NIET-WAARBORGEN VAN MENSENRECHTEN VOOR DE LGBTQI-GEMEENSCHAP IS ONGRONDWETTIG EN GELIJK AAN KOLONIALE ONDERDRUKKING
Foto: Jurist Milton Castelen. | Auteur: Wilfred Leeuwin.
In de Nationale Assemblee blijft de vraag of de LGBTQI-gemeenschap dezelfde mensenrechten krijgt, voortdurend terugkeren.
De regering besluit deze groep geen gelijke rechten te geven in het nieuwe Burgerlijk Wetboek (NBW), omdat er volgens minister Kenneth Amoksi eerst een publieke discussie moet plaatsvinden.
De LGBTQI-gemeenschap ziet dit echter als discriminatie. Jurist Milton Castelen benadrukt dat het ontzeggen van mensenrechten aan een bepaalde groep in strijd is met de grondwet en het Amerikaans Verdrag voor de Rechten van de Mens (AVRM). “Dit is hetzelfde als koloniale onderdrukking,” stelt Castelen.
Door de weigering van de regering kunnen personen uit de LGBTQI-gemeenschap geen aanspraak maken op de vele wijzigingen in het NBW, die al een grote impact hebben op de samenleving. De kritiek groeit met elke behandeling in het parlement, vooral als het gaat om huwelijk, familie- en erfrecht. De regering wil pas na een publieke discussie aparte wetgeving, maar niet in het burgerlijk wetboek dat voor alle burgers geldt.
Parlementariërs An Sadi en Suwarto Moestadja van de NDP-fractie hebben opnieuw aandacht gevraagd voor dit probleem. Sadi vindt dat een nationale discussie al in de DNA moet plaatsvinden. “In de grondwet staat dat we niet mogen discrimineren op basis van seksuele oriëntatie.” Ze verwijst ook naar het AVRM dat Suriname heeft geratificeerd. Volgens haar schendt het ontzeggen van mensenrechten deze twee juridische garanties en zal Suriname waarschijnlijk met talloze rechtszaken te maken krijgen. Ze verwijst naar een eerder geval waarbij twee Surinaamse mannen die in het buitenland getrouwd waren, in Suriname werden geweigerd bij de inschrijving bij het CBB, ondanks een toetsing aan de grondwet en het AVRM door het Constitutioneel Hof.
Moestadja vermoedt dat de regering zich heeft laten leiden door het besluit van het Constitutioneel Hof in dat geval. “Maar daardoor laat de wetgever na om de rechten van de LGBTQI in de wetgeving en bijbehorende besluiten over het huwelijk te waarborgen, zowel niet in de aanpassing van de huidige wetgeving als niet in het concept van het nieuwe BW.” Moestadja benadrukt dat Suriname zich moet houden aan internationale verdragen en uitspraken van het Internationaal Hof voor de Rechten van de Mens.
Castelen is het hiermee eens. “Er zijn uitspraken gedaan door het Inter-Amerikaans Hof voor de Rechten van de Mens, het Hof van Justitie en het Constitutioneel Hof die de wetgever verplichten om de nationale wetgeving in overeenstemming te brengen met de Grondwet en het AVRM. Dat de regering en de Nationale Assemblee dit weigeren is een politieke keuze die niet past bij een democratische rechtstaat.”
Hij wijst erop dat volksvertegenwoordigers ook door LGBTQI-personen worden gekozen. “De houding ‘van reken niet op mij’ van volksvertegenwoordigers en de regering naar het LGBTQI-deel van hun electoraat is zeer barbaars. De regering zegt ronduit ‘jullie bekijken het met jullie mensenrechten’ maar we zullen die niet voor jullie veiligstellen in het Burgerlijk Wetboek,” legt Castelen uit.
“De Surinaamse politiek-bestuurlijke leiders tonen aan dat ze nog steeds vasthouden aan het koloniale gedachtengoed dat is verwerkt in het meer dan 150 jaar oude burgerlijk wetboek.” Volgens hem is het gebruik van religie geen excuus. Suriname is een democratische rechtstaat, geen theocratische staat. “Religie wordt willekeurig gebruikt om delen van de samenleving te onderdrukken, net zoals in de slavernij. De geschiedenis herhaalt zich, alleen zijn de onderdrukkers nu gekozen politici.”
UNITEDNEWS
