JOURNALISTEN BEDISCUSSIËREN INTEGRITEIT VRAAGSTUK!

Journalistieke integriteit

De bijeenkomst van actieve journalisten, zaterdagavond in Ons Huis, om te discussiëren over hun beroep, mag gezien de opkomst, en de individuele participatie, zowel kwantitatief als kwalitatief geslaagd worden genoemd. Het initiatief behoeft navolging en is hopelijk de aanzet voor een wederopleving en vooral opheffing van de kwaliteit en ontwikkeling van het journalistieke beroep in Suriname.

De discussie concentreerde zich vooral rond de vraag in hoeverre de integriteit van de journalist op het spel wordt gezet, wanneer die zich, tegelijkertijd uitgeeft en zich bezig houdt met, public relation, voorlichter, propagandist, spotjesmaker, programmamaker en andere vormen van beroepsuitoefening die voorkomen binnen de communicatie en informatiewereld. Een ander vraagstuk, dat een groot deel van de discussie heeft beheerst, was hoe de in Suriname al slecht betaalde journalist zich maatschappelijk en economisch staande kan houden en moet overleven.

Interessant was de bijdrage van collega Xaviera Arnhem. Het thema integriteit voor de discussieavond is gekozen uit een aantal inzendingen van onderwerpen die vooral jonge journalisten hebben opgestuurd. De inzending van Xaviera kreeg de beste ‘like’s. Zij heeft gemotiveerd dat oudere ervaren journalisten die hun sporen hebben verdiend, het misschien te gemakkelijk afgaat om kritiek te leveren op nieuwe generatie journalisten, die geconfronteerd worden met reële huidige maatschappelijke en economische ontwikkelingen in een snel veranderende wereld.

Stellingen en standpunten

Uit de discussie zijn twee standpunten naar voren gekomen. Een deel van de aanwezige journalisten hangt de mening aan, dat de keus aan de individuele journalist moet worden overgelaten om zijn of haar eigen mate en grens van integriteit te bepalen. Het zal aan het publiek liggen een oordeel te vellen over de betrouwbaarheid van de journalist en daarover een waardeoordeel te vellen. Deze mening is mede gebaseerd op het gegeven dat de journalistiek tot een van de vrije beroepen behoort, wat wil zeggen dat er vooral vanuit de overheid andere instituten, organisaties en personen geen regels worden opgelegd. Hoewel in de ontwikkelde westerse wereld vrije beroepen aan veel meer criteria moeten voldoen, is dit binnen de journalistiek de hoofdregel. Deze mening wordt ook nog onderbouwd door het gegeven dat de journalist ook een maatschappelijke positie inneemt in de samenleving. Als individu wordt ook hij geconfronteerd met het maken van keuzes die hem in staat moeten stellen te kunnen overleven, zichzelf te onderhouden en te kunnen voorzien in zijn persoonlijke en maatschappelijke verantwoordelijkheden. Daarnaast biedt het Surinaams werkveld, dus de mediahuizen, volop de gelegenheid aan journalisten om zelf die keuzes te maken. Zo kan bijvoorbeeld bij de radio-omroep, een persoon tegelijkertijd, journalist, nieuwslezer, spotjesmaker, omroeper en nog meer zijn.

De tweede mening is voor sommigen een nogal fanatieke instelling. Die stelt dat juist vanwege het vrije karakter van het beroep, er een voorgeschreven gedragscode moet zijn waaraan journalisten zich dienen te houden en waarop zij aangesproken kunnen worden, als het gaat om het maken van de integriteitskeus. Persoonlijk ben ik een aanhanger van deze stelling. De journalistiek is een universeel beroep gebaseerd op het grondrecht van vrijheid van meningsuiting. Net als in de eerste stelling is ook hier het uitgangspunt dat het een vrij beroep is. Echter is vrijheid niet ongelimiteerd en zeker niet onvoorwaardelijk. Artikel 19 van de grondwet en ook artikel 19 van de internationale verklaring van de rechten van de mens, als ook het verdrag inzage burgerlijke en politieke rechten zijn wat mij betreft daar duidelijk over. Het is dankzij het vrije karakter en om te voorkomen dat journalisten de eigen keus maken, dat in 1954 de internationale federatie van journalisten de code

van Bordeaux heeft aangenomen. ( vernoemd naar de Franse stad Bordeaux, waar de bijeenkomst werd gehouden). Deze code is door de jaren heen onveranderd van geest overgenomen en aan de eigen situatie naar letter aangepast in een eigen journalistieke code, door journalistenorganisaties wereldwijd. De Surinaamse Vereniging van Journalisten heeft ook een op deze code gebaseerd stelsel ethische code en principes vastgesteld en aangenomen. Leden dienen zich hieraan te houden en kunnen er op worden aangesproken.

Realiteit Met de twee opvattingen/meningen staan twee realiteiten tegenover elkaar. Stelling een speelt in op de reële vraag hoe de al slecht betaalde journalist, wel met het gevaar voor het te grabbelen gooien van de eigen integriteit, zich sociaal maatschappelijk en economisch staande zou kunnen houden en weten te overleven. Hoe zeer ik aanhanger ben en blijft van stelling twee, lost die het sociaal maatschappelijk probleem, dat een reëel Surinaams probleem is niet op. Stelling twee geeft mijn inzien wel een waarborging voor een betere beoefening van het journalistieke beroep, gebaseerd op eigen regulatie door middel van vastgestelde criteria ( codes en principes ), zoals internationaal ook gebruikelijk is.

De discussie was gelukkig niet bedoeld om voor een probleemstelling meteen ook een uitgewerkte en werkbare oplossing te vinden. Het laat wel beseffen dat voor die oplossing er nog behoorlijk veel factoren bediscussieerd moeten worden. Om maar te noemen, het ontwikkelingsniveau van journalisten, het rekruteringsproces van mediabedrijven, het herintroduceren van redactie statuten op de verschillende redactie, de instelling van een raad voor de journalistiek die onafhankelijk oordeelt over de kwaliteit van het beroep, een journalisten vakbond en nog vele andere aspecten. Voor nu is het goed om vanuit de literatuur, vakgenoten het volgende na te laten,

Integriteit

Iemand is integer wanneer je eerlijk bent, inlevingsvermogen hebt, positief bent ingesteld, adequaat en zorgvuldig bent. Wanneer je geldende regels en verantwoordelijkheid hoog in het vaandel hebt staan. Daar waar regels ontbreken of niet duidelijk zijn oordeel en handel je op moreel verantwoorde wijze. Handelen waar sociale en ethische normen de maatstaf zijn. Je gaat zorgvuldig om met persoonlijke en gevoelige informatie en schat het in op waarde, uitgaande van de ander. Je maakt wel je eigen positie en belangen duidelijk.

WILFRED

Wilfred Leeuwin (Freelance senior journalist)

Facebook Comments Box