WEINIG TIJD VOOR SURINAME OM EUROPESE GROENTE EXPORTMARKT VEILIG TE STELLEN

Groenteboeren, exporteurs, het miniserie van Landbouw Veeteelt en Visserij (LVV) en alle andere partners in deze agrarische sector hebben iets meer dan drie maanden de tijd om er voor te zorgen dat aan alle voorwaarden wordt voldaan om de export van groenten en fruit naar Europa veilig te stellen.

Het verliezen van deze markt zal voor zowel het land, de groenteboeren als de exporteurs die al enorme investeringen hebben gedaan een enorm verlies betekenen met effecten die in de toekomst niet te overzien zullen zijn. Met dit besef is afgelopen vrijdag een actieplan besproken door de verschillende spelers en aan minister Rabin Parmessar en zijn staf gepresenteerd.

De haast om het actieplan snel maar op de letter uit te voeren komt nadat de Europese Unie heeft besloten dat per 14 december er geen Sopropo uit Suriname de Europese Unie mag binnenkomen. Dit terwijl deze groente soort 40 procent bedraagt van alle exportproducten die naar Europa worden geëxporteerd.

Van alle landen die naar deze markt exporteren en gezien worden als een risico land, staat Suriname op de eerste plaatst.

De vrees bestaat dat dit verbod al snel zal gelden voor andere producten. Suriname exporteert, naast Sopropo ook hoofdproducten als, antroewa, boulanger, oker kouseband, sim, tajerblad, bitawiwiri, peper, awara en manja. Hiervan wordt per week via luchtvracht 60 tot 65 ton verscheept naar Europa. Terwijl Suriname is verworden tot risico land nummer 1, blijkt anderzijds de vraag naar deze producten te zijn toegenomen.

In januari van dit jaar kreeg de Vereniging van Exporteurs van Agrarische Producten in Suriname (VEAPS) te horen over deze ‘listing’ en het hoog risico dat aan Suriname werd toegeschreven. In de maand mei is samen met LVV ondersteuning gevraagd bij COLEACP die de twee consultants ter beschikking hebben gesteld om een status onderzoek te doen bij boeren, LVV en bij de exporteurs, waaruit nu het actieplan is uitgekomen. COLEACP is een non-profit organisatie die inclusieve en duurzame handel in groenten en fruit bevordert tussen landen in Afrika, het Caribisch gebied en de Stille Oceaan (ACP) enerzijds en Europese Unie landen anderzijds. Maar Volgens Secretaris Swami Girdhari van de VEAPS, heeft de EU al in 2016 de verscherpte maatregelen aangekondigd.

Erger nog is dat een van de Europese deskundigen in 2015 al in Suriname aanwezig was en de status-co van de sector had vastgesteld in een rapport. “Wat wij in drie jaren hadden moeten doen, moet nu in drie maanden gebeuren.

Dat legt een extra druk op het ministerie, boeren en exporteurs, omdat het uitvoeren en naleven van deze maatregelen geld kost. Volgens de VEAPS-secretaris heeft minister Parmessar na een presentatie van de exporteurs besloten VEAPS en de Federatie van Surinaamse agrariërs te betrekken bij het proces. “Deze werkwijze juichen we toe en vinden het nuttig. Willen wij het vraagstuk van de agrarische productie goed aanpakken en ontwikkelen zal dat alleen slagen wanneer het gezamenlijk wordt gedaan door de publieke en private sector. De vraag voor onze producten is groot en is er een potentiele markt die zich blijft ontwikkelen dus moeten we alles aan doen om het te behouden. Zegt Girdhari
Onder de maatregelen in het actieplan zijn onder andere opgenomen het versterken en moderniseren van de National Plant Protection Organisation (NPPO) die valt onder LVV. Een volledige revisie van hoe de export moet plaatsvinden naar de Europese markt, maar komt als nieuwe maatregel erbij dat er een Pest Risk Assessment (PRA) rapportage moet worden gedaan bij de EU, over het compleet proces van beplanting tot export. Girdhari zegt dat geen enkel land buiten Europa die van deze markt gebruik wil maken om deze regels heen kan. “De Europese Unie wil voorkomen dat insecten ofwel schadelijke organismen meekomen met de landbouwproducten.

Nog voor 1 september moet aan de EU een rapportage worden gedaan, hoe ver Suriname is gevorderd
Om het actieplan te kunnen uitvoeren is de landbouwdeskundige Imana Power van het Centrum voor Landbouwkundig Onderzoek in Suriname, aangetrokken als interim manager. In haar team zitten deskundigen van LVV andere technische deskundigen en vertegenwoordigers van de private sector. Parmessar heeft toegezegd zorg te dragen voor de vereiste equipment om de werkzaamheden te verrichten en uit te kijken naar geschikte inspecteurs voor het doen van de vereiste inspecties bij boeren – en exportbedrijven.

UNITEDNEWS

Facebook Comments Box