KRITIEK OP OLIECONTRACT: GUYANA DRAAGT LASTEN, OPBRENGSTEN VLOEIEN NAAR EXXON-INVESTERINGEN

Foto: accountant en advocaat Christopher Ram | Bron: Kaieteur News
De Guyanese overheid ligt onder vuur vanwege haar aanpak van het oliecontract met ExxonMobil. Volgens accountant en jurist Christopher Ram laat de regering toe dat miljarden aan potentiële inkomsten worden uitgesteld, terwijl opbrengsten uit bestaande olieproductie feitelijk opnieuw worden geïnvesteerd in toekomstige projecten binnen het Stabroek-blok.

Tijdens een programma van het Oil and Gas Governance Network, uitgezonden via Kaieteur Radio, uitte Ram scherpe kritiek op het ontbreken van zogeheten ‘ring-fencing’ in het contract met ExxonMobil. Deze bepaling zou vereisen dat elk afzonderlijk olieproject zijn eigen kosten draagt, waarna winsten per project worden verdeeld tussen de staat en de operator.

Door het ontbreken van deze constructie kan ExxonMobil tot 75 procent van de olieproductie aanwenden om kosten van nieuwe, nog niet operationele projecten te dekken. Dit betekent dat Guyana inkomsten misloopt, terwijl opbrengsten uit lopende productie feitelijk worden herbelegd in verdere offshore-ontwikkeling.

Volgens Ram fungeert Guyana daarmee impliciet als investeerder in het Stabroek-blok, zonder echter erkend te worden als zodanig of te profiteren van bijkomende fiscale voordelen.

“De staat ziet af van winsten die vervolgens worden geïnvesteerd, zonder enige compensatie. Dat komt neer op een verkapt joint venture-partnerschap, maar dan zonder rechten of opbrengsten,” stelde hij.

De jurist kwalificeerde deze gang van zaken als “amateuristisch” en sprak van een gebrek aan fundamenteel inzicht in contractbeheer bij de overheid. Ook hekelt hij de weigering van de regering om het bestaande contract te heronderhandelen, ondanks eerdere politieke beloften.

Opmerkelijk is dat huidig vicepresident Bharrat Jagdeo zich vóór zijn aantreden fel uitsprak tegen het ontbreken van ring-fencing in het in 2016 gesloten productiecontract. Destijds beschuldigde hij de toenmalige coalitieregering ervan het land te hebben “verkocht aan buitenlandse belangen” en beloofde hij heronderhandelingen zodra zijn partij weer aan de macht zou komen.

Sinds zijn terugkeer in de regering in 2020 verdedigt Jagdeo echter het bestaande contract. Hij stelt dat het respecteren van contractuele afspraken essentieel is en dat het huidige model Guyana op termijn aanzienlijke inkomsten zal opleveren, ondanks de ongelijke verdeling in de beginfase.

Ram betwist die redenering. Volgens hem is ring-fencing een gangbare bepaling in internationale oliecontracten en kan deze zelfs zonder wijziging van de overeenkomst worden toegepast. Het uitblijven daarvan noemt hij een ernstige beleidsfout die de onderhandelingspositie van Guyana ondermijnt.

De kern van de kritiek is dat Guyana, ondanks zijn status als snelgroeiende olieproducent, nog altijd wacht op substantiële financiële voordelen, terwijl de opbrengsten van vandaag de basis leggen voor toekomstige winsten van buitenlandse oliebedrijven.

UNITEDNEWS|REGIO

 

 

Facebook Comments Box