HARDE CONFRONTATIE TUSSEN MINISTER EN PARLEMENTARIËRS OVER TRAAG VERLOOP ONDERZOEK KWIKVERDWIJNING
De discussie over het functioneren van de politie is geëscaleerd tot een frontale botsing tussen minister Harish Monorath van Justitie en Veiligheid en parlementariërs. Wat begon als kritiek op ernstige tekortkomingen binnen het korps, mondde uit in een debat over de manier waarop de politie publiekelijk wordt beoordeeld.
De aanleiding voor de irritatie in het parlement is onder meer het uitblijven van duidelijke antwoorden over de verdwijning van honderden kilo’s kwik uit de politiepost Geyersvlijt. Daarnaast willen parlementariërs meer inzicht in de veiligheid, integriteit en interne controle binnen het politiekorps.
Monorath keerde zich fel tegen de wijze waarop sommige DNA-leden zich volgens hem uitlaten over de politie. Hij waarschuwde ervoor dat een volledige veiligheidsdienst niet op basis van incidenten als incompetent of onbetrouwbaar mag worden weggezet. In een omvangrijk politieapparaat zullen volgens de minister onvermijdelijk fouten voorkomen, maar het gaat er volgens hem om dat daarop wordt ingegrepen en waar nodig wordt gecorrigeerd.
De minister stelde dat denigrerende uitspraken over veiligheidsdiensten uiteindelijk het gezag van die diensten kunnen aantasten. Hij verwees daarbij ook naar eerdere kritiek op militairen, waarbij volgens hem eveneens een kleinerende toon is aangeslagen.
Die verdediging van het korps kreeg echter weinig bijval in het parlement. Zowel coalitie- als oppositieleden vonden dat Monorath de kritiek verkeerd benaderde. NDP-fractieleider Rabin Parmessar maakte duidelijk dat het parlement juist de plaats is waar ministers kritisch ter verantwoording worden geroepen.
Volgens Parmessar hebben parlementariërs voldoende aanleiding om vragen te stellen over het optreden en functioneren van de politie. Kritiek en onderzoek moeten volgens hem mogelijk zijn zonder dat kritische vragen worden beantwoord met een aanval op de houding van DNA-leden.
Ook VHP-parlementariër Mahinder Jogi liet blijken dat hij zich niet kon vinden in de toon van de minister. Daarmee bleek de kwestie niet langer een confrontatie tussen regering en oppositie, maar ontwikkelde die zich tot een bredere discussie over de ruimte voor parlementaire controle.
Vooral de verdwenen voorraad kwik blijft daarbij een gevoelig dossier.
Monorath gaf aan dat het onderzoek vooruitgang boekt, maar liet in het parlement nog in het midden wie mogelijk verantwoordelijk is en hoe het grote volume kwik uit de politieopslag kon verdwijnen.
Juist dat gebrek aan concrete antwoorden voedt de onvrede binnen DNA.
UNITEDNEWS
