NIEMAND HIELD VAN RUTTES VIERDE KABINET
Met de kabinetsval komt een einde aan een coalitie die maar niet ontsnapte aan de spoken uit het verleden. Partijen worstelden met diep wantrouwen. Van de straat tot de hoge colleges van Staat: niemand hield van dit kabinet. Maar stilletjes bereikte de coalitie heus wel wat.
Het is klaar. Op. De rek is eruit. Al vaker sinds zijn aantreden werd het kabinet-Rutte IV doodverklaard. Na eerdere bijna-doodervaringen sneuvelt de coalitie alsnog, over een onderwerp dat al jaren als een landmijn op scherp staat: asiel en migratie. Er is geen thema waarover partijen zo hopeloos verdeeld zijn.
Sinds het najaar van 2017 hielden VVD, D66, CDA en ChristenUnie elkaar stevig vast, eerst in kabinet-Rutte III en daarna in Rutte IV. Het kon stormen binnenskamers, er waren ruzies, er zijn streken geleverd. Maar uiteindelijk vonden ze elkaar steeds weer in de gezamenlijke opdracht om Nederland door een crisis te loodsen, of het nu corona was, de oorlog in Oekraïne of de impasse rond stikstof. ‘We moeten gewoon leveren’, werd de officieuze mantra van dit kabinet.
Leveren werd lastig, met diep wantrouwen bij kiezers en partijleiders die zelf steeds zwaarder beschadigd raakten. Mark Ruttes teflonlaag is na twaalf jaar regeren flink afgebladderd, Sigrid Kaag raakte meer en meer gedesillusioneerd over de Nederlandse politiek en Wopke Hoekstra kon nooit de onomstreden CDA-leider worden die hij had willen zijn.
De stikstofbom van Wopke Hoekstra
En als boegbeelden wankelen, beeft ook de coalitie. Onderlinge wrevel kwam in de zomer vorig jaar al aan het oppervlak, na de stikstofbom van Wopke Hoekstra. In augustus doet de CDA-leider iets dat partijen het CDA nog nooit zagen doen: hij zet een belangrijk onderdeel uit het coalitieakkoord op de helling. De stikstofdeadline van 2030 moet van tafel, meldt Hoekstra via deze nieuwssite. Andere ministers voelen zich bedonderd, sindsdien sudderen wantrouwen en frustratie binnen de kabinetsploeg.
De gebeurtenissen op de wereld zetten de regering verder onder druk, met een oorlog in Europa, oplopende inflatie en toenemende gasschaarste. Zo werd politiek Den Haag één groot mijnenveld, met behalve de oorlog ook nog hevig protest en polarisatie rond stikstof en de almaar voortsudderende problemen rond migratie en asiel. Coalitiepartijen zagen kiezers met bosjes vluchten naar nieuwkomer BBB.
Bewindspersonen probeerden hun belofte – geen woorden maar daden – waar te maken, maar slaagden daar amper in. De woningbouw loopt vast, grip op de asielinstroom kwam er niet, al werden er tig marathonsessies over vergaderd. Rond stikstof is ook veel gepraat, maar daarmee staat nog geen koe minder in de wei. En onbeduidend klein, maar juist daarom zo symbolisch voor een machteloos kabinet: het nultarief voor btw op groente en fruit is na anderhalf jaar regeren nog niet geregeld.
En al die tijd keek de kiezer streng toe: het vertrouwen in de politiek duikelde naar een dieptepunt, in onderzoeken herhalen Nederlanders dat ze tevreden zijn over hun eigen leven, de buren, vrienden en familie. Maar de politiek? Die kan niks meer goed doen. Hoge Colleges van Staat zijn al even kritisch: het kabinet is niet crisisproof en belooft te veel, stellen de Rekenkamer en Raad van State.
Het stuurse antwoord van Rutte IV op al die weerzin: stug doorgaan. Op alle fronten, binnen en buiten Den Haag, en over de grens. Minister Adema probeerde avond na avond met de boeren tot een landbouwakkoord te komen, maar zonder resultaat. Premier Rutte en andere bewindspersonen reisden de wereld over om de asielinstroom te beteugelen, maar kwamen er onderling dus niet uit.
Alle arbeid was heus niet vruchteloos, beweren coalitiepolitici. Terwijl pers en publiek vooral keken naar de stikstofstrijd en de asieldiscussie passeerden ondertussen grote wetten de ministerraad en parlement. Na jaren discussie gaat het pensioenstelsel op de schop, de nieuwe pandemiewet is door de senaat, het leenstelsel is afgeschaft, het prijsplafond voor de gasfactuur werd geregeld, de gaskraan in Groningen gaat dicht. De inkomstenbelasting ging omlaag, het minimumloon is flink verhoogd en de bijstandsregels zijn versoepeld.
Er kwamen indrukwekkende excuses voor het slavernijverleden én – waar een klein land groot in kan zijn – Nederland doet mee in de mondiale voorhoede als het gaat om de levering van wapens en steun aan Oekraïne. Een Tunesiëdeal om de vluchtelingenstroom te beteugelen is nu toch echt in de maak, pronken ze binnen de coalitie.
Premier Mark Rutte durfde het allang niet meer te roepen, maar hij straalde wel uit: er lukken toch écht nog dingen. ,,We proberen het vertrouwen te herstellen door problemen op te lossen, bij migratie, stikstof, Groningen”, zei de premier bij een van zijn wekelijkse persconferenties. ,,En ik denk dat door problemen op te lossen dat het vertrouwen ook weer terugkomt.”
Zoveel tijd geven de vier partijen elkaar niet, ze moeten zich gaan opmaken voor nieuwe verkiezingen. En het is maar de vraag of de gebutste partijleiders nog terugkeren in de campagnedebatten, of zij opnieuw lijsttrekker worden.
Ondertussen zullen Rutte, Kaag, Hoekstra en Bikker tot de slotsom komen dat ze stiekem best veel bereikt hebben in die korte regeerperiode, maar dat de belangrijkste missie – het herstel van vertrouwen – jammerlijk mislukt is. ,,We zijn een land van doorzetters, van mensen die bereid zijn de schouders eronder te zetten”, klonk de peptalk van Rutte nog bij het aantreden van zijn vierde kabinet in januari 2022. ,,Daarom is ons motto: volhouden, met onze blik naar de toekomst.”
Maar vooral de spoken van gisteren (Groningen, toeslagen) en de crises van vandaag eisten alle aandacht op. De politiek slaagde er maar niet in om die oude missers goed te repareren en de probleemdossiers van nu overtuigend aan te pakken. Terugkijkend zullen insiders zeggen: de leiders strompelden vanaf vorige zomer op hun laatste benen richting het politieke ravijn, de breuk was onvermijdelijk.
Dat is met de kennis van nu. Tot voor kort waren ministers zelf nog opvallend optimistisch over de politieke toekomst van dit kabinet: ze waren toch in staat gebleken moeilijke dossiers op te lossen? Daarbij stemde de opmars van BBB bij de Statenverkiezingen in maart alle vier de coalitiepartijen tot nederigheid: partijen noteerden flink zetelverlies en dat schiep een band. Maar die verbintenis bleek broos. De bemanning van de Titanic voelde zich onderling ook enorm verbonden toen ze de ijsberg raakten. Maar ze zonken wel.
NEDERLAND | POLITIEK

