ONDANKS LAGE OLIEPRIJZEN BLIJVEN OLIEMAATSCHAPPIJEN INVESTEREN IN HET SURINAAMS OFFSHORE-GEBIED
Petronas, de nationale oliemaatschappij van Maleisië en het Duitse oliebedrijf Deutsche Erdoel AG (DEA) starten in mei met het boren van de exploratieput Roselle-I in offshore Blok 52. Het boorplatform Ralph Coffman – Rowan dat wordt ingezet voor de exploratiewerkzaamheden is op 18 april vertrokken uit Chaguaramas Bay, Trinidad. De overtocht naar Suriname duurt ongeveer 12 dagen.
Ondanks de lage olieprijzen blijven buitenlandse oliemaatschappijen investeren in het Surinaams offshore-gebied. In 2015 heeft de Amerikaanse oliegigant Exxon-Mobil middels de Liza-1 exploratieput een grote olievondst in offshore-Guyana gedaan. Met deze ontdekking is de belangstelling voor het Guyana-Suriname bekken verder toegenomen. Dit is het gebied dat Guyana, Suriname en een gedeelte van Frans-Guyana beslaat en overeenkomsten vertoont met onder andere Ghana, Côte d’Ivoire in West-Afrika. De ontdekking in Liza-1 zal het inzicht in de geologie van het Guyana–Suriname bekken vergroten en is daarom ook voor Suriname van belang.
Staatsolie is hoopvol gestemd op goede resultaten van de offshore-activiteiten in Suriname.
In totaal zijn er nu 10 internationale oliemaatschappijen bezig met exploratieactiviteiten in het Surinaams offshore-gebied, namelijk: Petronas, Tullow Oil, Statoil, Apache, Kosmos Energy, Inpex, Cepsa, Chevron, Noble Energy en DEA.
Persbericht: Staatsolie Corporate Communication