ONAFHANKELIJKHEID REKENKAMER TER DISCUSSIE BIJ BEHANDELING NIEUWE WET KAMER

Het is voor veel parlementariërs van de oppositie nog altijd de vraag als de onafhankelijkheid van de Rekenkamer van Suriname inderdaad gestalte krijgt in de nieuwe wet die voor dit orgaan nu bij het parlement in behandeling is. Blijkt dat naast de onafhankelijkheid ook onduidelijkheid is over enkele specifieke bevoegdheden die het controle instituut moet hebben om transparant en onafhankelijk haar werk te kunnen doen.

Onder andere VHP-fractievoorzitter Chandrikapersad Santokhie vindt dat hoewel in het algemeen over onafhankelijkheid en bevoegdheden wordt gesproken er in de wet geen specifieke en duidelijke omschrijving wordt gegeven hoe die er uit zou moeten zien. Daarnaast vindt hij dat er voor gewaakt moet worden dat de Rekenkamer niet ondergeschikt wordt gemaakt aan het parlement. Ten aanzien van de bepaling in de nieuwe wet dat de rekenkamer als orgaan, nadat zij een jaarverslag heeft uitgebracht, dat niet met de media mag bespreken roept ook vragen op bij sommige leden.

Assembleevoorzitter Jennifer Geerlings Simons zegt dat deze bepaling er juist is om de Rekenkamer te beschermen, zodat dit orgaan niet bestempeld kan worden een partijdig. Volgens haar is het wel mogelijk dat individuele leden van de kamer een toelichting geven aan de media. Raymond Sapoen van de Vernieuwing en Hervormingsbeweging, vindt deze bepaling in de wet alles behalve een die de onafhankelijkheid en het transparant karakter dat deze wet moet uitademen uitstraalt.

“We hebben juist zo een strenge bepaling in de wet opgenomen om de integriteit van de leden en dat van de Rekenkamer te beschermen”, zegt Amzaad Abdoel (NDP). In zijn motivatie vindt hij dat de kamer haar integriteit te grabbel zal gooien wanneer die in de media treedt over een product dat het zelf heeft geproduceerd. “de kamer zou gemakkelijk gelinkt kunnen worden aan een politieke partij bij een uitleg.

Het is daarom dat wij ook stellen dat leden van de kamer geen andere functies mogen bekleden. Santokhie en ook William Waido ( PL) vinden dat de strafbepalingen in de nieuwe wet scherper en duidelijker omschreven moeten worden. Santokhie zegt dat er een duidelijke omschrijving moet komen in de wet over welke procedure zal worden ingezet tegen politieke ambtsdragers in geval van staatsleningen die niet rechtmatig zijn geschied. Daarnaast moeten de strafbepalingen tegen deze politieke ambtsdragers niet voor meerdere interpretaties vatbaar zijn.

Ook VHP-parlementariër Riad Nurmohamed vindt dat de wet als het gaat om sancties en bepalingen erg onduidelijk is. Het vragen van een onderzoek aan de rekenkamer door de meerderheid van het parlement vindt hij niet juist. Hij vindt dat ook een minderheid van het parlement de rekenkamer kan vragen om nader onderzoek te doen.

“Het is mooi dat we een rapport krijgen van de rekenkamer met extreme gevallen die onderzocht moeten worden, maar wat doen we met het rapport, waar ligt de effectiviteit”, vraagt Nurmohamed. Hij vindt dat in zulke gevallen er niet geschroomd moet worden dat personen die de wet hebben overtreden ook echt in de gevangenis belanden.

UNITEDNEWS

 

Facebook Comments Box