NA AMSTERDAM BIEDT OOK UTRECHT EXCUSES AAN VOOR SLAVERNIJ-VERLEDEN
Foto compilatie: Burgemeesters Femke Halsema en Sharon Dijksma
Burgemeester Sharon Dijksma van Utrecht biedt vandaag namens het college van burgemeester en wethouders haar excuses aan voor het aandeel van het stadsbestuur in het slavernijverleden.
Hoewel Utrecht nooit grote koloniale instituties heeft gehad, is de stad toch nauw verbonden met de Nederlandse slavernijgeschiedenis. Dat toonde onderzoek aan dat in opdracht van de gemeente is uitgevoerd.
Achternaam wijzigen
Toen de slavernij werd afgeschaft, in 1863, moesten alle mensen die slaaf waren geweest, voor het eerst een achternaam krijgen, zodat ze geen ‘bezit’ meer waren, maar ‘burger’ zouden worden. Velen kregen een naam opgelegd door hun voormalige eigenaar, als een soort laatste brandmerk.
Als extra gebaar kunnen nazaten van tot slaafgemaakte mensen hun achternaam wijzigen. Vorig jaar diende de gemeenteraad een motie in om zo’n achternaamswijziging eenvoudiger en goedkoper te maken.
Deze mogelijkheid wordt op dit moment door het Rijk juridisch verder onderzocht, maar de gemeente Utrecht zet een stap naar voren door het nu al aan te bieden.
Pijnlijk
De Domstad besteedt dit jaar op verschillende manieren aandacht aan ‘de pijnlijke bladzijde in de Utrechtse geschiedenis’.
“Erkenning van dit akelige hoofdstuk maakt dat wij lessen kunnen trekken voor de toekomst. Bovendien laten we nazaten van slachtoffers zien dat wij onze geschiedenis niet vergeten, maar juist het gesprek aangaan over het slavernijverleden en de gevolgen hiervan.”
“Laat dit een voorbeeld zijn voor het kabinet om op landelijk niveau excuses te maken, want dit is breder dan Utrecht alleen”, zo zegt Dijksma tijdens een speciale bijeenkomst in de Janskerk.
Andere steden
De afgelopen tijd maakten meerdere steden al excuses voor deelname in het koloniale en slavernijverleden. Rotterdam deed dat in december, en Amsterdam in juli vorig jaar.
Bron: RTL Nieuws / ANP
NEDERLAND

