CHRIS RAM EIST HERONDERHANDELING EXXON-DEAL | “NU HET INVESTERINGSRISICO WEG IS, MOET HET CONTRACT OP DE SCHOP”
Foto: De Guyanese registeraccountant en jurist Christopher Ram | Bron: Kaieteur News
Nu ExxonMobil de volledige 55 miljard dollar aan opstartinvesteringen in het Stabroek-blok heeft terugverdiend, is elk investeringsrisico voor de oliegigant verdwenen.
Dat stelt de Guyanese registeraccountant en jurist Christopher Ram. Volgens Ram is dit het ultieme moment voor de regering-Ali om het omstreden Production Sharing Agreement (PSA) uit 2016 te heronderhandelen en een groter deel van de olie-inkomsten voor het land op te eisen.
Ram reageert op de recente bekendmaking van ExxonMobil-CEO Darren Woods dat alle initiële investeringen in het blok zijn terugverdiend. Waar ExxonMobil voorheen 75 procent van de bruto-olieopbrengst opeiste als kostendekking (cost oil) en Guyana slechts 12,5 procent winstolie overhield, ontstaat er nu ruimte voor een gunstigere verdeling.
De jurist haalt scherp uit naar de regering van president Irfaan Ali. Tijdens de verkiezingscampagne van 2020 beloofde de regering het contract te heronderhandelen, maar kwam daar later op terug onder het motto van ‘contractuele heiligheid’.
Volgens Ram biedt het contract (Artikel 32.1) wel degelijk ruimte voor heronderhandeling indien beide partijen instemmen.
Vijf concrete eisen voor een eerlijkere deal
Om te voorkomen dat Guyana miljarden aan inkomsten misloopt, stelt Ram vijf ingrijpende hervormingen voor:
Einde aan belastingvrijstellingen: De regel waarin de Guyanese staat de belastingen van ExxonMobil betaalt (Artikel 15), moet vervallen. Mocht er sprake zijn van een belastingvakantie, dan moet deze strikt worden gelimiteerd tot maximaal tien jaar (tot december 2029) vanaf het begin van de productie.
Verhoging van de royalty’s: De royalty die ExxonMobil betaalt moet per direct worden verhoogd van de huidige 2 procent naar minimaal 6 procent, met een ingroei naar 10 procent binnen vijf jaar.
Scherpere kostenaftrek en strikte ‘ring-fencing’: Elk productieproject moet als een afzonderlijk kostencentrum worden behandeld. Daarnaast moet het maximale percentage voor kostenterugwinning worden verlaagd van 75 naar 50 procent, wat internationaal gebruikelijk is.
Opruimkosten niet ten laste van Guyana: De ontmantelingskosten (decommissioning) moeten volledig door de oliemaatschappijen zelf worden gedragen en mogen niet worden afgetrokken van de olie-opbrengsten. De gereserveerde fondsen moeten bovendien in contanten op een geblokkeerde Guyanese rekening staan, gedekt door garanties van het moederbedrijf.
Schrappen van fiscale voordelen voor dochterondernemingen: De vrijstelling van bronbelasting op dividenden en rente voor gelieerde entiteiten moet worden afgeschaft. Het mislopen van deze heffingen heeft Guyana volgens schattingen van Ram al zo’n 409 miljard Guyanese dollar gekost.
Terwijl ExxonMobil-topman Darren Woods zijn aandeelhouders geruststelt met historische cijfers, blijft de Guyanese overheid opvallend stil. Ram roept de regering op om haar passieve houding te laten varen en de onderhandelingen te openen nu Guyana sterker staat dan ooit.
UNITEDNEWS|REGIO
