“AANGEHOUDEN EURO 19,5 MILJOEN VALT NIET ONDER NEDERLANDS RECHT”

Het is niet de bevoegdheid van een Nederlandse rechter om te toetsen of de handelsbanken in Suriname hun middelen hebben vergaard conform het Surinaams recht. Dit is een soevereiniteitsvraagstuk waar Nederland niet mee mag bemoeien.

De aanhouding van de geldzending, vorig jaar, was dan ook onterecht, omdat Nederland niet de bestemming was van de Euro 19,5 miljoen. Het geld was onderweg naar Hongkong. Nederland was slechts de tussenstop. Er is geen sprake van smokkel, en alle documenten waren aanwezig. De rechtbank van Schiphol zal op 24 december reageren op deze argument die aangedragen worden door de juristen van de Centrale Bank van Suriname (CBvS) en de betrokken commerciële banken

“Naleving van de Surinaamse wet door de handelsbanken is uiteraard niet een aangelegenheid die Nederland mag toetsen, laat staan een aangelegenheid die door de Nederlandse rechter mag worden beoordeeld. Zou de Nederlandse rechter dat wel doen, dan is sprake van ongeoorloofde inmenging in de soevereiniteit van Suriname”, laten de advocaten weten tegenover de rechtbank van Schiphol.

Zij waarschuwen dat een gevaarlijke precedent gecreëerd wordt dat de gelijkheid van staten miskent. Indien de Nederlandse rechter ertoe overgaan om een oordeel te vellen over de aanhouding van de geldzending, Nederland niet verbaasd zal moeten opkijken als elders in de wereld rechters ook een oordeel vellen over de naleving van Nederlandse wetgeving.

“In aanvulling daarop geldt dat de Nederlandse rechter niet geëquipeerd is een oordeel te vellen over de naleving door Surinaamse rechtsonderdanen van Surinaamse wetgeving. Zo het Nederlandse OM daarover zich iets te bekreunen heeft, moet het zich tot de ambtsgenoten in Suriname wenden”, stellen de advocaten van de Surinaamse partijen. “Daarbij komt dat de analyse in de processen-verbaal volledig ondermaats is.”

UNITEDNEWS

 

Facebook Comments Box