LATIJNS-AMERIKA EN CARIBISCH GEBIED WERELDWIJDE LEIDER IN OPWEKKING SCHONE ENERGIE

In 2023 werd 64% van de elektriciteit in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied opgewekt uit schone bronnen, ruim boven het wereldwijde gemiddelde van 39%.

De regio blijft daarmee een koploper in de energietransitie, grotendeels dankzij de sterke inzet op waterkracht en een groeiend aandeel wind- en zonne-energie.

Waterkracht blijft de dominante bron van hernieuwbare energie in de regio, goed voor 43% van de totale elektriciteitsproductie. Hoewel deze bron bijdraagt aan een lage CO2-uitstoot, brengt de afhankelijkheid ervan ook uitdagingen met zich mee, zoals gevoeligheid voor droogteperiodes.

De bijdrage van wind- en zonne-energie nam verder toe en bereikte 14% in 2023, net boven het wereldwijde gemiddelde van 13%. Uruguay (39%) en Chili (32%) zijn koplopers binnen de regio op dit gebied. Brazilië speelde een sleutelrol in de groei van hernieuwbare energie en voegde in 2023 maar liefst 36 terawattuur (TWh) aan wind- en zonne-energie toe, goed voor 78% van de totale groei binnen de regio en 7% van de wereldwijde toename.

Het aandeel fossiele brandstoffen in de elektriciteitsproductie daalde naar 36%, vergeleken met 47% in 2015. Hierdoor heeft Latijns-Amerika en het Caribisch gebied een minder koolstofintensieve elektriciteitsproductie dan het wereldwijde gemiddelde, met een uitstoot van 259 gram CO2 per kilowattuur (gCO2/kWh) tegenover een wereldwijd gemiddelde van 480 gCO2/kWh.

Opvallend is de geringe rol van steenkool, dat in 2023 slechts 5% van de elektriciteit leverde. Dit staat in schril contrast met Azië, waar steenkool een belangrijke energiebron blijft. De meeste steenkoolcentrales in de regio bevinden zich in Mexico, Brazilië, Colombia en de Dominicaanse Republiek, en er zijn vrijwel geen nieuwe steenkoolprojecten gepland.

De elektriciteitsvraag in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied groeit sneller dan het wereldwijde gemiddelde. In 2023 steeg de vraag met 4,3%, tegenover een wereldwijde groei van 2,2%. Desondanks blijft het elektriciteitsverbruik per hoofd van de bevolking lager dan gemiddeld: 2,8 megawattuur (MWh) per persoon, tegenover het wereldwijde gemiddelde van 3,7 MWh.

Om de uitstoot verder te verminderen en gelijke tred te houden met de groeiende vraag, is verdere uitbreiding van wind- en zonne-energie essentieel. Tegelijkertijd kan een te grote afhankelijkheid van aardgas, dat nog steeds 24% van de elektriciteitsproductie uitmaakt, zorgen voor een vergrendeling van emissies en kapitaal in fossiele infrastructuur voor de lange termijn.

UNITEDNEWS

 

Facebook Comments Box