SURINAME ZAL HET DE KOMENDE JAREN MET GUYANESE RIJSTSOORTEN MOETEN DOEN
De rijstsector heeft een zeer groot probleem. Er is totaal geen Surinaamse rijstvariëteit dat geproduceerd zou kunnen worden voor export doeleinden. In 2017 zijn er twee rassen ontwikkeld die naar de toenmalige president Desi Bouterse zijn vernoemd: DDB 1 en DDB 2.
Van die ontbreken elk spoor op der rijstvelden van Nickerie. De 2 rijstrassen worden niet langer ontwikkeld voor commerciële doeleinden. Het rijstonderzoeksinstituut Adron is flink afgebrokkeld de laatste jaren, en heeft noch nieuwe rijstrassen ontwikkeld noch gewerkt aan veredeling van bestaande. Vandaar dat Suriname het de komende 5 tot 7 jaren zal moeten doen met Guyanese rijstrassen.
De eerste importen, via de formele weg, hebben reeds plaatsgehad, maar er schijnt ook met het Guyanees product wat mis te zijn.
De rijstboeren zijn niet helemaal tevreden over de rassen die door de Guyana Rice Development Board (GRDB) zijn opgestuurd voor de rijstproductie in Nickerie. Dit terwijl Guyana veel beter kwaliteit te bieden heeft, en die via de smokkelroute wel in Suriname terechtkomen.
Volgens minister Prahlad Sewdien is er communicatie geweest met de Guyanese counterparts om betere kwaliteit naar Suriname te sturen.
Feit is wel dat Suriname voor zeker de komende 5-7 jaren het zal moeten doen met Guyanese rijstrassen, aangezien Adron momenteel niets in te brokkelen heeft. Het onderzoeksinstituut is intussen uit de blubber gehaald, maar het ontwikkelen van een eigen variëteit zal jaren duren. “Het gaat even zo blijven, ik heb geen keus”, zegt minister Sewdien. “Die Adron-rijst degradeert continu.”
UNITEDNEWS
