SURINAME BEREIKT OVEREENKOMST MET OBLIGATIEHOUDERS
Na langdurige onderhandelingen heeft de Surinaamse regering een principeakkoord bereikt met het Eurobond Crediteur Comité over de herstructurering van de buitenlandse obligatieschuld van het land.
Dat heeft het ministerie van Financiën woensdag bekendgemaakt. Deze schulden drukken zwaar op de staatsbegroting en beperken de financiële ruimte om beleid uit te voeren voor de bevolking.
Door de herstructurering van de zogenaamde Oppenheimerschulden ontstaat er een aanzienlijke schuldverlichting, omdat de lening over een langere tijd wordt terugbetaald bij lagere aflossingen en rente. Dat betekent meer financiële ruimte in een evenwichtigere begroting, aldus het ministerie. Volgens de oorspronkelijke lening zou dit jaar direct ruim USD 200 miljoen betaald moeten worden en in 2026 USD 600 miljoen; dit was niet haalbaar.
De nieuwe overeenkomst kent twee instrumenten: een nieuwe obligatie en een Value Recovery Instrument (VRI). De nieuwe obligatie zal worden uitgegeven met een haircut van 25% op de contractuele vorderingen, een rentevoet van 7,95%, wat een aanzienlijke vermindering betekent ten opzichte van de rentes van 12,875% (2033 bond) en 9,25% (2026 bond) op de oorspronkelijke Oppenheimer bonds die in 2016 waren uitgegeven. Van de 7,95% rente hoeft 4,95% in 2024 en 2025 te worden betaald, het overige wordt aan de hoofdsom toegevoegd.
Onder de voorwaarden van de VRI zal Suriname in de toekomst een bepaald deel van de royalty‐inkomsten uit de olie-exploitatie in Blok 58 toewijzen om de bondhouders te compenseren voor de verliezen die zijn geleden als gevolg van de herstructurering van de schulden.

In tegenstelling tot sommige voorstellen tot de verkoop van Blok 58 voor de herschikking, gaat in deze overeenkomst maximaal 2% van de olie‐inkomsten uit dat blok naar de bondhouders
“Suriname zal in de toekomst een bepaald deel van de royalty-inkomsten uit Blok 58 toewijzen om de obligatiehouders te compenseren voor de verliezen die voortvloeien uit de schuldsanering”, aldus de regeringsverklaring. De eerste 100 miljoen dollar aan royalty’s uit dat blok zal naar de regering gaan, waarna 30% van de jaarlijkse royalty’s zal worden bestemd voor betalingen ter compensatie van de schuldeisers (REUTERS ).
Blok 58 blijft van Suriname en zal gedurende de hele productieve levensduur voordelen blijven leveren voor het land, stelt het ministerie van Financiën.
De herstructurering biedt Suriname ook de mogelijkheid om zowel de nieuwe bond als de VRI vóór de respectievelijke vervaldata terug te kopen. De uitvoering van de herstructurering is afhankelijk van de overeenstemming tussen Suriname en de bondholders over de definitieve juridische documentatie en een te bereiken Staff‐Level Agreement met het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Dit akkoord met de Oppenheimer bondholders is een belangrijke mijlpaal in de wederopbouw en het herstel van de economie. Suriname voert momenteel onderhandelingen met het IMF om het vastgelopen financieringstraject van het economisch herstelprogramma weer vlot te trekken. De regering slaagde er sinds medio vorig jaar niet meer te voldoen aan de programmavoorwaarden van het IMF waardoor het monetair instituut de geldkraan dichtdraaide. In juni vindt door de IMF Board een review plaats van de herstelmaatregelen die door de regering zijn getroffen en afhankelijk van het resultaat zal al dan niet opnieuw geld aan de regering beschikbaar worden gesteld.
UNITEDNEWS
