KUNNEN WE SAMEN VERDER?

Auteur & Auteur: Kenneth Sukul.

Op 5 juni de dag van de hindoestaanse immigratie en op 1 juli de afschaffing van de slavernij heeft Suriname weer alle tijd besteed aan hoe wij hier samen kwamen.

Ze heeft nog de Javaanse immigratie- en inheemse dag op 9 augustus, marron dag op 10 oktober en de Chinese immigratie dag op 20 oktober. De regering zou miljoenen SRD hebben vrijgemaakt voor het feesten. Intussen leven grote delen van al deze groepen in armoede en vinden delen daarvan dat zij gediscrimineerd worden en achtergesteld zijn. Ongeveer de helft van de bevolking is intussen het land uit gevlucht.

Democratie en frustratie

Door de steeds toe nemende armoede, komen steeds meer frustraties boven water en vallen er ook doden. Echter durft niemand in de spiegel te kijken, noch durft men elkaar recht in de ogen te kijken en de werkelijke oorzaken te bespreken. Het onafhankelijk land, Suriname heeft in de afgelopen 47 jaren ,10 gekozen regeringen en 9 jaren dictatuur gehad. Geen van ze hebben gezorgd voor welzijn en welvaart voor de samenleving. In 1975 werd er op ondemocratische wijze besloten het aanbod tot onafhankelijkheid van het Koninkrijk der Nederlanden te aanvaarden. En ook daarna kwam er geen overleg hoe wij samen verder zouden gaan.

Het verdeel en heers beleid.

Het beleid van de op een volgende regeringen was gericht op het onder controle houden van de kiezers in Paramaribo. Immers de meeste zetels waren altijd in Paramaribo te halen. Wie in Paramaribo wint vormt de regering. Dus moest de achterban in Paramaribo ”zuiver” gehouden worden. De creolen kregen jobs bij de overheid en werden weggestopt in volkswoningen met bestrate wegen, elektriciteit en telefoon. De hindoestanen en Javanen kregen landbouwpercelen in de districten waar er uiteraard minderzetels te halen was. Terwijl de bosnegers alleen tijdens de verkiezingen werden opgemerkt en voorzien van alcohol, zinkplaten, zoutvlees, buitenboordmotoren en soms lichtmotoren. De inheemsen telden helemaal niet mee. Voor de rest ging alle aandacht naar het terugbetalen van de sponsoren, die uit alle groepen komen, van de partij.

Als er “politieke” problemen waren, m.a.w. als de belangen van de sponsoren niet gediend werden, werd de rassen “kaart” uitgespeeld. Recente voorbeelden daarvan zijn, zeventien februari en 2 mei jongstleden. Op 17 februari 2023 werd er een demonstratie gehouden tegen het beleid van regering Santokhi/Brunswijk. Er zou geprotesteerd worden tegen het beleid dat armoede over het volk bracht. Plotseling werden de koeli’s de schuldigen van de armoede in het land.  Hetzelfde deed zicht ook voor te Pikin Saron op 2 mei 2023. Terwijl de sponsoren het niet eens waren wie de enorme goudadder, in de concessie van het Staatsbedrijf Grassalco te Maripastong, zich mocht toe eigenen en de mensen uit de buurt erbuiten probeerden te houden, werd er tijdens de opstand daartegen, de in de buurt geparkeerde vrachtwagens van de Koelie’s in brand gestoken. Ze werden daarbij beschuldigd van het leeg plunderingen van de bossen. Overigens waren zij aangehuurd om hout te transporteren.

De armoede

De Koelie heeft net als de; Kafri, de Djoeka, de Jampanesie,de Ingi of de Snesie, geen  invloed op het regeerbeleid gehad in de afgelopen 47 jaren. De Surinaamse regeringen werden 24 jaren geleid door een creoolse politicus,18 jaren door de pikin Ingie boi (D. Bouterse) en bij elkaar 5 jaren door een hindoestaanse politicus. Daarbij was er een tussen periode van 31 jaren bij de hindoestaanse politici. De minister die verantwoordelijk was voor grond en het beheer van de natuurlijke hulpbronnen was gedurende 44 van de 47 jaren een creool. Het ministerie van regionale ontwikkeling is vanaf 2000 onder beheer van een marron. Het ministerie van onderwijs is voor het grootste deel van de tijd beheerd door een creool. De ironie wil dat juist de creoolse politici aan de creolen vertellen dat zij achtergesteld zijn? In de afgelopen 47 jaren is geen enkel minister opgestapt omdat zijn ministerie onvoldoende geld ter beschikking kreeg. Ook is geen enkel coalitie gevallen omdat de ministeries van een van de partners te weinig of geen geld had gekregen om ontwikkelingsprojecten uit te voeren voor “haar” achterban.

De ontwikkeling van de samenleving

De politici van Suriname hebben de kraaltjes en spiegeltjes van de kolonisator na 1958 vervangen met muziek tijdens de verkiezingen, een bazokaart, een perceel, een pakket, een baan of een benoeming bij de overheid.  Eerder is vermeld dat de creool, in volkswoningen werden weggestopt. Dat de hindoestanen vandaag “veel” grond hebben komt door het feit dat zij in de districten werden weggestopt om landbouw te bedrijven. Elke aanvraag van grond werd met veel liefde toegewezen. Want daarmee werd hun stem minder waard gehouden. Het neerzetten van elektrische palen voor de verkiezingen die na de verkiezingen weer werden verwijderd, is iedereen bekend. Natuurlijk waren en zijn er onverzadigbare grondrovers ertussen.

Door de joint families konden de hindoestanen kapitaal opbouwen, percelen in Paramaribo kopen en huizen bouwen. De huizen werden aan de kinderen van de creolen verhuurd. Die moesten van hun ouders een huis huren als zij met een vriend of vriendin thuiskwamen. Want volgens de ouders konden twee kapiteins niet in een huis wonen. Door de drang om uit de ellende op de landbouwgronden te ontkomen hebben de hindoestanen en Javanen zich via het onderwijs, met behulp van creoolse onderwijzers, ontwikkeld en de arbeidsplaatsen in Paramaribo veroverd. Het laatste is nu ook gaande bij de marrons. Helaas heeft dat proces weinig tot geen ingang bij de inheemsen gehad.

Racisme

Tussen de mensen uit de verschillende groepen en zelfs de politici is er doorgaans geen sprake van racisme. Behalve bij de verkiezingen of op de momenten waarbij de politici de regeermacht aan het verliezen zijn of willen veroveren. Het bewijs daarvoor zijn de districten Coronie en Para. Na bijkans 43 jaren met regeringen onder leiding van creoolse politici en 7 presidenten uit die districten is er niet een ontwikkelingsproject in die districten uitgevoerd. Als er sprake zou zijn van racisme bij de politici, zouden die districten tenminste beter ontwikkeld moeten zijn dan de rest. In Nickerie en Commewijne werden wel grote projecten(polders) uitgevoerd. Zelfs het Multipurpose Corantijnkanaal, om irrigatiewater voor de polders in Nickerie te verzekeren, hebben zij aangelegd. Maar dat had meer als doel om de hindoestaanse en Javaanse politieke tegenstanders onder uit te halen ten voordele van hun hindoestaanse en Javaanse coalitie genoten.  Feit is dat na 47 jaren onafhankelijkheid de Kafrie’s, de Koelie’s, de Jampanesie’s, de Djoeka’s en de Ingi’s, samen armer zijn geworden. De vraag is willen ze wel samen rijk worden?

De decoraties en samen verder

Elk jaar worden mensen gedecoreerd omdat zij zich zouden hebben ingezet voor de (“hun eigen”) gemeenschap. Sommigen hebben culturele huizen opgezet of beheerd, studies gedaan en zelfs boeken geschreven daarover. Anderen hebben tot in de finesses uitgezocht hoe wij hier samen kwamen. Hoe wij samen verder moeten is na 47 jaren nog steeds geen issue voor de intellectuelen. In feite worden ze gedecoreerd omdat zij helpen de huidige politieke constellatie in stand te houden. De komende jaren kunnen de politieke leiders onverkort verder wijzen naar de kolonisator, de Kafri’s, de Koelie’s etc. als verantwoordelijken voor uw armoede.

INGEZONDEN

Facebook Comments Box