REGERING SANTOKHI HOUDT ANGSTVALLIG VAST AAN VERKEERD VERTREKPUNT
Twee jaar nadat een meerderheid van de kiezers ervoor heeft gekozen haar vertrouwen te geven aan een nieuwe politieke wind, waaruit de huidige regering Santokhi is voortgekomen, blijft de regering dit uitgangspunt gebruiken als een ‘Key Performance Indicator’ (KPI), een toetsten om haar functioneren over de afgelopen twee jaar te rechtvaardigen. Op de persconferentie van de regering afgelopen woensdag, in commentaren en interviews in de media, beijveren politici, zoals parlementariërs en loyalisten van de regering zich op een angstvallige manier om de burgers ervan te overtuigen dat het resultaat van het gevoerde beleid over de afgelopen twee jaar, het gevolg is van het beleid van de vorige regering, wat die heeft nagelaten en hoe het zou zijn wanneer die regering was blijven aanzitten.
Evaluatie indicatoren
De regering en haar goed gezinden maken hierin een cruciale fout, want met het voortschrijden van de vijf jaren waarin de regering op basis van beloftes aan de kiezers en voorgenomen beleid, functioneert, neemt ook de kritiek in ernstige mate toe en begint net als bij de vorige regering het vertrouwen ernstig af te nemen. De regering vergeet dat zij, het resultaat is van het afwijzen van het vorige beleid. Daarin heeft het als, toenmalige oppositie voorop gelopen in felle afwijzende kritiek, parlementaire moties, analyses over het falend economisch beleid en met straatacties tegen de regering Bouterse. De regering heeft zelf gezorgd voor haar evaluatie-indicatoren, door te beloven en aan te geven hoe het anders en beter moet. Er was in de periode van oppositie zijn, op alles dat verkeerd ging een antwoord en een visie, soms al met volledig uitgewerkte plannen. Daar is zij nu het resultaat van. De kiezers elke minuut van de dag, bij elke gelegenheid er aan herinneren waarom het voor de huidige regering heeft gekozen en wat het resultaat zou zijn als dat niet was gebeurd, krijgt een boemerang effect, wanneer blijkt dat de gewenste resultaten uitblijven. Er is een achterstand in het denkvermogen van de regering Santokhi ten opzichte van de kiezer, aan wie het haar mandaat te danken heeft. De kiezer is al gedurende, tot aan het eind van de regeer jaren van Bouterse, tot het besef gekomen, dat op 25 mei 2020 een keuze gemaakt moet worden voor een ander en nieuw ontwikkelingsperspectief. De regering Santokhi is echter niet slechts in tijd blijven steken, maar blijft zij stilstaan bij de behoefte van de samenleving voor iets nieuws, zonder aan die aspiratie inhoud te geven en te zorgen voor nieuwe ontwikkelingsperspectieven.
Een performance evaluatie kan nooit gebaseerd zijn op het resultaat van een vorige beleid of regiem. Natuurlijk kan dat resultaat wel degelijk van invloed zijn op het nieuwe beleid, zoals nu ook het geval is. Het resultaat van tien jaar Bouterse heeft zonder twijfel niet beantwoord aan de economische aspiraties van de natie. Ook regering Bouterse heeft geen reden, het slecht economisch resultaat van zich af te schuiven door naar ‘alleen’ internationale crises elementen, te verwijzen die ervoor hebben gezorgd dat de inkomsten van het land met 80 procent zijn terug gevallen. Er zijn simpelweg verkeerde beleidskeuzes gemaakt.
Een performance evaluatie heeft drie belangrijke elementen. De status quo van de situatie, als vertrekpunt en niet het beleid van de vorige regering. Ten tweede de KPI.s van het nieuwe beleid, zoals gestelde prioriteiten, en competenties, die de beleidsvoerder moet hebben om de status quo te handhaven, te verbeteren of te innoveren. Het derde element is de beschikbaarheid van financiële, materiële en institutionele uitvoeringscapaciteit om de beleidsdoelen te kunnen halen. De status quo van de situatie, draagt op zich, niet bij aan de eigen performance, omdat dat een vaststaande realiteit is van de situatie. In de politiek zijn dat wel, een lange termijn ontwikkelingsplan, zoals het Meerjaren Ontwikkeling Plan (MOP) en korte termijn jaarplannen die in elkaars verlengden lopen. Daaruit wordt op basis van gemaakte prioriteiten en beleidsvoornemens een traject uitgestippeld die tussentijds, zoals nu of aan het eind van de regeerperiode getoetst worden aan element twee en drie. Dan wordt gekeken als de juiste prioriteiten en beleidsdoelen zijn gesteld. Een goed voorbeeld is de mededeling van minister Armand Achaibersingh van Financiën, dat de valuta reserves zijn toegenomen omdat er geen schulden worden betaald. Dat is een beleidskeuze van regering Santokhie en niet als gevolg van het beleid van de regering Bouterse. Bij het evalueren is het dan de vraag als dat een goede beleidskeuze is geweest.
Beleidskeuzes
De huidige regering gaat prat op haar economische prestaties. Het is bij de evaluatie goed na te gaan hoe daar de beleidskeuzes zijn gemaakt. In herinnering moet worden gebracht dat in zee gaan met het Internationale Monetaire fonds (IMF) al helemaal geen voorgenomen beleidskeus was voor de verkiezingen, sterker nog werd dit ten stelligste afgeraden en werden tot een dag voor de verkiezingen analyses en plannen gepresenteerd van hoe het anders en wel moet. De keus voor het IMF kwam nadat al snel na de verkiezingen bleek dat, zowel nationaal als internationaal geen enkele land, geen enkele instanties en geen enkele bank bereid was de nieuwe regering financieel te ondersteunen. Dit op basis van de slechte ervaring met de vorige regering. De keus voor het IMF is dus ingegeven door externe factoren en is dus ook al geen eigen beleidskeuze van de regering. Zij draagt echter wel de verantwoordelijkheid voor deze keus, ongeacht het resultaat daarvan.
Het draait dus allemaal om beleidskeuzes, die de regering zelf maakt. Op de persconferentie geeft president Santokhi een algemene beschouwing over het gevoerd beleid van zijn regering en eindigt met het resultaat van twee jaar zijn regering, weer eens te verbinden aan het beleid van de vorige regering en niet aan de beleidskeuzes die zijn gemaakt.
Met een lege staatskas, zal de beleidskeuze om in zee te gaan met het IMF, in de deze regeerperiode, nog een bepalende factor kunnen zijn voor het evalueren van het beleid. Achaibersingh zegt met die woorden, dat de keus voor het IMF, betekent dat los van het IMF zelf en internationale organisaties zoals de Wereldbank, en de Inter-amerikaanse Ontwikkelingsbank, Suriname nergens anders terecht kan om leningen te nemen, zelf staatsgaranties worden, als gevolg van de keus voor het IMF, niet toegestaan door deze internationale monetaire autoriteit. Wanneer zoals econoom Karl Eckhorst het heeft uitgedrukt, de regering de juiste beleidskeuzes maakt zal zij het IMF programma goed doorkomen. Wanneer niet de juiste beleidskeuzes worden gemaakt zal dat aan niemand en niets anders te wijten zijn, dan slechts en alleen aan verkeerde beleidskeuzes. De Vereniging van Economisten in Suriname die de gang naar het IMF, geen slechte keus vindt van de regering, heeft ook al er op gewezen dat dan wel de juiste beleidskeuzes gemaakt moeten worden.
Het vasthouden aan en steeds in herinnering brengen van een verkeerd vertrekpunt om het beleid van de regering te evalueren en te waarderen, kan alleen maar gezien worden als een indicatie dat, mocht het fout aflopen, het niet de beleidskeuzes zijn maar de schuld van de vorige regering. Nu al wordt gezegd dat de keus voor het IMF, noodzakelijk was, vanwege het beleid van de vorige regering. De regering Santokhi had in plaats van het IMF er ook voor kunnen kiezen te putten uit de vele beloftes en analyses die het gemaakt heeft, voor de verkiezingen. Zo presenteerde het, als toenmalige oppositie, enkele maanden voor de verkiezingsdag, in stichting De Olifant, een complete analyse over het monetair beleid van de toenmalige regering, waarin een volledige becijfering van de situatie en de schuldenlast. Het klopt dus ook niet dat nu gesteld wordt dat de regering niet had kunnen voorzien dat de ‘ravage’ achtergelaten door de regering Bouterse, erger was dan werd verwacht. Bij die analyse hoorde een compleet crisisplan van aanpak en beleidskeuzes die gemaakt zouden worden om Suriname te redden. Het ging om het aantrekken van buitenlands investeringskapitaal, productieverhogende maatregelen met een extra focus op de hout en goudsector en het hervormen van de belasting sector. Maar met de keus voor het IMF en afgaand op wat minister Achaibersingh zegt, betekent het dat de regering compleet lam is geslagen en haar functioneren voor een groot deel afhankelijk is van hoe het programma met het IMF zal verlopen.
VHP-parlementaier Mahinder Jogi geeft de regering een ruime voldoende als tussentijdse rapportcijfer. “in elk geval meer dan een zes”, zegt hij. In zijn motivering hierop is hij er stellig van overtuigd dat niet moet worden vergeten wat de uitgangspositie van de regering is geweest, het beleid van de vorige regering. Politiek gezien is het aanhouden en het zo vaak als maar kan voeden van de publieke opinie met een verkeerd uitgangspunt, begrijpelijk, maar betekent het wel dat het eigen falen en onvermogen wordt afgewenteld. In plaats van het maken van juiste beleidskeuzes, zoals het aanpakken van de sociale paragraaf, het stimuleren van de productiesector, hervormen van het overheidsapparaat en overheidsinstituten en niet te vergeten het politiek laag moraal van de regering, wordt alvast geanticipeerd dat de reden voor wat het resultaat ook zal zijn aan het einde van de rit, dat te danken of te wijten is aan het beleid van de vorige regering.
UNITEDNEWS
