LAATSTE WOORD NOG NIET GEZEGD IN WRAKINGSINCIDENT SPSB- RECHTSZAAK
Auteur: Wilfred Leeuwin
Het laatste woord over het wraken van kanton rechter Danielle Karamatali afgelopen vrijdag in de geruchtmakende rechtszaak van de Surinaamse Postspaarbank (SPSB), is nog niet uitgesproken.
Zeker niet nadat de rechter, na een schorsing van bijkans vier uren de wraking ongegrond verklaarde. Karamatali had hierna liever meteen door willen gaan om deze zaak, onderzoek ter rechtszitting, voort te zetten met een requisitoir van vervolgingsambtenaar Roline Gravenbeek, die meteen ook een strafeis zou doen tegen de verdachten.
Incident rechter en verdediging
Zover kwam het echter niet. De verdediging van de verdachten verzetten zich tegen wat zij noemt een besluit van de kanton rechter die niet wordt ondersteunt door de wet. Volgens hen moet volgens de strafwet de behandeling geschorst blijven totdat, ook volgens de wet de verdachten de gelegenheid is gegeven hoger beroep aan te tekenen tegen het ongegrond verklaren van de wraking. Hiervoor werd verwezen naar het wetboek van Strafrecht. Karamatali hield echter voet bij stuk dat de rechtszaak normaal kon worden voortgezet. Na een korte schorsing bleek de rechter niet op andere gedachte te zijn gekomen. De vier van de zes juristen, Murwin Dubois, Guno Castelen, Naila van Dijk en Richard Tjon A joe die in deze zaak de verdediging vormen van de verdachten, besloten niet met de rechter in discussie te gaan. “Met respect voor u mevrouw de Kanton rechter, maar wij gaan hier niet aan meewerken” zei Dubois die eerder op de dag de gezamenlijke wraking had voorgelezen. Hierna pakten de juristen hun tassen en maakten aanstalten hun toga’s uit te doen en de zittingszaal te verlaten. Het was officier Roline Gravenbeek die voorkwam dat de zitting ontaarde in een waar, mogelijk een requisitoir zou worden gehouden zonder de verdediging van de verdachten. Op haar verzoek voor een onderhoud met de rechter, werd de zitting wederom geschorst en nodigde Karamatali, ook de vertrekkende advocaten uit om in de raadkamer aanwezig te zijn voor een afstemming.
Bij de hervatting bleek de kanton rechter op andere gedachten te zijn gebracht of van mening te zijn veranderd. Zij besliste tot tevredenheid van alle partijen dat de voortzetting van deze zaak en dus het requisitoir van officier Gravenbeek wordt uitgesteld naar 14 juli.
Volgens haar kwam deze wending, ook vanwege ‘het late uur’, (nabij 16.00 uur) hoewel zij eerst normaal de zitting wilde voortzetten.
Wraking
Rechter Karamatali was zichtbaar verrast toen, nadat zij aan het begin van de zitting over wilde gaan tot het requisitor van de officier, maar Dubois haar onderbrak met de mededeling dat hij namens de verdachten een ‘incident’ ( de wraking) wilde opwerpen. Voormalig SPSB – directeur Ginmardo Kromosoeto, en zijn mede vedachten, Gardelito Hew a Kee, Bryan Jurgens, Joy Ten Berge, Robbert Putter en Wantley Sardjo, zijn tot de wraking overgegaan omdat volgens hen de rechter gedurende de twee maanden waarin deze rechtszaak bij haar ter rechtszitting in onderzoek is, uitspraken zou hebben gedaan die voor hen er op neerkomen dat de kanton rechter, nog voordat deze zaak is afgerond, hen geen reden geeft te rekenen op een eerlijk proces. Karamatali zou volgens hen ook procedurele fouten hebben gemaakt, dwingende bepalingen in de wet hebben genegeerd en eigen ideeën erop na houden. Daarnaast zou zij, ondanks zij eerder had aangegeven dat deze behandeling ruim zes maanden in beslag zou nemen, haast hebben om tot een veroordeling te komen. Zij zou volgens hen niet meer in staat zijn een objectief oordeel te geven. “De verdachten stellen dan ook met klem vast dat deze uitzonderlijke omstandigheden zwaarwegende aanwijzingen opleveren voor het oordeel dat er sprake is van vooringenomenheid van u als kantonrechter. Redenen waarom de verdachten thans gebruiken maken van artikel 437 van het Wetboek van Strafrecht en geldende internationale verdragen en verzoeken zij u zich te verschonen” sprak Dubois.
Wraking ongegrond
Na een schorsing die twee uur langer had geduurd dan gepland, werd in het antwoord van Karamatali de wraking in twee gedeeld. Het eerste betrof de verdachten Robert Putter, Joy Ten Berge en Wantley Sardjo, waarvan hun terechtstelling bij verstek plaatsvindt omdat zij in het buitenland zijn. Bij deze drie verdachten werden hun advocaten niet ontvankelijk verklaard. Karamatali verwees hiervoor naar het wetboek van strafrecht waarin zij afleidde dat de wraking door de verdachten zelf moet worden gedaan op de zitting en niet door hun raadslieden, of door een officier van Justitie. De wraking van de verdachten Kromosoeto, Hew A Kee en Jurgens die in voorlopige hechtenis zitten en dus bij elke zitting worden aangevoerd, werd ongegrond verklaard. Reden hiervoor is volgens de rechter dat hoewel deze zaak zeer omvangrijk is het gerechtelijk vooronderzoek twee jaar heeft plaatsgevonden. Volgens haar is samen met de verdachten en hun raadslieden en met de vervolgingsambtenaar een duidelijk tijdschema uitgezet waarin de zaak behandeld moet worden. De reden van de verdediging dat deze rechtszaak langer dan de gestelde zes maanden moet duren vanwege het omvangrijke dossier, vindt zij niet steekhoudend. Zij verweet de advocaten, geen gebruik te hebben gemaakt van de gelegenheid om getuigen op te laten roepen. Hoewel dat nog altijd kan is die gelegenheid niet onbeperkt. De rechter vindt in de wraking het ongegrond dat zij, volgens de verdachten weinig deskundigheid heeft over de materie, omdat zij ter zake deskundigen heeft laten oproepen als getuigen.
UNITEDNEWS
