REGERING EN DNA PLEGEN INHAALSLAG OP VEROUDERDE ARBEIDSWETTEN
Foto:Minister Soewarto Moestadja van het Ministerie van Arbeid
De regering en de Nationale Assemblee zijn bezig een inhaalslag te maken op verouderde arbeidswetten. Sommige van deze wetten zijn nog uit de koloniale periode en voldoen al lang niet meer aan de nieuwe ontwikkelingen.
Donderdag zijn in het parlement de wetten recht op vakverenigingen en de wet collectieve arbeidsovereenkomsten aangepast, gewijzigd en zijn er artikelen bijgekomen. De wet op collectieve arbeidsovereenkomsten heeft nu een memorie van toelichting, die de wet vertaalt en uitlegt. De wetten zijn met algemene 37 stemmen aangenomen.
Hoewel het college het belangrijk vindt dat deze wetten in overeenstemming zijn met de fundamentele verdragen van de Internationale Arbeiders organisatie (ILO), is dit volgens onder andere Patricia Etnel ( NPS) slechts het begin en moeten toch tal van arbeidswetten worden aangepast.
Minister Soewarto Moestadja van het Ministerie van Arbeid, zegt dat met deze aanname een aanvang is gemaakt met het moderniseren van tal van arbeidswetten, waarvan sommigen dateren van ver in de koloniale periode.
De wetten regelen de rechten en plichten maar ook de verhoudingen en de relatie van en tussen werkgevers en werknemers. Bij de debatten zijn veel indringend vragen gesteld en opmerkingen gemaakt. De wet ‘Collectieve arbeidsovereenkomsten vervangt de bestaande wet van 1962. In die wet ontbrak er een memorie van toelichting waar wetsartikelen nader worden uitgelegd en andere wetsartikelen zijn gewijzigd of vervangen met een nieuw artikel.
De toelichting is volgens Patrick Kensenhuis, voorzitter van de commissie die deze wetten heeft voorbereid, belangrijk voor studenten, vakbonden, praktiserende juristen en de burgers.
Belangrijk in het wetsvoorstel is, dat het collectief overleg voor medewerkers een vorm van medezeggenschap betekent en dat wordt verwezen naar de grondwet. Er is ruim aandacht besteed aan een collectieve overeenkomst. Kensenhuis zegt dat bij zowel werkgevers als werknemers er vaak overschatting plaatsvindt wat hun positie is, bij onderhandelingen of dat zij elkaars positie willen innemen.
Etnel heeft speciale aandacht gevraagd voor het bij wet vaststellen van de positie van vrouwen en wel zwangere vrouwen. Volgens haar moet een collectieve overeenkomst die geen garantie geeft op zwangerschap of ouderverlof als nietig worden beschouwd. Zij pleit voor een goede arbeidsinspectie die naast het toetsen van arbeidsregelingen, ook de naleving van collectieve arbeidsovereenkomsten controleert.
Bij de beantwoording van Moestadja is opmerkelijk dat de overheid benadrukt dat het stakingsrecht van speciale en bijzondere overheidsdiensten, zoals de politie, het leger en andere groepen hen kan worden ontnomen. Het ontnemen moet echter bij staatsbesluit wettelijk worden geregeld. Kensenhuis merkt op dat de wetten al het minimale aangeven als het gaat om de hoogte van het loon. Werkgevers mogen dan ook niet minder dan dat bedingen bij cao-onderhandelingen.
In de wetten worden cao- gezien als een middel om rust te brengen in de economie en voor sociale rust te zorgen. Het recht om vakverenigingen op te richten door werknemers is onomstotelijk vastgelegd in de wetten.
Zij mogen daarin nimmer worden beperkt. Er is daarvoor geen goedkeuring nodig van de werkgever en ook niet van de overheid. Daarnaast mag de individuele werknemer zelf beslissen wel of geen lid te worden van een vakbond.
UNITEDNEWS|WILFRED LEEUWIN