SURINAME MOET MEER HALEN UIT ANDERE SECTOREN DAN ALLEEN GOUD, OLIE EN ALUINAARDE

De Surinaamse economie heeft dringende behoefte aan meer deviezen inkomsten dan alleen uit de traditionele sectoren goud, olie en aluinaarde. Andere sectoren die met goed beleid, samen misschien wel veel meer dan deze drie kunnen opbrengen zijn onderbenut en leveren een reginge of zelf zeer slechte bijdrage aan het handelsbalans van de staat. In een  uitgebrachte publicatie van het Algemeen Bureau voor de statistiek getiteld ‘handelsstatistieken 2012  tot eerste kwartaal 2015 valt op te merken dat de zwakke economie van het land alles te maken heeft met de afhankelijkheid van slechts drie hoofdinkomstenbronnen. Die afhankelijkheid laat zich steeds weer voelen wanneer de internationale prijzen voor goud, olie en Aluinaarde dalende zijn.

Het handelsbalans van Suriname ( verschil tussen Import  en export van producten en diensten) vertoonde een positief exportgedrag van 647 miljoen Amerikaanse dollars, meer dan het importgedrag van suriname. Het jaar daarop in 2013 daalde was de export 105 miljoen Amerikaanse dollars lager dan het importgedrag. Weer in 2014 vertoonde de balans een positief resultaat van 91 miljoen Amerikaanse dollars meer voor export dan voor import. De Verenigde Staten van Amerika en Trinidad & Tobago behoren tot de eerste zes landen waarmee Surname handel drijft. De VS staat ver boven de rest op de eerste plaatst als het gaat om landen waarnaar toe wordt geexporteerd.

Tijdens een lezing van de Vereniging van Economisten (VES) is naast het handelsbalans van Suriname ook gekeken naar de inkomsten zijde van het monetaire beleid van het land. Fiscaal-econoom Roy Reiger heeft vanuit de data (Financiele Nota 2015) van de Centrale Bank van Suriname (CBvS) aangetoond dat slechts de inkomsten belasting als anker gezien kan worden als het gaat om belastingheffingen. Een schande noemt hij het wanneer op de financiele nota Surinamers met z’n allen slechts een belastingvermogen vertegenwoordigen van SRD 2,4 miljoen. Reiger zegt dat het betalen van belasting een spiegel moet zijn voor de economie van het land. Het gaat er helemaal om wat voor beleid er wordt gemaakt voor hoe met de gelden van de staat en de burgers om te gaan.

Volgens Reiger is belasting betalen geen weggegooid geld wanneer beleidmakers inderdaad begrijpen hoe beleid daarop te maken. Belastinggeld is aleen weggegooid geld wanneer het met ondoelmatig bestuur wordt uitgegeven door de beheerders. Het invoeren van de zo lang aangekondigde ‘belasting toegevoegde  waarde (btw) vindt de fiscaal-econoom dan ook een belangrijke belastingbron, mits daar een goed beleid op wordt gemaakt. Dit belasting systeem past volgens Reiger in een moderne samenleving en is wereldwijd in de meeste landen al ingevoerd.

Bij de presentatie van de ABS-publicatie heeft Chanderbalie Rampersad die hoofd is van de afdeling statistieken aangegeven dat handelstatistieken belangrijk zijn bij het maken van economisch en fiscaal beleid. Hiermee kunnen structurele monetaire maatregelen genomen worden door de regering.  Zo kan ook een beleid worden ontwikkeld hoe, waarover en met welke landen handel gedreven moet worden. De publicatie maakt een specificatie in export- en importstatistieken terwijl een aparte index wordt gewijd aan weder-exporten.

De publicatie die ter beschikking en te koop is bij het ABS moet de overheid onder andere richting kunnen geven bij het aangaan van onder andere handelsverdragen, welke handelsverdragen aangegaan moeten worden  en hoe die op een juiste manier inhoud te geven. Met de data moet het ook mogelijk zijn plannen te maken voor infrastructuur en andere economische aspecten, zoals aan welke exportproducten er meer aandacht moet worden gegeven en een algehele diversificatie van de economie.

Wilfred Leeuwin

Facebook Comments Box