er helemaal zeker van te zijn dat ze met rust worden gelaten, kopen drugsbaronnen ook op grote schaal mensen bij justitie om. “We hebben daar een paar infiltranten zodat we vrijwel altijd weten waarvan de politie op de hoogte is. Zodra we dat weten, betalen we de juiste mensen om te zwijgen”, legt een drugssmokkelaar uit. En zo worden al zeker veertig jaar via airstrips vrijwel dagelijks ongestoord één of meerdere vliegtuigladingen cocaïne het land binnengebracht. Van de opbrengsten zou de jaarlijkse begroting van het land moeiteloos gedekt kunnen worden.

De onwil of onmacht van de autoriteiten bij de drugsbestrijding bleek ook uit de verklaring die het Openbaar Ministerie kort na de vondst in het Tibiti-gebied uitgaf over de vernietiging van de illegale landingsbaan. “Dit is gebeurd in het kader van de bestrijding van de transnationale drugscriminaliteit en het beleid van het OM. Het OM zal dit beleid voortzetten door de overige illegale landingsbanen die gebruikt worden voor drugsdroppingen onklaar te maken”, viel daar in te lezen. Daarmee geeft de instantie dus toe dat ze op de hoogte is van “de overige illegale landingsbanen” en dat men die al die tijd ongemoeid heeft gelaten, waardoor de drugsbonzen dus nog altijd vrij spel hebben en hadden. Het OM reageerde niet op vragen hierover.

CRIME

 

Facebook Comments Box