HET VERLIES VAN CASA BLANCA: TUSSEN BESTUURLIJK ONVERMOGEN EN HET PATRIOTTISCHE VERNIEUWINGSPLAN VAN GERRIT BARRON
Foto: Gerrit Barron naast het recent uitgebrande Casa Blanca
De recente verwoesting van het iconische en historische pand Casa Blanca in het Surinaamse Moengo heeft een golf van discussie losgemaakt over cultureel erfgoed, eigendomsrechten en de verantwoordelijkheid van zowel de overheid als particulieren bij het instandhouden van monumenten. Districtcommissaris Hunswijk van Marowijne-Zuidwest bevestigde dat het deels houten gebouw, dat al langer in verval was geraakt en overwoekerd was door bos, in vlammen is opgegaan als gevolg van overgeslagen vuur tijdens de droge periode. Volgens het gezag was het terrein in het verleden eigendom van de Suralco, waarna het door de overheid werd toegewezen aan een particulier namelijk Gerrit Barron. Dit besluit en het uitblijven van grootschalige investeringen hebben tot veel frustratie geleid in de lokale gemeenschap, waar het pand werd gezien als het kloppend hart en de historische ziel van de regio.
Gerrit Barron, een bekende figuur in Suriname die diep geworteld is in de nationale literatuur en het patriottisme, met name met betrekking tot de geschiedenis van de Marrons, reageert op de ontstane comminicatie en de beschuldigingen aan zijn adres.
Barron legt uit dat hij in 2020 de beschikking over het terrein ontving van de toenmalige president in een poging om Casa Blanca te laten herrijzen als cultureel en economisch middelpunt van Moengo. Zijn plannen omvatten onder meer een permanente tentoonstelling over de geschiedenis van de arbeidersklassen en de oude apartheidssystemen in Moengo, een internationaal restaurant, een ouderensoos en computerbegeleiding voor de jeugd. Na ontvangst van de beschikking liep het formele traject echter vast bij het ministerie en het GLIS, waar hij te horen kreeg dat er administratieve fouten op de kaart stonden die gecorrigeerd moesten worden. Ondanks herhaaldelijke pogingen om dit recht te zetten en het uitvoeren van eigenhandige beheersdaden en schoonmaakwerkzaamheden onder de stichting Fort Boeku, heeft hij naar eigen zeggen nooit meer officiële duidelijkheid of de gecorrigeerde stukken terug ontvangen.
Hierdoor bevindt hij zich in een bestuurlijk vacuüm en wordt hij ten onrechte gestigmatiseerd door kritische geluiden en media die niet de moeite hebben genomen om de feiten te verifiëren bij het kadaster. Ondanks de tragische brand en de status van het pand als een geruïneerd symbool, blijft Barron optimistisch en vastberaden dat er uit de as iets nieuws kan opstaan om dit historische gezicht van Marowijne in ere te herstellen.
UNITEDNEWS
