SURINAME EN CARICOM STELLEN HARDE EISEN OP KLIMAATCONFERENTIE
Er is op de klimaatconferentie in Egypte flink uitgehaald naar rijke geïndustrialiseerde landen voor het vervuilen van de lucht. Ook grote oliemaatschappijen, die veelal hun hoofdvestigingen in deze landen hebben, moesten het ontgelden.
Leiders van het Caribisch gebied hebben harde standpunten kenbaar gemaakt, waaronder president Chan Santokhi die namens Suriname en als voorzitter van de Caricom optrad.
Suriname is één van de weinige landen ter wereld waar er meer koolstoffen worden opgenomen door de bossen dan er worden geproduceerd in het land. Met dit carbonnegatiefresultaat staat Suriname voorop in de rij om in aanmerking te komen voor compensatiefondsen. Het geld is echter uitgebleven.
Santokhi zegt dat de rijke landen hun belofte moeten nakomen om 100 miljard USD per jaar naar ontwikkelingslanden te sturen voor klimaatadaptatie en mitigatie. “Namens alle kinderen en de volgende generatie roepen we historische vervuilers dringend op om hun deel te doen om onze wereld te beschermen. Mijn land doet ons deel met de beperkte middelen en capaciteit”, zei hij.
Ook Gaston Browne, de premier van Antigua, legde namens de kleine eilandstaten in de Caribische Zee een verklaring af. De kleine eilandstaten worden reeds geteisterd door steeds gewelddadigere oceaanstormen en zeespiegelstijging. Zij riepen oliemaatschappijen op om een deel van hun enorme recente winsten beschikbaar te stellen om de gevolgen hiervan op te vangen.
“De olie- en gasindustrie blijft dagelijks bijna 3 miljard Amerikaanse dollar aan winst verdienen”, zei Browne. “Het wordt hoog tijd dat deze bedrijven een wereldwijde CO2-belasting op hun winsten betalen als financieringsbron voor verlies en schade. Terwijl zij profiteren, brandt de planeet.”
Ook ontwikkelingslanden in Afrika riepen op om meer internationale fondsen uit de grond te stampen.
UNITEDNEWS
