BINNENLANDSE ZAKEN HEEFT NIEUW KADER VOOR GEESTELIJKEN IN CONCEPT AF
Het ministerie van Binnenlandse Zaken heeft een leidraad ontwikkeld voor herstructurering van de manier waarop geestelijke leiders die werkzaamheden voor de overheid verrichten worden geregistreerd en vergoed.
Met een nieuwe conceptresolutie wil het departement een einde maken aan jaren van onduidelijke afspraken, gebrekkige controlemechanismen en uiteenlopende interpretaties van de bestaande regeling.
Volgens BiZa is de huidige situatie niet langer houdbaar. In het ontbreken van een gestandaardiseerd kader konden religieuze vertegenwoordigers zich relatief eenvoudig op de loonlijst van de staat plaatsen, terwijl niet altijd duidelijk was welke concrete taken zij namens de overheid uitvoerden. De nieuwe opzet moet transparantie, toetsbaarheid en functionaliteit centraal stellen, zodat publieke middelen aantoonbaar aan overheidsdiensten worden gekoppeld.
De voorstellen zijn onlangs besproken tijdens het Congres van Geestelijke Leiders, georganiseerd door de afdeling Religieuze Aangelegenheden van BiZa in het Nationaal Archief Suriname.
Vertegenwoordigers van verschillende denominaties gingen daar in gesprek over administratieve vereisten, vergoedingensystematiek en registratieprocessen, maar ook over de maatschappelijke rol van geestelijken in een tijd van sociale polarisatie en economische druk.
Een van de belangrijkste hervormingspunten betreft de status en leeftijdsgrens van geestelijken binnen de staatsdienst. Het ministerie onderzoekt een afzonderlijk statuut, mogelijk in de sfeer van ‘landsdienaren’, dat hen in staat stelt hun rol te vervullen tot 70 à 75 jaar. Daarmee zou worden afgeweken van de huidige pensioenleeftijd van 60 jaar, met slechts beperkte verlengingsopties via tijdelijke contracten.
Hoewel financiële en juridische aspecten centraal stonden, werd in de discussie gesteld dat de samenwerking tussen overheid en religieuze organisaties alleen kan functioneren wanneer verantwoordelijkheden en verwachtingen helder zijn.
UNITEDNEWS
