CRIMINELEN HEBBEN FLINKE INVLOED IN SURINAAMSE POLITIEK
Foto fragment: Bordo in zijn eigen gemaakte videoclip | Auteur: Armand Snijders
De regering van president Chandrikapersad Santokhi worstelt al drie jaar met de uitdagingen die de financieel-economische crisis met zich meebrengt. Daarnaast is de regering vooral met zichzelf in gevecht en met de vele (corruptie)schandalen die zich in ongekend tempo voordoen.
De Surinaamse opsporingsdiensten hebben vorig jaar november de tanden willen zetten in ‘Monyhond’ Joël Martinus, ook wel bekend als ‘Bordo’. Maar de ondervoorzitter van coalitiepartner Abop weet sindsdien kinderlijk eenvoudig uit de handen van Vrouwe Justitia te blijven. Want die blijkt in Suriname vaak echt blind te zijn. En dus zit de directeur van de Anthony Nesty Sporthal rustig ondergedoken.
Bordo en zijn partijvoorzitter, vicepresident Ronnie Brunswijk, hebben beiden -bij verstek- drugsveroordelingen in het buitenland aan hun broek en in eigen land ook ernstige misdrijven op hun kerfstok. Maar dankzij het ontbreken van afdoende regels in de wet publieke hebben zij topposities kunnen verwerven in de samenleving. Ook omdat president Chandrikapersad Santokhi geen enkel bezwaar heeft tegen criminelen om hem heen, kan er van integer beleid in principe geen sprake zijn.
Want dankzij zijn gedoogbeleid heeft de Nederlandse drugscrimineel Piet Wortel jarenlang ongestoord kunnen rondlopen in Suriname, terwijl hij door de Nederlandse justitie werd gezocht. Zelfs een Nederlands rechtshulpverzoek werd jarenlang door minister Kenneth Amoksi van Justitie en Politie -een partijgenoot van Brunswijk en Bordo- genegeerd en daar werd vorig jaar, toen eindelijk zijn woning in Paramaribo-Noord werd doorzocht, en een kopie van gevonden. Schijnbaar niemand vraagt zich in Suriname af hoe dit geheime document daar terecht is gekomen. Ook Santokhi niet.
Maar dat ga je krijgen als je als president toestaat dat veroordeelde criminelen mede de dienst mogen uitmaken in het land en zelfs openlijk hun tentakels in de justitiële autoriteiten mogen uitslaan. Dat wordt ook gezien als de reden dat Bordo, voordat hij vorig jaar november gearresteerd zou worden op verdenking van moord, drugspraktijken en nog wat andere zaken, zijn hielen kon lichten. Hij was duidelijk getipt, dus het ligt voor de hand dat de connecties van zijn partij(genoten) in het justitiële apparaat daar een rol bij hebben gespeeld, dat wordt nooit onderzocht. Sterker nog, er wordt zelfs nooit hardop over gesproken. Hoe is dat dan wel te verklaren?
Ook bij minder gewichtige zaken kunnen vraagtekens gesteld worden bij de onafhankelijkheid van de justitiële werkarmen, zoals het Openbaar Ministerie en de procureur-generaal. Die dansen volgens menigeen in sommige gevallen te veel naar de pijpen van de regeerders, waardoor zaken niet of onvoldoende worden onderzocht.
U kent al die zaken wel: van HPSG tot de onjuiste benoeming van een incapabele belastingdirecteur en van het fraudeschandaal bij Financiën tot de vreemde gang van zaken bij de SLM, waar met medeweten van de president zaken zijn gebeurd die het daglicht schuwen. Onderzoeken zijn daarnaar ook nooit uitgevoerd. En zo zijn er nog tientallen zaken die als een smet op de regering liggen. Waarbij de mogelijke witteboordencriminelen dus vrijuit kunnen gaan. Of dat nou een minister, topambtenaar of ondernemer is. Meestal gaat het om figuren die gelieerd zijn aan de regering of tot de family&friends behoren.
De openlijke minachting voor alles wat in een rechtsstaat zou moeten gebeuren, is natuurlijk niet iets van deze regering. Bij voorgaande leiders kwam het ook regelmatig voor dat politici of hoge ambtenaren met frauduleuze handelingen wegkwamen. Vooral ten tijde van de regeringen van Desi Bouterse was het schering en inslag dat er weer een bewindsman of -vrouw werd vervangen terwijl het gonsde van de geruchten over strafbare handelingen.
Bouterse zelf is uiteraard de meest prominente Surinamer die tot nu toe elke keer door de mazen van het justitiële net is geglipt. Al bijna zestien jaar probeert hij een straf te ontlopen vanwege zijn rol bij de decembermoorden, hoewel het er nu naar uitziet dat hij voor het einde van het jaar in hoger beroep definitief wordt veroordeeld. En zijn drugsveroordeling in Nederland staat ook nog altijd overeind.
Dat de appel vaak niet ver van de boom valt, blijkt wel dat zoons van zowel Bouterse als Brunswijk in de voetsporen van hun vaders zijn getreden: Dino Bouterse, die door zijn vader was benoemd tot directeur van de Counter Terrorism Unit (CTU), die in Suriname al een aardig strafblad had, liep in 2013 met open ogen in een Amerikaanse val en werd uiteindelijk wegens onder meer drugshandel veroordeeld tot een jarenlange gevangenisstraf, die hij nu nog steeds in de Verenigde Staten uitzit.
Elton Brunswijk werd in september 2014 op Zanderij gepakt met 5,5 kilo cocaïnepasta in zijn koffer en daar later voor veroordeeld. Maar dat is natuurlijk niets vergeleken met zijn vader, die al in 1986 door de Surinaamse politie werd gezocht wegens gewapende roofovervallen, gijzelingen en beschietingen én verkrachtingen. Enkele jaren later werd hij veroordeeld omdat hij een man invalide had geschoten. En toch stond niets hem in de weg om zo’n dertig jaar later vicepresident te worden.
Maar niemand kijkt er in Suriname echt meer van op dat veroordeelde criminelen het voor het zeggen hebben in dit land. Daar kan verandering in komen als de initiatiefvoorstellen die door de VHP-assembleeleden Dew Sharman en Cedric van Samson zijn ingediend voor een nieuwe Kiesregeling en wijziging van de Grondwet, door het parlement worden aangenomen. Als die wetten eenmaal aangenomen zijn, bestaat er dan geen mogelijkheid voor mensen met een strafblad om (vice)president te worden.
Dat zou een eerste stap zijn op weg naar een beter Suriname. Maar om dat echt te bereiken, zullen ook de justitiële autoriteiten ongestoord en zonder beïnvloeding van bovenaf hun werk moeten doen.
ANALYSE
