GELDSTROOM VAN DIASPORA NAAR LATIJNS-AMERIKA EXPLODEERT | REGIO ONTVANGT USD 168,6 MILJARD

De financiële steun van migranten aan hun families in Latijns-Amerika en het Caribisch gebied is in tien jaar tijd meer dan verdubbeld.

In 2025 stroomde USD 168,6 miljard aan overmakingen naar de regio, een stijging van 132 procent ten opzichte van 2016.

Daarmee kende de regio wereldwijd de sterkste groei van de zogenoemde remittances. Dat blijkt uit een nieuw rapport van het International Fund for Agricultural Development (IFAD), een VN-organisatie die zich onder meer richt op ontwikkeling en plattelandsarmoede. Ook naar Suriname wordt er vanuit het buitenland, waaronder vooral Nederland, veel geld overgemaakt.

Wereldwijd maakten migranten vorig jaar USD 728,6 miljard over naar gezinnen in lage- en middeninkomenslanden. Dat is 94 procent meer dan tien jaar eerder. De geldstroom groeide daarmee veel sneller dan het aantal migranten uit deze landen, dat in dezelfde periode met 28 procent toenam.

Volgens IFAD betekent dit dat migranten gemiddeld meer geld naar huis sturen. Naar schatting 220 miljoen migranten en leden van diasporagemeenschappen ondersteunen inmiddels ongeveer 1,1 miljard familieleden.

De bedragen worden doorgaans in relatief kleine delen overgemaakt. Volgens IFAD gaat het gemiddeld om USD 300 tot USD 400 per transactie, waarbij migranten ongeveer negen tot tien keer per jaar geld naar huis sturen. De omvang van de geldstroom maakt remittances tot een belangrijke economische factor.

Het bedrag dat in 2025 wereldwijd naar gezinnen in lage- en middeninkomenslanden werd gestuurd, was ruim vier keer zo groot als de officiële ontwikkelingshulp en lag ook boven de buitenlandse directe investeringen in deze landen.

De Verenigde Staten blijven veruit de belangrijkste herkomst van remittances voor Jamaica en de bredere regio. In juni kwam ongeveer twee derde van het Jamaicaanse bedrag uit de VS. Het Verenigd Koninkrijk volgde met 10,8 procent, Canada met 9,3 procent en de Kaaimaneilanden met 6,3 procent.

Die afhankelijkheid brengt volgens IFAD ook risico’s met zich mee. Deportaties, beperkingen op werk voor migranten of een afzwakkende vraag naar arbeidskrachten in de Verenigde Staten kunnen de inkomsten van migranten en daarmee de geldstroom naar hun thuislanden onder druk zetten.

Tot nu toe ziet IFAD echter geen algemene daling als gevolg van het strengere migratiebeleid in de VS en delen van Europa. Migranten blijven volgens de organisatie in veel gevallen prioriteit geven aan de financiële behoeften van hun familie.

Voor sommige Midden-Amerikaanse landen zijn de overmakingen inmiddels goed voor een zeer groot deel van de economie. In 2025 waren remittances gelijk aan 30 procent van het bbp van Honduras, 28 procent van dat van El Salvador en 27 procent van Nicaragua.

Het grootste deel van het geld verdwijnt niet in investeringsprojecten, maar wordt gebruikt voor dagelijkse behoeften. Ongeveer 75 procent gaat naar onder meer voedsel, huisvesting en nutsvoorzieningen. Het overige kwart wordt besteed aan gezondheidszorg, onderwijs, woningen, sparen en ondernemingen.

Ook plattelandsgebieden profiteren aanzienlijk. In 2025 ging bijna US$233 miljard, ongeveer een derde van alle remittances, naar rurale economieën. Daar zijn werkgelegenheid, financiële diensten en infrastructuur vaak beperkter beschikbaar.

IFAD ziet de geldstromen daarnaast als een belangrijk vangnet bij natuurrampen en andere economische schokken. Gezinnen kunnen ermee verloren inkomsten opvangen en herstelwerkzaamheden financieren.

UNITEDNEWS

 

Facebook Comments Box