TOERISTEN EN LOKALEN MOETEN MEER LEVEN BRENGEN IN WILLEMSTAD

Kevin Jonckheer, voorzitter van de Curaçaose DMO (Destination Management Organization), vindt dat toeristen en Curaçaoënaars weer leven moeten brengen in de hoofdstad die na zessen een beetje in slaap dommelt.

Dat zegt hij afgelopen week in een interview met de Curaçaose omroep Radio Hoyer 2. “Vroeger was de binnenstad een beetje een handelsstad,” zegt Jonckheer, “maar door de jaren heen is het wonen en werken weer uit de stad vertrokken.” Volgens hem verdienen de pandeigenaren in Willemstad hun geld aan de begane grond (voornamelijk verhuur, red.) en zijn de bovenverdiepingen zowat in de vergetelheid geraakt. Als er op de bovenverdiepingen van de panden appartementen worden gebouwd en deze worden aan zowel lokalen als toeristen verhuurd, dan komt er vanzelf weer leven in de stad, vindt Jonckheer. Ook de plekken op de Handelskade, die nu dienen als parkeerterreinen voor auto’s, moeten volgens hem ruimte maken voor terrasjes en andere horecagelegenheden.

In Paramaribo hebben wij een vergelijkbaar probleem. Ook hier kakt de boel in de binnenstad na zessen in en wordt het als onveilig ervaren. En net als in Willemstad staan de bovenverdiepingen van diverse panden leeg omdat met de benedenverdieping het geld verdiend wordt.

https://www.iasp.info/suriname/images/paramaribo.png

Misschien dat wij er goed aan doen om het voorbeeld van de Curaçaose DMO op te volgen en via een structureel plan (waarbij er voor ondernemers die dit aanpakken aantrekkelijke incentives worden geboden) de binnenstad van Paramaribo weer leven inblazen zodat het er voor zowel lokalen als toeristen goed toeven wordt.

UNITEDTRAVEL| MARTIN PANDAY

Facebook Comments Box