GRAAIFLATIE HEEFT ZICH OOK VAN SURINAME MEESTER GEMAAKT

Auteur: Armand Snijders

Foto: Minister Rishma Kuldipsing

Ook Surinamers zijn slachtoffer van graaiflatie, waarbij bedrijven de prijzen van hun producten of diensten verhogen zonder dat ze deze stijging kunnen verklaren. Dus die niets te maken heeft met de op dat moment heersende inflatie.

Het is zo dat de samenleving met forse lastenverzwaringen te maken heeft, vooral door het afschaffen van subsidies op brandstof, elektriciteit en water. Ook ondernemers hebben daar last van. Alles is daardoor de laatste jaren fors duurder geworden. Veel productprijzen zijn echter in onevenredig tempo gestegen. Dat hield geen pas met de jaarinflatie, die de afgelopen jaren op zo’n zestig procent lag.

Voor een ei telde je rond 2018, voordat de grote ontwaarding van de Surinaamse munt begon, gemiddeld 75 cent neer. Vijf jaar later is dat zo’n SRD 8, oftewel meer dan het tienvoudige. Om nog een willekeurig ander voorbeeld te noemen: een liter Nautilus-smeerolie voor de brom vloog van SRD 30 naar minimaal SRD 300, soms zelfs meer. Soft is voor veel mensen niet meer te betalen, een popsicle is tegenwoordig een luxeproduct. En je moet goed zoeken wil je voor SRD 15 nog een stuk badzeep vinden, om maar te zwijgen van toiletpapier dat -zowel import als lokaal geproduceerd- ook minsten in prijs vertienvoudigd is. De lijst met prijzen die de pan uit rijzen, is nog veel langer. Iedereen die regelmatig in winkels komt, kent ze.

Of al deze drastische prijsverhogingen gerechtvaardigd zijn of dat producenten, importeurs en tussenhandelaren een extra slaatje proberen te slaan uit de heersende ellende, is moeilijk met zekerheid te zeggen. Ze hebben de schijn in ieder geval behoorlijk tegen, want feit is dat bij iedere stijging van de valutakoersen en prijzen voor brandstof en nutstarieven, vrijwel alle partijen in de schakel het nodig achten om ook een verhoging door te voeren. En daardoor het gevoel versterken dat zij bijdragen aan de graaiflatie.

Een van de meest opvallende koplopers als het om prijsstijgingen gaat, is het Fernandes Concern wel. Veel mensen kopen al geen soft van bijna SRD 100 meer. Ook de broodprijzen zijn in de afgelopen jaren fors de lucht ingegooid. Voor een wit casinobrood moet de consument tegenwoordig SRD 50 neertellen, terwijl dat in 2019 slechts SRD 8 was. Naast de geldontwaarding worden de verhoogde graanprijzen als gevolg van de oorlog in Oekraïne door het bedrijf genoemd als belangrijkste oorzaken voor die stijging. Maar die graanprijzen zijn de laatste tijd weer wat dalende, wat voor het bedrijf echter geen reden is om te volgen.

Het is een van de voorbeelden waardoor de meeste consumenten in Suriname zich bedonderd voelen. Ze staan ook totaal machteloos, omdat het verantwoordelijk ministerie van Economische zaken, Ondernemerschap en Technologische Innovatie haar controletaken nauwelijks uitvoert. De afdeling Economische Controle Dienst beperkt zich tot het sporadisch controleren van winkels op prijsopdrijving, maar dat is slechts een druppel op de gloeiende plaat. Net zoals het handhaven van de prijzen van basisgoederen, zoals president Chandrikapersad Santokhi heeft beloofd, vrijwel niet is gebeurd en consumenten vaak nog te veel betalen.

Op de prijsbepaling door de producent heeft het ministerie helemaal geen zicht, al wil minister Rishma Kuldipsingh anders doen geloven.

Toen haar vorige week om een reactie werd gevraagd op de zoveelste prijsverhoging van Fernandes, dat de prijs voor een puntje had opgeschroefd naar SRD 8 per stuk, reageerde zij nogal vaag en quasi-verrast. “Ik heb geen officiële melding gehad van Fernandes dat ze hun prijzen gaan verhogen. Indien dat het geval is, dan zullen wij contact met ze opnemen waarom zij zich niet hebben gehouden aan het meldingsbesluit. (…) Als je je prijzen verhoogt, moet je daar melding van maken. De koers is niet gestegen, dus je kan niet praten van een prijsverhoging. Maar we gaan er werk van maken.”

Zo stellig als ze dat zei, zo slap heeft ze zich dus al die eerdere keren bij prijsverhogingen opgesteld, waardoor we nu met graaiflatie in onze maag zitten. Want als bedrijven een meldingsplicht hebben, is er in de periode dat zij op het ministerie de scepter zwaait nooit ingegrepen, laat staan dat er prijzen zijn teruggedraaid. Bovendien is het zeer de vraag of de overheid particuliere ondernemers wel kan verplichten prijsaanpassingen te melden en of dit juridisch wel stand houdt. Mocht dat wel zo zijn, dan is dat niet bevorderlijk voor het aantrekken van nieuwe investeerders om te produceren. Die zullen zich een aantal keren extra achter hun oren krabben voordat ze hun geld hier gaan uitgeven.

OPINIE

 

Facebook Comments Box