WAAROM GUYANA EN SURINAME BLIJVEN ZOEKEN NAAR OLIE
Bron: OilNow
De wereld beschikt naar schatting nog over olievoorraden die goed zijn voor veertig tot vijftig jaar. Toch zetten landen als Guyana en Suriname onverminderd in op nieuwe olie-exploratie.
Volgens GEOExpro-hoofdredacteur Henk Kombrink is dat geen kwestie van onwetendheid, maar van strategie, marktdynamiek en economische noodzaak.
Tijdens een lezing voor de Geoscience Energy Society of Great Britain op 8 april stelde René Jonk van ACT GEO zich retorisch de vraag waarom olie- en gasexploratie vandaag de dag nog nodig is. Kombrink, die het onderwerp op 11 april in een analyse voor GEOExpro verder uitdiepte, ziet in Guyana het levende bewijs dat zoeken naar nieuwe voorraden nog steeds van cruciaal belang is.
Hij verwees naar het jaar 2015, waarin ExxonMobil twee veelbelovende boorlocaties op het oog had voor de kust van Guyana: Skipjack en Liza. Was het besluit gevallen om eerst Skipjack aan te boren, dan was de wereld mogelijk nooit getuige geweest van de historische vondst in het Liza-blok. Skipjack bleek immers een droog boorgat, terwijl Liza leidde tot een van de belangrijkste olieontdekkingen van het afgelopen decennium. Volgens Kombrink toont dit aan dat succes in exploratie vaak afhangt van toeval, maar dat toeval pas kansen biedt als men daadwerkelijk blijft boren.
Hoewel kritische stemmen vraagtekens plaatsen bij het nut van verdere exploratie in een wereld die naar alternatieve energiebronnen streeft, wijst Kombrink op fundamentele motieven die deze activiteiten rechtvaardigen.
Een stilstaande portefeuille leidt volgens hem onvermijdelijk tot verlies van marktaandeel, en bovendien is het soort olie dat men nog kan winnen van belang. Veel van de resterende wereldvoorraden bestaan uit zware olie met een hogere ecologische voetafdruk en duurdere productie.
De drang om conventionele olie te vinden, zoals voor de kust van Guyana, blijft daarom groot.
Daarbij komt dat energiezekerheid voor steeds meer landen opnieuw prioriteit krijgt. Landen als Nieuw-Zeeland heropenen gesprekken over exploratie, en ook Zuid-Korea’s staatsoliemaatschappij KNOC blijft boren, ondanks recente teleurstellingen. Tegelijkertijd speelt economische drijfveer een doorslaggevende rol. In landen als Guyana, Suriname en Namibië leeft de ambitie om te profiteren van de opbrengsten die olie en gas kunnen genereren. Suriname bereidt zich inmiddels actief voor op de productie door gekwalificeerde arbeidskrachten te werven.
Volgens Kombrink is het duidelijk dat, ondanks wereldwijde oproepen tot een energietransitie, olie-exploratie allesbehalve ten einde is. De ervaring van Guyana toont aan dat onontgonnen gebieden grote beloningen kunnen opleveren – maar alleen voor wie blijft zoeken.
