PENEUX WIL GROOTSCHALIG ONDERZOEK NAAR SCHOOLRESULTATEN

Minister Robert Peneux van het Ministerie van Onderwijs Wetenschap en Cultuur heeft een grootschalig onderzoek aangekondigd naar de slechte leerprestaties van de afgelopen jaren.

Het onderzoek zal zich vooral richten op, leerstofprogrammering, afbakening van de leerstof voor de toets en of examenvakken, het niveau van de repetities en schoolonderzoeken, didactische vaardigheden van de leerkrachten, het effect van de stakingen waarbij schooldagen verloren zijn gegaan en hoe verantwoord die stakingen zijn geweest. Dit onderzoek zou door de inspectie van het ministerie uitgevoerd moeten worden op de minder presterende scholen op alle niveaus. Pas na dit onderzoek kan volgens de minister een conclusie worden getrokken. Hij vindt het niet juist dat de slechte resultaten worden toegeschreven aan de attitude van de leerlingen. Peneux trekt alvast de voorlopige conclusie dat er iets structureels mis is met het onderwijs.

De minister presenteerde maandag cijfers aan het parlement waaruit blijkt dat voor het MULO-onderwijs een landelijke score van 75 % nooit is behaald, wat volgens de minister een onderzoek waard is.  Dit jaar is het overall percentage 49 %.Dit geldt ook voor de cijfers van schoolonderzoeken in vergelijking met de examencijfers. Bij schoolonderzoeken is het gemiddelde cijfer 7, hoger dan bij de examens waar het cijfer 5 of minder wordt genoteerd. Peneux benadrukt het belang van het onderzoek, wanneer over het algemeen voor het Mulo onderwijs en het voortgezet wetenschappelijk onderwijs de cijfers voor talen waaronder Nederland, bedrijfseconomie en wiskunde gemiddeld niet hoger zijn dan een 5.

De minister vindt dat goed moet worden nagegaan hoe deze cijfers tot stand zijn gekomen. Wanneer een analyse wordt gemaakt van het vak boekhouden, dan blijkt de taal, Nederlands zeker een belangrijke factor te spelen bij het begrijpen van de leerstof om uiteindelijk een voldoende te behalen. Dit schooljaar hebben zes scholen van het basisonderwijs een resultaat neergezet van 0 % geslaagden en in sommige gevallen ook 0 % herexamen.

Volgens Peneux moet in deze gevallen echt vragen gesteld worden over de serieusheid van de schoolleiding.

Peneux is het volledig eens met de parlementariërs Roche Hopkinson en André Misiekaba dat het curriculum voor de basisschool er niet op is gericht het kind iets bij te brengen maar te bewijzen wat de leerling niet kan.

Vooral bij de rekenvakken blijkt een uit het buitenland nieuw systeem te zijn ingevoerd die ver boven het niveau reikt van de leerlingen. “ De rekenmethode is te abstract, niet creatief en ook niet innovatief”, zegt Peneux. De taal of constructie die wordt gebruikt in de leerstof maakt het begrijpen extra moeilijk. Daarnaast vinden minister en parlementariërs dat er veel te veel ballast is in de leerstof en het onderwijs er niet op is gericht na te gaan wat de werkelijke interesse is van de leerling. Fractieleider Carl Breeveld van DOE, zegt dat te vaak wordt gesproken over evaluaties, onderzoekingen en rapporten en wilde van de minister de garantie dat het onderzoek daadwerkelijk zal plaatsvinden.

UNITEDNEWS|WILFRED LEEUWIN

Facebook Comments Box