OPENBAAR MINISTERIE KIJKT OM JUSTITIËLE BLINDDOEK EN WERPT FOEFJE OP
Foto: Jurist Murwin Dubois
Het persbericht van het Openbaar ministerie op 23 december in de zaak van DWT- journalist Jason Pinas, had het best niet uitgegeven moeten worden. De inhoud, die door juristen al is bekritiseerd, roept, nu daar deze kwestie met voortvarendheid is verwezen voor een inhoudelijk behandeling bij de kantonrechter op 11 januari, veel meer vragen op over de werkwijze van deze rechtsinstantie.
“Als niet buiten de justitiële blinddoek is gekeken naar wie de overtreders zijn van de strafbare feiten, kan zoals jurist Murwin Dubois het uitdrukt, “gezegd worden dat het O.M een foefje heeft opgeworpen”,
Met het foefje verwijst de jurist naar de mededeling van het O.M dat de verdachten in deze zaak bestaan uit een politieman en twee ex-leden van het Jungle Commando. Maar ook naar de wijze waarop het O.M gemeend heeft de verdachten in vrijheid te stellen. Op zich biedt de wet dat, en dat was door het O.M al aangekondigd, de mogelijkheid om middels artikel 100 van het wetboek van strafrecht verdachten in vrijheid te stellen buiten een gerechtelijk proces. Verschillende juristen wijzen met Dubois er op dat de werkwijze die is gevolgd echter buiten de normale en wettelijke procedure heeft plaatsgevonden. In deze zaak is afgeweken van het proces van Opsporing, aanhouding en voorgeleiding, dat wordt gedaan door de politie en waar het de rechter commissaris is die nadat de voorgeleiding heeft plaatsgevonden de wel of niet in vrijheidstelling gelast.
“Waarom het Openbaar Ministerie een status geeft aan twee van de drie verdachten als te zijn ex leden van het Jungle Commando, moet u het O.M zelf vragen. Maar het Jungle Commando heeft op zich geen enkele status meer”, zegt voormalig minister Romeo van Russel van regionale ontwikkeling in het kabinet Venetiaan 1. Van Russel is de voorzitter geweest van de regeringscommissie die in 1992 een akkoord heeft gesloten met alle toen bestaande rebellen groepen.
In het akkoord voor Nationale Verzoening en Ontwikkeling, ofwel het Lelydorp akkoord staat opgenomen dat al deze rebellengroepen per 8 augustus 1992 ophouden te bestaan en dus geen status hebben.
De verwijzing van het O.M roept volgens de juristen vragen op als, wat is dan de status van de twee mannen, in welke hoedanigheid zijn zij betrokken als beveiligers van de vice president, zijn zij in dienst van de staat of behoren zij tot een privé-legertje van de vice president? Wie betaald ze? In het laatste geval is de vraag als dat wel mogelijk zou kunnen zijn. De vraag is ook, waarom het O.M niet gewoon, zoals president Chandrikapersad Santokhi op 16 december in het parlement heeft uitgelegd, dat de beveiliging van hoogwaardigheidsbekleders ook kan bestaan uit burgers.
De verwijzing naar het Jungle Commando, samen genomen met de expliciete verwijzing in het persbericht van het Openbaar Ministerie, dat het onderzoek in deze zaak nog gaande is en wordt gedaan door de afdeling Onderzoek politionele Zaken van het Korps Politie Suriname – OPZ -, roept dan weer vragen op als, wie moet dan het voorgerechtelijk onderzoek hebben gedaan van de twee, volgens het O.M ex leden van het Jungle Commando, want het OPZ kan dan alleen onderzoek doen naar de betrokkenheid van de politieagent en niet naar burgers of ex-leden van het Jungle Commando. Dat zou, in geval het burgers zijn, gedaan moeten worden door de gewone politie ofwel de recherche van het KPS.
Op zich genomen zegt Dubois dat dit foefje, de verwijzing dus op niets slaat omdat duidelijk is dat de twee mannen deel uitmaken van een officiële entourage belast met de beveiliging van een publieke figuur. Ten aanzien van de gepleegde feiten zou dat ook niets moeten uitmaken, omdat de wet blind behoort te zijn en slechts beoordeeld als de wet geschonden is of niet. Terwijl het O.M is afgeweken van het normale proces van opsporing, aanhouding en voorgeleiding, wordt het foefje compleet, door op basis van het minste vergrijp, namelijk eenvoudige mishandeling de verdachten in vrijheid te stellen”, zegt Dubois.
Door mogelijk reacties van de juristen, de publieke opinie, nationaal en internationaal en niet te onderschatten de aanhoudende opstelling van de Surinaamse Vereniging van Journalisten – SVJ – en de journalist zelf, dat deze zaak onderzocht moet worden en dat er berechting van de verdachten moet plaatsvinden, heeft het O.M na een spoed gesprek tussen de regering en de SVJ, besloten dat al op 11 januari deze zaak inhoudelijk in behandeling wordt genomen door de kanton rechter. “Nu de zaak bij de rechter is, kan alleen de rechter het onderzoek te-rechtszitting doen. Het kan ook zijn dat de rechter de instructie geeft dat het O.M verder onderzoek moet doen”, zegt Dubois. Hij merkt op dat in geval in het onderzoek van het O.M de hulpofficier van Justitie, dat is de inspecteur van politie, wel het dossier van de, volgens het O.M twee ex-leden van het Jungle Commando heeft opgesteld, er sowieso tucht op hem moet worden toegepast omdat hij dan buiten het handvest van de politie heeft gehandeld.
Het is overigens opmerkelijk dat het Openbaar Ministerie er wel voor kiest in alle haast een persbericht uit te geven, die vele vragen oproept, maar niet diezelfde wijze hanteert, of een persconferentie belegd, om de gemeenschap te informeren dat deze zaak nu aan de rechter is voorgelegd en al op 11 januari voor gaat. Er is ervoor gekozen om via slechts één medium deze belangrijke mededeling te doen.
Voor wat betreft het Lelydorp akkoord, zegt ex president Ronald Venetiaan dat er een verkeerde opvatting is in de samenleving alsof er sprake zou zijn van een discutable Kourou-akkoord. “Dat akkoord is nooit getekend om verschillende redenen, zoals ontevredenheid bij het toenmalig Jungle Commando over de inhoud van het concept Kourou akkoord en bij met name inheemsen die van mening waren dat met dat akkoord hun territoriale rechten en gezag in handen zouden komen van het Jungle Commando. Het is pas daarna dat de Tucajana groep is ontstaan”. Venetiaan, zegt dat het Lelydorp akkoord samen gaat met de in 1992 tot stand gekomen amnestiewet. Van Russel wijst er op dat de huidige vice president die leider is geweest van het Jungle Commando, zich er voor waakt die groep niet bij naam te noemen. Hij heeft recentelijk ook nog opmerkelijk hen aangeduid als zijn mannen”, zegt van Russel. De vice president heeft voor het laatst in 2005 gedreigd het Jungle Commando te heractivieren, omdat hij vond dat de afspraken in het Lelydorp akoord niet of voldoende werden nageleefd. Een daarvan was het opnemen van toenmalige jungle commando leden in gewapende diensten. De afgelopen dagen heeft de vice president echter zelf een vide-opname uitgegeven waarin hij openlijk praat over het ex Jungle Commando, waarmee hij de huidige situatie in het land dit weekeind zal bespreken. Van Russel zegt dat sinds het akkoord is gesloten, op één na volgend regeringen wel degelijk op de een of andere manier inhoud hebben gegeven aan wat er in staat opgenomen.
In het Lelydorp akkoord zijn aanvullende documenten en verklaringen opgenomen over het ontbinden van de rebellen groepen zoals ook van de Mandela – en de koffiemaka groep. Het akkoord beschrijft een compleet proces van ontwapening van de rebellengroepen, met een prominente plak voor de Organisatie van Amerikaanse Staten, . tot de ontwikkeling van lokale gemeenschappen in het binnenland.
UNITEDNEWS|WILFRED LEEUWIN
