GAJADIEN WENST INTERVENTIE PRESIDENT OVER BAGGERPROJECT
VHP-assembleelid Asiskumar Gajadien vindt dat president Chandrikapersad Santokhi de aanbestedingsvoorwaarden voor het uitbaggeren van de vaargeul van de Surinamerivier tegen het licht moet laten houden.
Zoals de kaarten nu voor liggen zou de uitvoering van dit project op basis van de gestelde eisen nadelig kunnen uitpakken voor Suriname. Omdat hij geen gewillig oor heeft gevonden bij de minister van Openbare Werken, heeft de VHP-fractieleider deze zaak vrijdag schriftelijk onder de aandacht van het staatshoofd gebracht. “Ondergetekende kijkt uit naar uw reactie in deze, en spreekt de hoop uit dat andermaal nader wordt gekeken naar de voorwaarden van het project, opdat in deze urgentiefase al maximaal profijt kan worden getrokken inzake de lokale verdiencapaciteit, c.q de Surinaamse samenleving”, besluit hij zijn brief.
Gajadien voert aan dat de regering in verband met het weer op de rails krijgen van de economie besloten heeft het baggerproject te laten doorgaan omdat het “een essentiële spil” is in het ondersteunen van de transporteconomie met name importen en exporten van het land. Meer nog is de bevaarbaarheid van de rivier, aldus de politicus, een cruciale randvoorwaarde voor het aantrekken van buitenlandse investeringen en verhogen van de lokale verdiencapaciteit komende uit de aanstaande olie- en gasinvesteringen. “Eerder is door u ook al aangegeven hoe belangrijkdeze investeringen en verhoogde lokale component zijn binnen de Urgentie-en Stabiliteit fasen (2021/2022) van het uitgezette Regeerakkoord”, herinnert Gajadien het staatshoofd.
Hoewel het baggerproject weer is opgepakt rijzen er diverse vragen meent de VHP’er. Zoals de zaken nu liggen kunnen de scope en betreffende voorwaarden belemmerend werken voor de aspiraties van het uitgezette beleid, meent hij.
Gajadien vraagt aan de president wat de basis is voor de gestelde diepgang binnen het huidig bestek van CD -4.50m. In het originele project was een diepgang van CD 5.50 aangehouden, wat als minimaal dekkend werd beschouwd voor schepen die diensten verlenen bij olie- en gasoperaties. “Een diepgang van CD -4.50m wordt derhalve als belemmerend gezien”, aldus Gajadien.
Daar ook de hoeveelheid te verwijderen bagger is teruggebracht van 1 miljoen kubieke meter naar minder dan een half miljoen kubieke meter vraagt het assembleelid wat de ratio daarachter is. Ook vraagt hij zich af of dit gelet op mobilisatie/demobilisatiekosten de Staat niet meer zal kosten. Openbare Werken zou ook van misleiding verweten kunnen worden, vindt hij.
Gajadien wil ook weten welke garanties de baggeraar krijgt daar deze het project moet voorfinancieren. Uit de informatie blijkt dat de MAS een bepaalde baggerfee zal heffen. Gajadien: “Onbekend is op welke manier de baggeraar verzekerd zal zijn van uitbetaling en op welke manier deze middelen ‘earmarked’ zullen zijn, specifiek voor de betaling van de baggerwerken.” Ook over het te plegen onderhoud van de vaargeul stelt Gajadien vragen. Hij merkt op dat beperking van de onderhoudsverantwoordelijkheden binnen de huidige aanbesteding een verkeerd signaal kan afgeven aan de internationale partijen die hun langlopende planningen nu aan het vervaardigen zijn. Het risico ontstaat dat de lokale investeringen hierdoor worden beperkt en dat uitgeweken wordt naar “verzekerde” diepganggebieden. De volksvertegenwoordiger hoopt dat opnieuw naar de aanbesteding voorwaarden van het baggerproject gekeken wordt.
UNITEDNEWS
