WERKGEVERS HEBBEN RECHT OM ‘NO WORK, NO PAY’ TOE TE PASSEN BIJ VAKBONDSACTIES

Het ‘No Work, No Pay’ principe wordt op een aantal ministeries, waaronder ook het ministerie van Arbeid Werkgelegenheid en Jeugdzaken (AWJ), toegepast. De beschuldiging van chantage door het toepassen van deze principe, zijn onterecht.

“Het staat in het Burgerlijk Wetboek, Artikel 1614, dat de werkgever een “No Work, No Pay’ mag toepassen als de werknemer geen arbeid heeft verricht voor die periode”, zegt AWJ-minister, Rishma Kuldipsingh, tijdens een belegde persconferentie van het ministerie op 29 maart.

Volgens de minister zal de vraag gesteld moeten worden wie zou moeten opdraaien voor de lonen voor de periode dat werknemers geen arbeid hebben verricht, nadat op instructie van een vakbond er een werkneerlegging heeft plaatsgevonden. “De mensen die lid zijn van vakbewegingen of vakbonden, die betalen een contributie. In feite is het zo dat wanneer zij staken, dat de vakbeweging garant moet staan voor uw loon over de periode dat u in actie bent”, benadrukt Kuldipsingh.

“We hebben wetgeving gemaakt in 2016 die vakbondsvrijheid en vakbondsrechten regelen. Dat is ook geregeld in de Grondwet. Maar er zijn ook grenzen aan vakbondsrechten. Er zijn regels”, zegt onderdirecteur Juridische en Internationale Zaken bij AWJ, Glenn Piroe, die inging op de juridische zaken van het ministerie, onder andere wetgeving. Hij benadrukte twee hiervan.

Het houden van Algemene Leden Vergaderingen (ALV’s) tijdens werkuren kunnen alleen gehouden worden indien toestemming is verkregen van de werkgever. “Dat zijn de internationale regels. Het is ook aangegeven in de Wet Vrijheid Vakvereniging”, zegt Piroe.

Piroe bevestigd ook het ‘No Work, No Pay’ principe dat in de wet is vastgesteld. Hij geeft daarom als advies om ‘staking’ als uiterste middel te gebruiken.

UNITEDNEWS

 

Facebook Comments Box