7 MILJOEN USD VOOR OPRICHTING DELFSTOFFEN INSTITUUT SURINAME (DIS)

Goud en aardolie worden op dit moment gerekend tot de belangrijkste delfstoffen van de Surinaamse economie.

Gezien het belang voor de ontwikkeling van Suriname, is een sterk juridisch en institutioneel kader nodig. Voor het kabinet Santokhi-Brunswijk is de definiëring van een goed juridisch kader prioriteit, wil zij effectief en vooral meetbaar beleid loslaten op deze sectoren.

Thans wordt met het Suriname Competitiveness and Sector Diversification Project (SCDS-Project), waarbij Component 1: Strengthening the mining sector governance, transparency, accountability and administration, met een budget van USD 7 miljoen, gewerkt aan de opzet van een modern Delfstoffen Instituut Suriname (DIS). De uitvoering is ondergebracht bij het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen (NH).

Op het ministerie is er reeds een concept tot oprichting van het delfstoffen instituut opgesteld, waarin onder andere ook de randvoorwaarden voor het optimaal beheer van de delfstoffen in Suriname is meegenomen. Het memorandum bevat ook de structuur van het op te zetten delfstoffen instituut dat als een parastatale instelling zal opereren.

De reorganisatie en capaciteitsversterking van de huidige staf en uitrusting van de drie instellingen zouden moeten samensmelten tot het op te richten instituut. Het gaat om de Geologische Mijnbouwkundige Dienst (GMD), Bauxiet Instituut Suriname (BIS) en de Unit Ordening Kleinschalige Goudsector Suriname (OKGS). “Het ministerie van NH tracht middels dit project dus de opzet van het Delfstoffen Instituut te realiseren, en daarbij een modern operationeel, financieel en administratief zelfstandige entiteit, die noodzakelijk is voor een beter beheer van onze delfstoffen”, zegt David Abiamofo, minister van Natuurlijke Hulpbronnen (NH).

Het hoofddoel van dit instituut zal zijn, het bevorderen, coördineren, reguleren, monitoren en inspecteren van de activiteiten in de mijnbouwsector. De activiteiten moeten leiden tot de ontwikkeling van delfstoffen in Suriname op een minder vervuilende mijnbouwtechnieken. “De Covid-19-pandemie heeft in de afgelopen maanden voor wat extra uitdaging gezorgd, maar we hebben recent een doorstart gemaakt van dit project. Ik moet aangeven, dat het team zeer enthousiast is om verder aan de slag te gaan”, aldus Abiamofo.

UNITEDNEWS

Facebook Comments Box