COLUMN | MEDISCH TOERISME CREËREN VOOR SURINAME
Herhalen, herhalen en blijven herhalen. Dat is hoe wij onthouden en iets deel van ons maken. Daarom, nogmaals: de oorzaak van onze ontwikkelingsellende zorgt ook voor onze dagelijkse dosis humor.
Wij houden van lachen, dus houden wij de politiek in stand. Productie is niet voor ons, houden wij niet van, gaan we ook niet doen. En om dat helder en duidelijk te maken, geven we een zeer hoge onderscheiding aan de baas van degenen die El Dorado eindelijk gevonden lijken te hebben. Dat zij ook driftig leeg dragen natuurlijk. Maar, tenminste hebben zij ook iets totaal nieuws gedaan. Zij hebben betaald voor een paar zonnepanelen, die stroom leveren voor eigen gebruik. Naar goed Surinaams gebruik tellen onze eigenste Sranansma’s die dankzij vernuftig onderhandelen dit hebben kunnen aftroggelen, niet. Nee, de man/vrouw/het die/dat heeft betaald, die telt! Dus lib’ a productie tori yere. Staatsolie zegt U? Boi, die uitzondering bevestigt alleen maar de regel. Was het niet vanwege het bijzondere talent van Mr. Staatsolie himself om below-the-political-radar te vliegen, dan was dit ook de zoveelste droom van de kinderen van Mama Sranan gebleven. Want de goede man was het dagelijkse “ja meneer, nee meneer” nog niet ontwent of de raffinaderij-suikerrietplantage-ethanol-suikerproductie ramp was geboren. Maar goed, is niet dat wij niet produceren hoor. Over de grootste nationale productie en de werkgelegenheid die daarmee gepaard gaat is in 1980 een liedje gemaakt, dat meteen verboden werd (was heel normaal in die tijd hoor, dingen verbieden en elkaar beschuldigen van allerlei s’landsonvriendelijke dingen).
Maar dan wat zou de Srananman en Srananuma nou wel willen doen voor de kost? Waarmee kunnen wij als natie “Eerro” en “Dalla” verdienen? Zelfs met goud willen wij het niet, dat laten wij over aan de Canadezen, Amerikanen en Brazilianen. Recentelijk kwam ik zo eentje tegen die waarschijnlijk de nieuwe “cannabis” niet goed begrepen had. Net zoals die revo mensen met de revo. Fromu lek’ frommel dus. Wel, die meneer vond dat Suriname als groenste land ter wereld totaal niet begrijpt dat zij in principe alleen moet doen wat zij al doet. Ik dacht meteen “o jee, zo een politiekeling weer”. Maar toen begon hij: “kijk, Surinamers willen het liefst een zittende job. Of een verzorgende job. Werken in de verpleging is gelijk aan werken voor een hongerloon, maar toch is er nooit een schaarste aan verpleegkundig personeel. Doktoren? De tijd moet nog aanbreken dat ze bij het MWI een overschot aan studieplaatsen hebben. Zo erg willen mensen dokter worden, dat ze hele studies afronden en toch nog dokter worden als ze de kans krijgen. En welk deel van de samenleving heeft grote sprongen vooruit gemaakt de afgelopen jaren? Precies, dat voor mensen zorgen ding beter bekend als de medische sector.
Ach yu yongu ete, maar nog niet eens 20 jaar geleden als je bloed moest prikken…? Boi. Of een röntgen maken, of naar de oogarts.” Wat dit allemaal met dat groenste land te maken had, vroeg ik hem. “Hoe vraag je dat? Zeker yu na politiek, daar begrijpen ook neks. Maar goed, je moet die dingen gewoon aan elkaar koppelen. Toerisme – ontwikkeling medische sector – groenste land ter wereld. Zorg gewoon voor de beste ziekenzorg die de wereld te bieden heeft, bouw midden in dat groen ziekenhuizen en je hebt een product dat zo uniek is dat bijna geen land kan nadoen.” Hmm. Wakti. De man zou best een ECHT idee kunnen hebben. Maar hij was nog niet klaar. “En weet je wat dat ding helemaal tot een echte billion dollar industry zal maken? Wij komen van overal en hebben we ook de geneeskunsten van overal. En die bus’busi toch? Weet jij waar heel veel medicijnen vandaan komen? Gewoon precies uit die bus’busi. Dus eigenlijk zou je meteen een soort van groene apotheek kunnen ontwikkelen. En het mooiste van alles is dat de overheid helemaal geen leidende rol hoeft te spelen. Alleen luisteren en doen”. Ik keek de man aan, terwijl hij ondertussen even wat medicijn gebruikte, en dacht: soms zijn oplossingen voor lastige problemen zo eenvoudig. Maar ja, die laatste opmerking van hem toch. DAT obstakel nemen is zoveel moeilijker dan een meervoudige bypass uitvoeren.
Columnist | Rogier I. Cameron