UITSTELGEDRAG: ENERGIE IN DE VERKEERDE DINGEN

Get real time updates directly on you device, subscribe now.

Ook weleens moeite om aan iets te beginnen? Kun je jezelf er niet toe zetten? Terwijl je toch uit ervaring weet dat het achteraf meestal wel meevalt? En dat het vaak plezierig is om het maar achter de rug te hebben? Uitstelgedrag… Lees hieronder wat erachter kan zitten en doe er wat aan.

Als uitstellen voor jou wel een dingetje is, ben je niet alleen: veel mensen hebben er last van. Confronterend soms, want het is gedrag waarin zowel je bewuste als je onbewuste gedachten en (voor-)oordelen zich laten zien. Bij uitstelgedrag is er een drijfveer actief die laat zien dat wat je zegt te willen, niet in overeenstemming is met wat je doet.

Van dat gedrag zijn er grofweg drie varianten: je hebt mensen die slecht kunnen doorgaan, mensen die slecht ergens mee op kunnen houden en er zijn dus mensen die slecht kunnen beginnen.

Doen maakt minder moe
Het goede nieuws is dat die drie nooit in die vorm tegelijk voorkomen: iemand die niet sterk is in het één, is vaak juist wel sterk in iets anders. Maar uitstelgedrag is wel de meest schadelijke en zeker voor ondernemers, stellen van Eck en van der Mieden in hun nieuwe boek ‘Groeiversnellers’ (Boom, ISBN 978 90 2442 7567). Want ‘doen maakt minder moe’, schrijven ze. Het is één van de vele tips voor alle vijf fasen van groeiende organisatie en deze hoort bij de pioniersfase. Logisch, want zeker beginnende ondernemers kunnen bekaf raken van de gedachte aan alles dat ze moeten doen. Dat kan zo erg worden, dat ze überhaupt niet starten en dat hun ondernemerschap een vermoeiende droom wordt.

In het nu: doen
In hun boekje geven van Eck en van der Mieden drie bijna universele tips:

– Stel niets uit tot later; hoe eerder hoe beter is de gouden stelregel;
– Doe eerst wat je moeilijk vindt. Dat geeft energie als het klaar is en anders blijft het toch maar in je hoofd doorzeuren;
– Doe simpele zaken als je moe bent, want dat kan dan nog net. Zo verspil je geen energie aan simpele zaken.

De schrijvers houden je in ‘het nu’ en adviseren je om, met je doel voor ogen, maar gewoon te gaan doen. Dat is één benadering; voor iedereen die de stap van #hoedan naar #doedan niet zo gemakkelijk maken kan, heb ik nog een andere.

Vanuit je doel: plannen
Een andere benadering is om je uitstelgedrag vanuit een visualisatie van het gerealiseerde doel voor jezelf begrijpbaar te maken. Vanuit de toekomst terug redeneren, zeg maar. Daar kun je prima zelf mee aan de slag, zodat je jezelf beter kunt managen en je bijvoorbeeld je uitstelgedrag aan kunt pakken.

Ik geef je wat handvatten om je uitstelgedrag te onderzoeken en ik put uit het repertoire van de positieve psychologie (zie ook “Hoe we zelf ons succes saboteren”). Daarvoor gebruik ik hier de techniek van de tijdlijn, waarbij je fysiek speelt met het heden en de toekomst. Dat is belangrijk, want wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat onze fysieke beleving doorwerkt in onze mindset: je geheugen zit niet alleen in je hoofd (Paul Pearsall, 1999).

Doe het volgende
– Stel jezelf een doel en stel je voor hoe het zal zijn als je dat bereikt hebt. Hoe ziet het eruit, wat hoor je en wat voel je? Wat doe je als je je doel hebt bereikt, welke invloed heeft dat op je omgeving? Visualiseer: maak een helder beeld met zoveel mogelijk details. Schaaf net zo lang bij totdat je helemaal tevreden bent en het beeld helemaal klopt. Je kunt dan een poster, moodboard of MindMap maken met onderdelen die het doel visualiseren of je maakt een lijstje waar dit allemaal op staat. Hoe dan ook versterkt opschrijven het effect.

– Ga in de ruimte staan met de poster, het moodboard of je lijstje in je hand. De plaats waar je staat is het heden, het nu.

– Stel je dan nu ook de toekomst voor. Waar bevindt die zich dan in deze ruimte? Loop er naar toe en ga op die plek in de toekomst staan: dat is waar en wanneer jij je doel hebt bereikt. Wees je er bewust van hoever je dan staat vanaf het nu. Leg je gevisualiseerde doel daar neer, loop terug naar het nu en kijk van daar naar je doel.

– Vanuit het nu kun je overwegen om de plek waar jij je doel hebt neergelegd dichterbij te halen of verder weg te plaatsen, als ware het een deadline. Voel hoe dat voelt. Als het goed voelt, laat je het doel daar liggen en anders leg je het terug.

– Kijkend naar je doel formuleer je je stappenplan, staande op het nu. Wat èn wie heb je nodig om je doel te bereiken? Wat ga je doen? Verdeel de tijd tot aan het doel in bijvoorbeeld 3 tot maximaal 7 stappen, waarbij je de allereerste stap definieert als de kleinst mogelijke stap om het traject in gang te zetten. Leg als deze stappen op je tijdlijn, met papiertjes die je nummert. Ga daarna weer terug naar het nu.

– Kijkend naar je doel en je stappenplan, onderzoek je per stap of er in je verleden hulpbronnen zijn die je kunt gebruiken om deze stap succesvol af te ronden. Visualiseer je verleden, neem wat afstand en ontdek of er één of meerdere lessen uit situaties in je verleden te trekken zijn, die behulpzaam kunnen zijn bij het halen van je doel. Denk aan de hulpbronnen die je tot je beschikking hebt.

– Denk, als je dat wilt, ook aan een situatie uit je verleden waarin je succes of vertrouwen hebt ervaren. Welke lessen zijn er nog te leren uit die situaties?
– Als je dit hebt gedaan, ga je weer naar het nu. En dan ga je in gedachten naar de eerste stap van je stappenplan met de hulpbronnen uit de vorige stappen van deze oefening. Integreer de lessen in het nu en in je eerste stap. Verandert er iets aan je perspectief, aan je beleving? Ga verder naar de 2e stap van je stappenplan en zo verder tot aan je doel.

– Ga weer terug naar het nu. Kijk naar het traject dat je zojuist hebt afgelegd, neem het beeld helemaal in je op. Zie de allereerste stap die je definieerde als de kleinst mogelijke stap om het traject in gang te zetten en ga aan de slag.

Op deze manier kun je, met je nieuwe inzichten, je perspectief daadwerkelijk veranderen zonder dat het je veel moeite kost. Omdat je inzichten ook uit je onbewuste komen, ontdek je je werkelijke drijfveren. Het is dus helemaal niet ondenkbaar dat je eindelijk ontdekt waarom je maar bleef uitstellen. Het kan zijn dat de stappen niet in de goede volgorde stonden, te groot waren of te gedetailleerd, of dat je niet eens een goed doel geformuleerd had.

Niet doen: ook goed
Visualiseren is een krachtige methodiek om a) te ontdekken of je de juiste verwachtingen hebt van een denkbeeld en b) te ontdekken of je je er werkelijk aan wilt conformeren. Want ook als in het laatste geval je antwoord ‘nee’ blijkt, heeft het je iets opgeleverd: je gaat je energie niet in de verkeerde dingen

BRON|ONDERNEMEN