DEMOCRATISERINGSPROCES SURINAME IS OEFENING VAN VALLEN EN OPSTAAN (SLOT)

Het democratiseringsproces in Suriname heeft vanaf 1975  met de onafhankelijkheid een eerste valse start gemaakt. Het proces is anno 2019 verworden tot een die door wetenschapper Hans Lim a Po wordt getypeerd als een oefening van vallen en opstaan.

Bij het verkrijgen van een eredoctorale erkenning door de Anton de Kom universiteit van Suriname, sprak hij een rede uit die op deze website in delen wordt gepresenteerd.  Vandaag het derde en laatste artikel in de serie. Lim A Po mocht na de rede zijn toegekende ere doctorale bul in ontvangst nemen. De universiteit heeft in verband met haar 50-jarig bestaan aan verschillende personen een eredoctorale onderscheiding toegekend.                                                               

Zwak en sterk populisme
De periode 1996 tot en met 2010 kenmerkt zich als een van zwak pluralisme. De diepere oorzaak is dat de politieke elite, hoewel zij divers is en wedijvert, is afgesneden van de massa. Er is grote politieke vrijheid maar weinig diepgang. De informele macht werd nauwelijks geremd omdat belangrijke staatsorganen door de regering stelselmatig werden ondermijnd. De onvrede van de bevolking nam in 1998 sterk toe toen de gevolgen van economisch wanbeleid duidelijk voelbaar werden. De aantasting van de onafhankelijkheid van de Rekenkamer en de justitie wekte de woede nog meer op. De termen goed bestuur, hervorming van de publieke sector in het ontwikkelingsplan van 2000 – 2005 ontbraken aan concrete doelstellingen en een realistische kalender voor de uitvoering.

Bij sterk populisme is de politieke ruimte beperkt maar wel nog steeds reëel en worden de institutionele basisvoren van democratie gerespecteerd. Wel domineert een politieke groep of persoon het politiek domein. Vereenzelviging van staat en partij resulteert in verval van de bureaucratie en ontbreekt een gelijk speelveld voor wedijverende partijen. De periode na 2010 toont sterke voorbeelden van sterk populisme. Het instellen van presidentiële taskforces is een goed voorbeeld. De macht van de ministers wordt ingekort, de intensieve betrokkenheid van het parlement wordt ingekort. Ook het ventileren van onbehagen over het functioneren van de rechterlijke macht door politieke machthebbers is in die periode een syndroom van sterk populisme. Het gevolg van dit alles is dat democratische beginselen en procedures aan relevantie inboeten en door informele instituties worden verdrongen.

Democratie
Het systeem van de democratie kent een aantal verbonden domeinen. Voor het bewerkstelligen van sociaaleconomische vooruitgang, orde en rechtvaardigheid zijn zij van elkaar afhankelijk. Het gaat om:

  • een vrij en actief maatschappelijk veld waarin groepen, bewegingen en individuen waarden articuleren, zich met elkaar verbinden en hun belangen behartigen in relatieve zelfstandigheid ten opzichte van de staat.
  • het politiek domein waarin politieke organisaties zichzelf organiseren.
  • het domein van de rechtstaat, waarin alle belangrijke actoren in het maatschappelijk en politiek domein respect voor hebben en het verdedigen.
  • naast deze drie domeinen horen zeker ook bureaucratie en economie. Bureaucratie waarborgt het monopolie van de macht van de staat om te bevelen, te reguleren en belasting te innen. Het economisch domein gaat om met de spanningen tussen staat en markt. Deze domeinen zijn in Suriname na 1975 onveranderd koloniale relikwieën gebleven. Omdat de functionaliteit van de instituties van deze domeinen na 1975 niet of slechts incidenteel zijn verbeterd. Suriname bleek niet in staat om met de democratische tegenstrijdigheden en spanningen een evenwichtige omgang te vinden.

Publiek debat
Het publiek debat is het instrument dat buiten verkiezingen om voor voldoende controle van kiezers op de overheid moet zorgen. Het publiek debat in Suriname is echter marginaal, onder meer vanwege de zwakke instituties van het maatschappelijk middenveld. Controle op de effectiviteit van het beleid door onafhankelijke overheidsinstituten zoals de Rekenkamer en de Ombudsman ontbreekt.
De Surinaamse economie vertoont sterke kenmerken van de koloniale periode. De betrokkenheid van de overheid bij economische activiteiten is alom vertegenwoordigd en doordringend. Hoewel in de laatste decennia de voorkeur voor de markt boven de overheid als motor van de economie is gepropageerd, is de betrokkenheid van de overheid in vrijwel alle sectoren onverminderd.

Lim A Po concludeert dat de kwaliteit van de Surinaamse democratische rechtsorde niet is verbeterd gedurende de democratiseringsprocessen. De fundamentele tegenstrijdigheden en de spanningen die ze oproepen zijn vanuit een oogpunt van democratie en rechtstaat niet vertaald naar doelmatige instituties. Hij citeert Barack Obama, die bij de herdenking van de honderdste geboortedag van Mandela in een lezing zei, ‘It is also the civic culture that we build that make democracy work’.

Wanner gesproken wordt over een ‘civic culture’ heeft men meestal een ideale democratische cultuur voor ogen. Een cultuur die kan bloeien omdat de mensen er actief bij betrokken zijn en in die betrokkenheid streven zij niet alleen hun private belang na maar nemen zij ook hun burgerrol op. Hoewel Lim A Po zich realiseert dat perfectie niet van deze wereld is zou het volgens hem een fundamentele denkfout zijn om op basis daarvan te concluderen dat genoegen moet worden genomen met de confronterende realiteit.

“Realisme om tot een betere samenleving te komen is cruciaal en naïviteit moet worden voorkomen. Maar dat realisme moet altijd met idealen worden geconfronteerd. Idealen fungeren als het onvermijdelijke kompas bij de niet eenvoudige en vaak moeizame zoektocht naar wat het algemeen belang vereist. Want wie zich zonder idealen in een debat over de toekomst van de samenleving begeeft, verdwaalt onvermijdelijk en laat de samenleving in de steek’, zegt Lim A Po.

Het betekent volgens hem wel dat het besef en de commitment tot naleving van ‘civic duties’, moeten worden aangeleerd. Daarom is burger onderwijs belangrijk. Dit moet plaatsvinden door jongeren naast vakkennis ook kennis bij te brengen van hun burgerlijke plichten en verantwoordelijkheden en door deelname van volwassenen aan het publiek debat.

Gebrekkige democratie
Suriname is een democratie omdat zij regelmatig open en eerlijke verkiezingen houdt en politieke en persoonlijke mensenrechten worden gerespecteerd. Het democratiseringsproces dat vanaf 1975 in fasen is verlopen is een proces van vallen en opstaan gebleken. De gebrekkigheid van de democratie ligt in de staat van instituties. Die zouden op een evenwichtige en stabiele wijze behoorlijk bestuur moeten waarborgen, inclusief het afleggen van verantwoording daarover. In deze gebrekkige democratie ontbreekt een cultuur van transparantie van de overheid en een breed maatschappelijk draagvlak, gesteund op vertrouwen van de burgers in de politieke en de politie elite. Het is zaak dat deze manco’s worden opgeheven. Daarvoor zullen noodzakelijke specifieke voorzieningen tegen, praktijken zoals corruptieve getroffen moeten worden.

“Ik bepleit dat we een stap verder gaan en ons inspanning voor verdieping van onze burgerlijke cultuur. Hiermee bereiken we niet alleen dat de controle op de overheid wordt versterkt, maar ook dat lange termijn denken door en voor de samenleving wordt gestimuleerd en door de overheid wordt gewaardeerd. Suriname heeft het verleden in de rug, maar daarmee nog niet achter de rug. De ballast van het verleden rust zwaar op de samenleving. We moeten nu vermijden dat we als samenleving met de rug naar de toekomst gaan staan. We moeten alles wat in ons vermogen ligt, doen, om nu ook voorwaarts te democratiseren”, zegt Lim  A Po.

UNITEDNEWS

 

 

 

Facebook Comments Box